{Verhaal} onmogelijk

Wat vinden jullie van dit verhaal
  • Wel een leuk verhaal, maar niet goed geschreven
  • Wel een leuk verhaal, en goed geschreven
  • Geen leuk verhaal, maar wel goed geschreven
  • Geen leuk verhaal, en niet goed geschreven
  • ik heb geen mening

0 stemmers

Hoi! Ik ben begonnen aan een verhaal, en ik wil hem graag met jullie delen. Opbouwende kritiek is altijd welkom, en ik hoop dat jullie het leuk vinden
[i]Je hebt een droom, een droom waar je jaren voor hebt getraind. Zou het lukken? Hopelijk! En dan is dat moment, dat moment dat je droom zou kunnen uitkomen. Je doet je uiterste best, maar dan… Dan gaat het mis, alles gaat mis. Je grote droom, waar je zo je best op hebt gedaan om te laten uitkomen, zou nu nooit meer kunnen uitkomen. Je zou nooit meer kunnen doen waar je altijd van gehouden hebt. En niet alleen dat, maar je hele leven zou veranderen

Voor het verhaal begint….
Ik zucht, nu moet het gebeuren. Ik loop de auditieruimte in en ga op de stip staan, de muziek start en ik ga in mijn beginpositie staan. Ik voel de ogen van de jury in mijn rug prikken. Ik doe wat ik kan, alles wat ik kan. Ik werp een onopvallende blik op de jury, maar ze lijken niet heel enthousiast. Ik geef meer, en meer, en meer, maar ik geef te veel. Ik lig daar, op de koude vloer. Ik wil opstaan, maar het lukt niet. Ik kan me niet meer bewegen, de jury raakt in paniek, maar ik hoor ze niet. Ik raak buiten bewustzijn, en hoor niks meer, ik zie niks meer en ik voel niks meer. Ik lig daar gewoon op de vloer van de auditieruimte, zonder dat ik ook maar iets kan doen.
[/i]

Het is ‘ik loop’ ivp ‘ik loopt’ (ik is een ik-vorm, eerste persoon en er komt dus geen +t achter) Dat viel me even op, maar verder niets (niets negatiefs haha) het klinkt spannend.

oja, haha, veranderd :slightly_smiling_face:

ff een vraag, ik wil in mijn verhaal Whatsappje schrijven (verkleinwoord van een berichtje op whatsapp), maar hoe moet ik dat schrijven? Ik denk Whatsapp’je, maar is dat goed??

iemand??

Mooie manier van omschrijven hoe de onmacht over je lichaam voelt.

zo komt er nog een stukje, het begin van het echte verhaal

het eerste stukje! Opbouwende kritiek (zoals ik al zei) altijd welkom, ik hoop dat jullie het gaan volgen :smiling_face_with_three_hearts:
Hoofdstuk 1
Ik open mijn ogen. Waar ben ik? Een witte kamer, een stoel, een groot raam en een kledingkast. Alles is nog een beetje vaag. Maar dan dringt het tot me door, ik lig in het ziekenhuis. Ik probeer me te bewegen, maar het lukt niet. Vage beelden van de auditie verschijnen voor mijn ogen. Ik lag op de grond, ik kon me ook al niet bewegen. Ik probeer mijn armen te bewegen. Ik zucht, gelukkig lukt dat wel. Nu mijn benen, maar die lukken niet. Oké, het zal wel tijdelijk zijn, morgen kan ik mijn benen gewoon weer bewegen, denk ik, maar ik vertrouw mijn eigen gedachte niet. Ik kijk de kamer nog een keer rond, eerst naar het raam. Er staan 3 bomen achter het raam, 3 besneeuwde bomen. Ik krijg het al koud al ik naar die sneeuw kijk, dus ik kijk snel weg. Nu kijk ik naar de deur, een saaie, witte deur. Na een tijdje kijken, gaat de deur open, en er loopt een vrouw binnen. De vrouw is klein, met haar lange, blonde haren in een staart. Ze loopt naar me toe, en kijkt me aan. ‘Hallo, hoe gaat het? Heb je een beetje mee gekregen wat er is gebeurd?’ vraagt de vrouw, maar ik negeer haar. De vrouw pakt iets uit een bakje achter het bed en schrijft iets op. ‘Wat is er precies gebeurt?’ vraag ik, maar ik hoor mezelf bijna niet, het enige dat ik hoor is een stem, alleen een zachte stem die wat vage woorden zegt. ‘Je deed mee aan een auditie voor een dans show, maar je bent gevallen, en nu ben je…’ zegt de vrouw, maar ze maakt haar zin niet af. ‘Je benen zijn nu verlamd,’ zegt de vrouw. Ik weet niet wat ik moet zeggen, moet ik beginnen met huilen, niks zeggen, boos worden, door vragen? ‘Je ouders komen vanmiddag naar je toe, en ze hebben me je telefoon gebracht,’ zegt de vrouw, en ze heeft haar mijn telefoon, met een briefje erop. Wi-Fi-code: ZiekenhuisDeBoterBloem, staat erop. De vrouw glimlacht en loopt weg. Ik zet mijn telefoon aan en stel de code in. Gelijk krijg ik een stroom aan Whatsapp’jes. Ik ga online en zeg hoi, en nog geen seconde na mijn berichtje vraagt iedereen wat er aan de hand is. Ik heb er nu al spijt van, nu moet ik alles gaan uitleggen en kan ik er niet meer onderuit. Rustig leg ik alles uit, en mijn vriendinnen hebben gelijk al medelijden met me. Dan krijg ik een whatsapp’je binnen in een privé gesprek. Ik kijk in mijn gesprekken lijst, Rick heeft een berichtje gestuurd. Gelijk ben ik weer blij, hij denkt aan me. Ik mis hem, ik wil hem weer zien. Hoi schat, hoe gaat het? Lees ik. Het gaat wel, maar ik mis je, typ ik terug. Ik jou ook, krijg ik terug. We hebben een heel gesprek. Na een half uur zegt hij dat hij moet gaan, jammer, denk ik. We zeggen doei tegen elkaar, en ik zet mijn telefoon uit. Maar dan komt er iemand binnen lopen.

