Wie kan me helpen? Wiskunde?

Oke, ik moet een PO maken voor wiskunde en het gaat over deelbaarheidstesten. Nu hebben we we al wel gevonden hoe de deelbaarheidstesten van 3, 4, 7, 9, en 11 moeten, maar we kunnen de juistheid er van niet verklaren. Dus mijn vraag aan alle mensen met een wiskundeknobbel… Hoe toon je aan dat een deelbaarheidstest voor een getal klopt?

Alvast bedankt!

Ik heb dat nog nooit gehad, dus ik kan je niet helpen.

Ik heb het ook nog nooit gehad, sorry!

Zelf nooit gehad; maar misschien staat er hier iets van bij;
http://www.demathe.nl/dow…0opdracht%202008_2009.doc

can’t help you.

upje voor jou, dus!

In welke klas zit je? En welke soort wiskunde doe je? A of B?

Wiskunde B 5 vwo

dan kan ik je niet helpen. Moet ik nog een jaartje wachten, dan zit ik in 5 vwo wiskunde B (:

ik doe wiskunde B op 5vwo, maar ik heb nog nooit van deelbaarheidstesten gehoord en wij hoeven ook nooit po’s te maken, dus ik kan je ook niet helpen.

Ik doe wiskunde A op 5 vwo en heb ook nog nooit van deelbaarheidstesten gehoord…

Wiskunde B en D, net V4 afgerond. Komt me totaal niet bekend voor.

om geen nieuw topic te hoeven openen voor mijn vraagje, stel ik 'm wel in dit topic, het is trouwens wiskunde b vwo5 en het zijn hele makkelijke vragen, maar ik kan er nu echt ff niet meer opkomen;

  • Hoe gaat de kettingregel ook al weer (dy/dx?)
  • Hoe primitiveer je ook alweer 2x?

ja ik weet het ze zijn heel makkelijk, maar ik kan er nu echt niet opkomen :zipper_mouth_face:

De kettingregel is zeg maar het getal dat tussen haakjes staat of onder de wortel differentieren, dus bijvoorbeeld bij 2(3x-2) tot de 3de wordt de kettingregel 3. Dat stukje van (3x-2) noem je u, als je differentieert doe je keer u’. Dus dan wordt het 6(3x-2) tot de 2de keer u’ dus keer 3 Dus uiteindelijk wordt het dan 18(3x-2).
Bij primitiveren doe je het net andersom, namelijk:
-hoog de exponent 1 op
-deel door de opgehoogde exponent
Dus bij 2x:
Hoog de exponent 1 op: 2x tot de 2de
deel door de opgehoogde exponent: 2/2
Dus wordt het x tot de 2de.

vraag 1:
de kettingregel:
Je differentieert van buiten naar binnen dus als je hebt:

cos(3x+1) doe je eerst cos differentieren: dat wordt -sin(3x+1) dat doe je keer de afgeleiden van (3x+1), dat is 3.
de afgeleiden van cos(3x+1) is dus -3sin(3x+1)

en dan primitiveren:
je doet bij de x 1 optellen, dat wordt hier 2
het getal voor de x deel je door de nieuwe exponent (hier 2) en tadaa :slightly_smiling_face:
dus 2x wordt x^2

oja dankjulliewel!

Nu ik het lees weet ik het weer :wink:

Zet t in je GR! Succes :grinning: