[verhaal] Verborgen Strijd

Verborgen Strijd
Wat doe je wanneer je vriendin in een levensbedreigend situatie verkeerd en jij de enigste bent die er vanaf weet?

Proloog
-Eva-

Ik was bezig met mijn huiswerk op het moment dat ik vanuit mijn ooghoeken zag dat de deur van mijn kamer open ging. ‘Mam,’ zei ik, ‘ik snap er echt helemaal niks van, kun je me helpen?’ Ik hoorde een lachje achter me en herkende daaruit de stem van Leona. ‘Nou dochter,’ zei ze, ‘laat maar eens zien!’ Ik draaide me om en grijnsde. Leona trok me omhoog uit mijn stoel en omhelste me. ‘Hallo lieverd!’ zei ze. Ik glimlachde en antwoorde: ‘Ik was er heilig van overtuigd dat m’n moeder binnenkwam.’ Leona grinnikte.

Even vond er een stilte plaats, iets wat eigenlijk nooit gebeurde. Leona wipte van haar ene naar haar andere been, alsof ze zenuwachtig was. Ik keek haar aan, ‘Is er iets?’ vroeg ik. Leona knikte, haar glimlach was van haar gezicht verdwenen. Ik liep naar mijn bed en ging erop zitten, Leona volgde mijn voorbeeld. Ik zag hoe ze op haar lip beet. ‘Gaat het wel?’ vroeg ik. ‘Ja,’ zei ze en tegelijkertijd schudde ze nee. Ze opende haar mond en even later sloot ze hem weer, zonder dat er een woord uitgekomen was. Ineens stond ze heel snel op. ‘Godverdomme,’ zei ze. Ik keek haar verbaast aan. Nog nooit eerder had ik Leona horen vloeken. Leona gooide wanhopig haar handen in de lucht. Ze stampte met haar voeten op de grond en beukte tegen de muur. Ik keek alleen maar toe, mijn mond hing open van verbazing. Een Leona die vloekte, dat was één, maar een Leona die haar emoties niet in bedwang kon houden en daarom in het rond sprong?! Er was iets mis, op dat moment wist ik 100% zeker dat mijn gevoel het al die tijd goed had gehad.

Dit was het 1e stukje, iemand tips/adviezen etc? Doorgaan?

het lijkt me leuk! Ik heb nu nog geen tips want volgens mij doe je het heel goed hoor! :slightly_smiling_face:

@TypeMachine: thanks!

[size=2] Leona was al zolang ik me kon herinneren mijn beste vriendin, vroeger waren we zelfs buurmeisjes, alleen verhuisde Leona gedurende onze basisschooltijd naar de andere kant van de stad. Leona en ik waren altijd samen. Toen we beiden naar een andere middelbare school gingen zagen we elkaar misschien minder, maar onze vriendschap bleef.

[size=2]‘Spiegel[/i]
[size=2]Een glimlach die trilt,
[size=2]gillen, krijsen van een ongekende pijn.

[size=2]tegelijkertijd mijn dood.[/i]
[size=2]Behalve een acteertalent
[i]

[size=2]Ik keek op van het schrift, sprakeloos. ‘Wat is dit?’ vroeg ik, ‘van wie is dit?’ Leona keek me aan, ‘Van mij.’ zei ze. Ik kon mezelf wel voor mijn kop slaan, wat deed ik dom. ‘Maar waar gaat dit over?’ vroeg ik. Leona haalde diep adem en zei: ‘Ik heb moeite met eten.’ Ik keek haar aan, ineens zag ik alles wat me in het verleden was ontgaan. Die ene zin was het antwoord op alle vragen die ik haar de afgelopen weken, nee maanden, gesteld had.

Hoofdstuk 1
-Leona-
Ik voelde een opluchting, ik had het haar verteld. Ik had iemand op de hoogte gesteld van mijn probleem. Maar wat zouden daarvan de gevolgen zijn? Ik wist het niet. Ik fietste naar huis, zo snel mogelijk, mijn benen moesten werken van me. Vet verbranden. Al dat lelijke vet moest weg. ‘Jij trut,’ zei een stem in mijn hoofd, ‘hoe kon je me zo verraden? Straks gaat Eva je nog in de gaten houden! Idioot!’ Ik schudde mijn hoofd, ‘Niet naar luisteren Leona, niet naar luisteren! Eva is al jaren je vriendin, ze is een lieve meid.’ ‘Straks gaat ze zich met ons bemoeien trut, Straks dwingt ze je om weer te eten, om weer dik te worden.’ ‘Nee Leona,’ stamelde ik met moeite tegen mezelf, ‘je bent goed zoals je bent…’ ‘Ha,’ schreeuwde de stem in mijn hoofd, ‘Grapje zeker? Jij? goed?! Jij bent een dik varken. Een lui, dik, laf varken.’ Tranen stroomden over mijn wangen. ‘Zwakkeling…’ Ik knikte; ‘Je hebt gelijk.’ fluisterde ik bijna onhoorbaar. ‘Natuurlijk heb ik gelijk, voor straf fietsen we wat rondjes extra. Sneller, sneller! Gebruik je spieren, span alles aan. Verbrand dat vet!’

Toen ik eenmaal thuis aankwam was ik kapot, ik trilde over mijn hele lichaam. Ik haalde de sleutel onder de nep-steen naast de deur vandaan en opende de deur. ‘Pap?’ riep ik, ‘ik ben thuis!’ Er kwam geen antwoord, ik schopte mijn schoenen uit en sloop op mijn tenen naar mijn vaders kamer. Toen ik de deur op een kier opende zag ik dat papa lag te slapen. Papa sliep vaak, het ging niet zo goed met hem. Ik sloop de kamer binnen en keek naar de foto op het nachtkastje, een foto van mama met mijn baby-zusje Lizzy. De foto was in 2006 gemaakt in de achtertuin, nu alweer zeven jaar geleden. Ik wierp nog een blik op mijn vader en verliet de kamer.

Op mijn horloge zag ik dat het pas 16.00 was, ik pakte een glas water en liep naar mijn eigen kamer. Ik voelde me niet zo goed, ik was erg emotioneel. Ik besloot om mijn achteraf geschreven dagboek te herlezen, alhoewel ik net deed alsof ik het in 2006 geschreven had, was dat in werkelijkheid pas jaren later. Maar voor mij was het van grote betekenis, het waren immers mijn herinneringen.