[verhaal] Sinking in (tijdelijke titel)

hee,
ik ben dus begonnen een verhaal te schrijven.
De titel is tijdelijk, dit omdat hij engels is maar wel een nederlands verhaal, dus ik ben nog op zoek naar een leuke nederlandse titel.
laat me weten wat jullie ervan vinden en of ik door moet gaan!

Waar gaat het verhaal over?
Het is Marith’s droom om te studeren in Frankrijk. Maar als plots de problemen zich opstapelen weet ze niet meer of ze haar droom nog wel kan waarmaken…

[b]Hoofdstuk 1

Dus dit werd er bedoeld met examenstress. Urenlang aan je werktafel zitten werken, en als je dan om 1 uur ’s nachts eindelijk van jezelf mocht slapen, lag je de hele nacht te piekeren over de toets die je op die dag zou hebben. En dan was je zo uitgeput dat je de toets verknalde. Wat het gepieker alleen nog maar erger maakte.
Ik keek op de klok. Kwart voor twaalf. Als ik nu niet ging slapen, zou ik over vijf minuten met mijn hoofd op tafel vallen. Dan slaap ik toch liever in mijn bed. Ik stond op en kleedde me om. Nadat ik mijn tanden had gepoetst ging ik meteen naar bed. Jammer dan dat mijn make-up er nog op zat.
Morgen had ik die wiskunde toets… De moeilijkste van al mijn toetsen, verwachtte ik. En overmorgen Frans, wat ik niet eens zo heel erg vond. Ik hield van Frankrijk. De taal, het land zelf, de mensen, de cultuur… Ik ging volgend jaar dan ook studeren in Frankrijk, in Parijs. Wat had ik daar zin in! Daar deed ik het allemaal voor. En het was al zo dichtbij…
Ik schrok van de telefoon. Wie belde er nou weer om twaalf uur ’s nachts? Mijn vader was nog beneden, hij wachtte altijd op mijn moeder als ze nog aan het werk was. De telefoon ging nog een keer over. Mijn vader nam op. Het zou mijn moeder wel zijn die belde om te zeggen dat haar werk er op zat.
“Ja, u spreekt met de familie Spigt. Is er wat aan de hand?” O, het was toch niet mijn moeder. Maar wie kon het dan zijn? Ik wachtte een tijdje tot mijn vader nog iets zei, maar er kwam niets. Nu werd ik wel ongerust. Ik stapte uit bed en liep naar beneden. Daar trof ik mijn vader aan met een lijkwit gezicht en vochtige ogen. Ik voelde mijn hart in mijn keel bonzen. Het zweet brak me uit.
“Pap, wat is er?” vroeg ik overstuur. Geen antwoord. “Pap!” Niets. Hij keek me alleen aan.
Ineens ging er een schok door me heen. Nee, dat kon niet.
“Het is toch niet mama hè, je gaat me niet vert…” Mijn stem brak. Mijn vader knikte zachtjes en sloot toen zijn ogen. In de telefoon klonk een pieptoon. De melder van dit bericht had opgehangen. Na elke seconde die verstreek werd ik misselijker. Zo misselijk was ik nog nooit geweest. Langzaam werd het zwart voor mijn ogen. Ik liet mezelf mee de duisternis in sleuren totdat alles weg was. [/b]

Wel mooi tot nu toe. Alleen jammer dat je al verklapt dat haar moeder dood gaat :stuck_out_tongue:

bedoel je dan dat ik van te voren al schrijf waar het verhaal over gaat,
of bedoel je dat het meteen al in het eerste stukje begint? Ik had het meteen het eerste stukje gedaan, omdat met die gebeurtenis het verhaal eigenlijk echt begint.
Ik heb dat voorstukje veranderd als je dat bedoelde :wink:

Dit zou ik wel verder willen lezen:)

verderr

heb wat meer nodig :grinning:

leuk dat jullie het leuk vinden :slightly_smiling_face:
ik zal zo nog wat meer plaatsen!

ik heb weer een stuk geschreven, maar ik zet niet meteen alles neer zodat ik niet een keer heel veel heb en dan een hele tijd weer niks :wink:

Het was alsof ik in een donker bos liep, met een lichtpuntje voor ogen. Daar moest ik heen. Dat was mijn doel. Hoe meer moeite ik deed, hoe groter het lichtpuntje werd. Ook kwam er meer detail in. Een groene vlek, iets zwarts, en vooral veel licht. Ik moest harder lopen. Meer moeite doen. De groene vlek veranderde van vorm. Ik zag… Een plant.
“Marith?” Een stem van dichtbij riep iets. Ineens had ik weer besef. Mijn vader riep mijn naam. Met moeite opende ik mijn ogen.
“Marith!” Mijn vader boog zich over me heen en gaf me een kus op mijn voorhoofd. “Je raakte totaal in paniek. Je hyperventileerde en ineens was je weg…”
Ja. Ik herinnerde me het weer. Mama. Ik voelde de pijn door mijn lichaam gaan die mijn gedachten hadden veroorzaakt. Dat zag mijn vader en hij drukte zich dichter tegen me aan.
“En nu?” vroeg ik zachtjes snikkend.
“Ik weet het niet meisje, ik weet het niet…”
Zo lagen we daar een paar minuten, tot mijn vader de stilte onderbrak. Hij schraapte zijn keel om de brok in zijn keel weg te halen.
“Ben je niet moe?”
“Nee, ik kan nu echt niet slapen,” wist ik met moeite uit te brengen. Ik beet op mijn lip om niet te huilen.
“Zal ik een kopje thee voor je zetten?”
“Nee, dat hoeft niet.” Toch liep hij naar de keuken, en even later hoorde ik de waterkoker.