Ik kan niet echt iets lezen…

ow, geen idee hoe dat komt, nog een keer proberen
Hoofdstuk 1
Ik open mijn ogen. Waar ben ik? Een witte kamer, een stoel, een groot raam en een kledingkast. Alles is nog een beetje vaag. Maar dan dringt het tot me door, ik lig in het ziekenhuis. Ik probeer me te bewegen, maar het lukt niet. Vage beelden van de auditie verschijnen voor mijn ogen. Ik lag op de grond, ik kon me ook al niet bewegen. Ik probeer mijn armen te bewegen. Ik zucht, gelukkig lukt dat wel. Nu mijn benen, maar die lukken niet. Oké, het zal wel tijdelijk zijn, morgen kan ik mijn benen gewoon weer bewegen, denk ik, maar ik vertrouw mijn eigen gedachte niet. Ik kijk de kamer nog een keer rond, eerst naar het raam. Er staan 3 bomen achter het raam, 3 besneeuwde bomen. Ik krijg het al koud al ik naar die sneeuw kijk, dus ik kijk snel weg. Nu kijk ik naar de deur, een saaie, witte deur. Na een tijdje kijken, gaat de deur open, en er loopt een vrouw binnen. De vrouw is klein, met haar lange, blonde haren in een staart. Ze loopt naar me toe, en kijkt me aan. ‘Hallo, hoe gaat het? Heb je een beetje mee gekregen wat er is gebeurd?’ vraagt de vrouw, maar ik negeer haar. De vrouw pakt is uit een bakje achter het bed en schrijft iets op. ‘Wat is er precies gebeurt?’ vraag ik, maar ik hoor mezelf bijna niet, het enige dat ik hoor is een stem, alleen een zachte stem die wat vage woorden zegt. ‘Je deed mee aan een auditie voor een dans show, maar je bent gevallen, en nu ben je…’ zegt de vrouw, maar ze maakt haar zin niet af. ‘Je benen zijn nu verlamd,’ zegt de vrouw. Ik weet niet wat ik moet zeggen, moet ik beginnen met huilen, niks zeggen, boos worden, door vragen? ‘Je ouders komen vanmiddag naar je toe, en ze hebben me je telefoon gebracht,’ zegt de vrouw, en ze heeft haar mijn telefoon, met een briefje erop. Wi-Fi-code: ZiekenhuisDeBoterBloem, staat erop. De vrouw glimlacht en loopt weg. Ik zet mijn telefoon aan en zet de Wi-Fi aan. Gelijk krijg ik een stroom aan Whatsapp’jes. Ik ga online en zeg hoi, en nog geen seconde na mijn berichtje vraagt iedereen wat er aan de hand is. Ik heb er nu al spijt van, nu moet ik alles gaan uitleggen en kan ik er niet meer onderuit. Rustig leg ik alles uit, en mijn vriendinnen hebben gelijk al medelijden met me. Dan krijg ik een whatsapp’je binnen in een privé gesprek. Ik kijk in mijn gesprekken lijst, Rick heeft een berichtje gestuurd. Gelijk ben ik weer blij, hij denkt aan me. Ik mis hem, ik wil hem weer zien. Hoi schat, hoe gaat het? Lees ik. Het gaat wel, maar ik mis je, typ ik terug. Ik jou ook, krijg ik terug. We hebben een heel gesprek. Na een half uur zegt hij dat hij moet gaan, jammer, denk ik. We zeggen doei tegen elkaar, en ik zet mijn telefoon uit. Maar dan komt er iemand binnen lopen. [/i][/font]

alweer… Ik start GC ff opnieuw op

voor de 3e keer proberen…
Hoofdstuk 1
Ik open mijn ogen. Waar ben ik? Een witte kamer, een stoel, een groot raam en een kledingkast. Alles is nog een beetje vaag. Maar dan dringt het tot me door, ik lig in het ziekenhuis. Ik probeer me te bewegen, maar het lukt niet. Vage beelden van de auditie verschijnen voor mijn ogen. Ik lag op de grond, ik kon me ook al niet bewegen. Ik probeer mijn armen te bewegen. Ik zucht, gelukkig lukt dat wel. Nu mijn benen, maar die lukken niet. Oké, het zal wel tijdelijk zijn, morgen kan ik mijn benen gewoon weer bewegen, denk ik, maar ik vertrouw mijn eigen gedachte niet. Ik kijk de kamer nog een keer rond, eerst naar het raam. Er staan 3 bomen achter het raam, 3 besneeuwde bomen. Ik krijg het al koud al ik naar die sneeuw kijk, dus ik kijk snel weg. Nu kijk ik naar de deur, een saaie, witte deur. Na een tijdje kijken, gaat de deur open, en er loopt een vrouw binnen. De vrouw is klein, met haar lange, blonde haren in een staart. Ze loopt naar me toe, en kijkt me aan. ‘Hallo, hoe gaat het? Heb je een beetje mee gekregen wat er is gebeurd?’ vraagt de vrouw, maar ik negeer haar. De vrouw pakt is uit een bakje achter het bed en schrijft iets op. ‘Wat is er precies gebeurt?’ vraag ik, maar ik hoor mezelf bijna niet, het enige dat ik hoor is een stem, alleen een zachte stem die wat vage woorden zegt. ‘Je deed mee aan een auditie voor een dans show, maar je bent gevallen, en nu ben je…’ zegt de vrouw, maar ze maakt haar zin niet af. ‘Je benen zijn nu verlamd,’ zegt de vrouw. Ik weet niet wat ik moet zeggen, moet ik beginnen met huilen, niks zeggen, boos worden, door vragen? ‘Je ouders komen vanmiddag naar je toe, en ze hebben me je telefoon gebracht,’ zegt de vrouw, en ze heeft haar mijn telefoon, met een briefje erop. Wi-Fi-code: ZiekenhuisDeBoterBloem, staat erop. De vrouw glimlacht en loopt weg. Ik zet mijn telefoon aan en zet de Wi-Fi aan. Gelijk krijg ik een stroom aan Whatsapp’jes. Ik ga online en zeg hoi, en nog geen seconde na mijn berichtje vraagt iedereen wat er aan de hand is. Ik heb er nu al spijt van, nu moet ik alles gaan uitleggen en kan ik er niet meer onderuit. Rustig leg ik alles uit, en mijn vriendinnen hebben gelijk al medelijden met me. Dan krijg ik een whatsapp’je binnen in een privé gesprek. Ik kijk in mijn gesprekken lijst, Rick heeft een berichtje gestuurd. Gelijk ben ik weer blij, hij denkt aan me. Ik mis hem, ik wil hem weer zien. Hoi schat, hoe gaat het? Lees ik. Het gaat wel, maar ik mis je, typ ik terug. Ik jou ook, krijg ik terug. We hebben een heel gesprek. Na een half uur zegt hij dat hij moet gaan, jammer, denk ik. We zeggen doei tegen elkaar, en ik zet mijn telefoon uit. Maar dan komt er iemand binnen lopen. [/font]

waarom doet hij het nou niet?? :anguished:?

ik post morgen/vanavond wel een extra lang stukje

Je kunt ook het bericht bewerken, je hoeft niet telkens 't opnieuw te posten…

hij doet het, het bovenste berichtje is bewerkt.

Je schrijf mooi! Ik volg Haha!

hier een stukje, ik hoop dat het leuk is, na dit stukje ga ik een poll toevoegen, en ik zou het leuk vinden als jullie hem invullen
[font=Calibri]

upje

Vinden jullie het wel leuk om te lezen :frowning_face: