[verhaal] Nog geen titel

Heei!
Ik schrijf al heel lang verhalen, en ik wil er nu eentje gaan posten op GS. Ik weet nog geen titel, maar als jullie ideeën hebben kan je het altijd zeggen.
Hier een klein beginnetje om jullie alvast een indruk te geven:

‘Hé, je bent wakker.’ Zegt een stem, een hele fijne stem, maar wie het is, geen idee. Ze ligt met haar hoofd op iemands benen, maar van wie? Rustig gaat ze zitten. Dan ziet ze het, het is Rick. Ze voelt haar hoofd bonzen, ze zit op een harde, koude, stenen bank. ‘Waar… waar ben ik.’ Vraagt ze. Rick zucht, maar hij antwoord niet. Ze kijkt rond, en dan dringt het tot haar door. Wat ze altijd in series zag, waarvan ze hoopte dat ze er nooit zou komen, daar is ze nu toch gekomen, maar waarom. Duizenden vragen spoken door haar hoofd. Ze kijkt naar Rick, maar hij kijkt weer weg. Ze merkt dat er iets met hem is, er is iets ergs gebeurt. Ze zitten hier natuurlijk ook niet zomaar. ‘Wat is er aan de hand?’ vraagt ze. Ze probeert zich dingen te herinneren, maar het lukt niet. Waarom niet? Het enige dat ze nog weet is… Ze kan haar eigen gedachtes niet geloven. Het enige dat ze nog weet is dat hij Rick heet.

Opbouwende kritiek is altijd welkom! Ik hoop dat jullie het verhaal gaan volgen.

Hier is het eerste stukje van het verhaal, ik hoop dat jullie het gaan volgen :cold_sweat:
‘Hé, je bent wakker.’ zegt een stem, een hele fijne stem. Maar wie het is? Geen idee. Ze ligt met haar hoofd op iemands benen, maar van wie? Rustig gaat ze zitten. Dan ziet ze het, het is Rick. Ze voelt haar hoofd bonzen, ze zit op een harde, koude, stenen bank. ‘Waar… waar ben ik.’ Vraagt ze. Rick zucht, maar hij antwoord niet. Ze kijkt rond en dan dringt het tot haar door. Wat ze altijd in series zag, waarvan ze hoopte dat ze er nooit zou komen, daar is ze nu toch gekomen, maar waarom? Duizenden vragen spoken door haar hoofd. Ze kijkt naar Rick, maar hij kijkt weer weg. Ze merkt dat er iets met hem is, er is iets ergs gebeurd. Ze zitten hier natuurlijk ook niet zomaar. ‘Wat is er aan de hand?’ vraagt ze. Ze probeert zich dingen te herinneren, maar het lukt niet. Waarom niet? Het enige dat ze nog weet is… Ze kan haar eigen gedachtes niet geloven. Het enige dat ze nog weet is dat hij Rick heet. ‘Gisteren gingen we naar de disco, met nog wat mensen, maar buiten heeft iemand ons bedreigd, en we moesten iets in een drankje van iemand doen, we wisten niet wat het was, en niet van wie het drankje was. Als we het niet deden zouden we…’ Rick houd op met praten. ‘Zouden we wat?’ vraagt ze. ‘Zou er een einde gemaakt worden aan ons leven.’ Zegt hij. De politie zag dat, via beveiligingscamera’s, en toen werden we opgepakt. Maar die gozer heeft het ook in jou drinken gedaan, en jij bent, toen we al in de cel waren, op je hoofd gevallen.’ Ze schrikt er enorm van, maar ze kan er zelf niks van herinneren. Ze legt haar hoofd op zijn schouder en sluit haar ogen. Dat is nog iets dat ze zichzelf kan herinneren, dat ze stapelverliefd op elkaar waren, hun relatie was perfect! En eigenlijk is. Dan bedenkt ze zich iets. ‘Rick, ik…’ ze stopt met praten en zucht. ‘Ik weet mijn naam niet meer!’ Rick schrikt ervan, en ze zeggen heel lang niks.
‘Milou.’ Zegt Rick opeens. Ze vraagt zich af waar hij het over heeft. ‘Milou, zo heet je.’ Zegt hij. Ze zucht. ‘Wat heeft die gozer in mijn drinken gedaan?’ vraagt ze. ‘XTC, de meeste mensen voelen zich er lekker door, maar hij heeft er zo veel in gedaan, dat je de hele avond gewoon normaal was, maar toen we opgepakt waren, en in de cel waren, ben je echt gevallen. De mensen hier hebben je onderzocht, en er is 20 keer zo veel in je lichaam gevonden dan dat er voor zorgt dat mensen zich een beetje, je weet wel, goed gaan voelen.’ Zegt hij. Zachtjes begint ze te huilen, en Rick slaat een arm om haar heen. Ze beseffen het allebei, en ze weten allebei hoe erg het is, geheugenverlies.

Na een tijdje wordt de celdeur open gegooid, er staat een stevige man in de deuropening. Hij heeft een politie-uniform aan. ‘Zo, dus ze is bijgekomen.’ Zegt hij, op een toon die Milou niet heel erg bevalt. ‘Ben je nu wel van plan om alles uit te gaan leggen.’ Vraagt hij. De man maakt een heel onaardige indruk. ‘Hou toch op, je ziet toch dat ze van streek is!’ zegt Rick. ‘Van streek of niet, ze heeft geen zwijgrecht.’ Liegt hij. ‘Ik weet niks meer.’ Zegt ze. ‘Dat zeggen ze allemaal.’ Roept de man. Hij pakt haar heel stevig vast bij haar arm, en doet handboeien om, heel strak. De tranen schieten in haar ogen. ‘Meekomen jij.’ Zegt de man, en hij trekt haar mee, en slaat de deur dicht. Rick probeert haar achterna te gaan, maar de deur is al weer dicht. Ze wordt door de gangen getrokken, ze gaan een hoek om, en nog een, en dan staan ze voor een deur. De man opent de deur en duwt ze op een stoel. Dan zit ze daar, helemaal alleen in een klein kamertje. Ze voelt haar hart bonzen in haar keel, ze rillingen lopen haar over haar rug. Na een tijdje komt er een man binnen lopen. ‘Oké, even goed luisteren, het is nu de bedoeling dat je mij alles vertelt over wat je nog weet van gisteren, elk kleine detail is belangrijk. En je hebt zwijgrecht, maar het is niet verstandig om dat recht te gebruiken. Ze knikt. ‘Oké, wat weet je allemaal nog van wat er gisteren allemaal gebeurt is.’ Vraagt de man. ‘Alweer probeert ze zich een klein beetje te herinneren, maar het lukt niet. ‘Ik weet niks meer, ik weet niks meer, ik wist mijn naam niet meer.’ Zegt ze zacht. De man zucht. Gisteren is met de beveiligingscamera’s vastgelegd dat jij met je vrienden iets in iemand drankje hebben gedaan, en…’ zegt de man, maar Milou onderbreekt hem. ‘Rick heeft het al verteld, maar ik kan me er niks meer van herinneren, hij zij dat er een man was, die ons bedreigde.’ Zegt ze.

Ik volg eigenlijk nooit verhalen op GS, maar wil je wel een paar tips geven:
(heb de aanpassingen dikgedrukt)

‘Hé, je bent wakker,zegt een stem, een hele fijne stem. Maar wie het is? Geen idee. Ze ligt met haar hoofd op iemands benen, maar van wie? Rustig gaat ze zitten. Dan ziet ze het, het is Rick. Ze voelt haar hoofd bonzen, ze zit op een harde, koude, stenen bank. ‘Waar… waar ben ik?vraagt ze. Rick zucht, maar hij antwoordt niet. Ze kijkt rond (hier geen komma) en dan dringt het tot haar door. Wat ze altijd in series zag, waarvan ze hoopte dat ze er nooit zou komen, daar is ze nu toch gekomen, maar waarom? Duizenden vragen spoken door haar hoofd. Ze kijkt naar Rick, maar hij kijkt weer weg. Ze merkt dat er iets met hem is, er is iets ergs gebeurd. Ze zitten hier natuurlijk ook niet zomaar. ‘Wat is er aan de hand?’ vraagt ze. Ze probeert zich dingen te herinneren, maar het lukt niet. Waarom niet? Het enige dat ze nog weet is… Ze kan haar eigen gedachtes niet geloven. Het enige dat ze nog weet is dat hij Rick heet.

dankje, ik heb het veranderd :slightly_smiling_face:

Misschien handig om de rest van je stukje ook meteen goed aan te passen dan… :wink:
Regeltjes zijn zo:

‘‘Hoi,’’ zegt Jan. = komma omdat er nog ‘zegt’ … achter komt en dan een kleine letter.
‘‘Hoi.’’ Piet loopt op hem af. = punt omdat de vervolg-zin niets met de uitspraak te maken heeft.
‘‘Gaat het goed?’’ vraagt Jan. = kleine letter bij vraagt
‘‘Ja,’’ zegt Piet, ‘‘en met jou?’’

ik ben echt een beetje schrijf-verslaafd geworden en ik hoop dat jullie dit stukje ook leuk vinden, en ik hoop dat ik het goed heb gedaan met die ‘’ enz.
‘Oké, we zijn klaar, neem jij haar weer mee?’ zegt de man, tegen iemand die in een hoek mee staat de kijken. De man knikt en neemt haar mee. Eenmaal terug in de cel staat Rick gelijk op als ze er weer is. De handboeien worden afgedaan, en de man slaat de deur weer dicht. Rick geeft haar een knuffel. ‘Hoe ging het?’ vraagt hij. ‘Ik heb verteld wat ik wist, wat jij me vertelde, maar meer ook niet.’ Zegt ze. ‘Mooi, een vriend van mij heeft hier ook een keer vast gezeten, en die loog toen, en hij is daarna voor 3 jaar taakstraf veroordeeld,’ zegt hij. Ze schrikt ervan, misschien denken ze wel dat ze loog, over dat ze niks meer wist enzovoort, misschien krijgt zij ook wel 3 jaar taakstraf, of nog erger! Ze gaan zitten, en Rick slaat een Arm om Milou heen. Het is steenkoud in de cel, en dan heeft Milou ook nog eens alleen een hemdje aan. Rick merkt dat ze het koud heeft en geeft haar zijn vest. ‘Dankjewel.’ Zegt ze. Rick glimlacht naar haar, en Milou legt haar hoofd op zijn schouder, en valt rustig in slaap.

Als ze wakker wordt, is ze alleen, ze ligt op de koude bank. Op haar ligt het vest van Rick. Er ligt een briefje naast haar. Ik moest komen voor een verhoor, ik hoop dat het niet zo lang gaat duren, ik kom zo snel mogelijk terug. x
Milou voelt zich alleen, het is nog kouder dan gisteren, maar gelukkig heeft ze het vest van Rick nog. Er komt een agent binnen gelopen. ‘Kan ik je ergens mee helpen?’ vraagt hij. ‘Waarom vraagt u dat?’ vraagt Milou verbaast. Bij een gevangenis denkt ze altijd dat het kil is en je niet geholpen wordt. ‘Nou, dat doet wel altijd, we vragen aan iedereen die vast zit of we ze ergens mee kunnen helpen,’ zegt hij. ‘Ja, je kan me wel ergens mee helpen, kan je mij een vest of jas of zoiets brengen?’ vraagt ze. ‘Oké, ik kom er zo weer aan,’ zegt de man, en hij loopt weg. Milou staat op en loopt rond door de cel. Ze kijkt door het raampje. Thuis heeft ze een prachtig uitzicht, twee grote dakramen waardoor ze kan uitkijken over akkers en velden. Maar hier…. Hier ziet ze een plein, met daar stevige muren omheen. En het is ook niet fijn om zo door van die spijlen heen te kijken. Ze mist haar gewone leven, ook al zit ze hier nog niet zo lang. Ze mist haar bed, haar familie. Ze vraagt zich af wat zij wel niet zouden denken! Waarschijnlijk weten ze het allemaal allang. En de rest? Rick zij dat er nog meer mensen waren, waar zijn zij dan? Zijn zij wel vrij gelaten? De deur wordt weer open gedaan, dezelfde man staat er, met een vest. ‘Alsjeblieft, als je nog wat nodig hebt, kan je op die knop drukken, maar bij misbruik kan hij uitgeschakeld worde,’ zegt de man, terwijl hij naar een grote rode knop wijst. De man wil weer gaan maar Milou houd hem tegen. ‘Kan ik u vragen wanneer Rick terug komt, hij had een briefje neer gelegd waarop stond dat hij naar een verhoor moest,’ zegt ze. ‘Ik kan daar helaas niks over zeggen, maar hij zit daar nu al best lang dus waarschijnlijk komt hij er zo aan,’ zegt de man en hij loopt weg. Milou gaat weer zitten, en ze gaat nadenken, over hoelang ze hier nog zou zitten. Dan gaat de deur open. ‘Hey,’ Zegt Rick. ‘Hoi,’ antwoord Milou. Rick gaat naast haar zitten. ‘Heb je nog lekker geslapen?’ vraagt hij, en hij geeft haar een kus op haar wang. ‘Hmm, gaat wel,’ zegt ze.

Ze praten nog lang door, totdat er een man komt binnenstormen, een dikkere man. Er lijken steeds meer agenten bij te komen, denkt Milou. ‘Ik heb nieuws,’ zegt de man. Hij zegt een tijdje niks. ‘Jullie mogen gaan, maar jullie moeten wel bij elkaar blijven, of heel snel naar elkaar toe kunnen. En jullie mogen Nederland niet verlaten!’ zegt de man. Hij pakt een bak met al hun spullen en ze lopen de cel uit, en ze verlaten het politiebureau. ‘Wouw, ik heb vast gezeten om iets dat ik me niet eens meer kan herinneren, ik heb geslapen op een harde, koude stenen bank, ik heb een vest aan gehad waarvan ik geen idee heb wat daar allemaal mee is gebeurt, en nu loop ik gewoon weer op straat,’ zegt ze. ‘Gelukkig maar,’ zegt Rick, en ze geef haar een kus. ‘Maar hoe komen we nou thuis, ik heb geen idee waar we zijn.’ Milous woorden laten Rick ook inzien dat ze nog een manier moeten vinden om thuis te komen. ‘Als het nou wat eerder was, konden we mensen de weg vragen naar een treinstation, maar nu is er niemand,’ zegt Rick. Samen lopen ze door de donkere straten, op zoek naar een station, maar er is er geen een te vinden. Ze komen uit in een donker steegje. Het is er heel stil. ‘Wouw, het is hier best creapy,’ zegt Milou. Dan voelt Milou een mes in haar rug steken. Ze knijpt heel hard in Ricks hand, en valt op de grond. Rick draait zich om. Voor hem staat een man, met een groot mes in zijn hand. Milou schreeuwt het uit van de pijn. De man houd het mes onder de kin van Rick. Rick loopt naar achter, maar uiteindelijk kan hij niet verder. Maar dan horen ze dat er iemand aan komt, en de man rent heel snel weg. Milou is buiten bewustzijn. Rick tilt haar op, en rent naar het politiebureau
Als jullie nog een leuke titel weten, zeg het maar, ik ben namelijk heel slecht in het verzinnen van titels :open_mouth:

vandaag komt er waarschijnlijk geen stukje, ik heb heel veel huiswerk voor morgen en overmorgen, maar het kan nog altijd

IK volg!!
Spannend verhaal :slightly_smiling_face:
Ik weet nog geen titel, want ik weet nog niet echt waar het verhaal over gaat. Maar ik ga nadenken als het verhaal wat verder is :wink:

zo komt er weer een stukje :slightly_smiling_face:

Yeaah :upside_down_face:

sorry, gisteravond is mijn computer een beetje op hol geslagen en hij deed niks meer :cold_sweat: Dus het stukje komt nu
Eenmaal aangekomen bij het politiebureau rent Rick naar binnen. ‘Waar is het ziekenhuis!’ vraagt hij. ‘Ik breng je wel, het is hier een eindje vandaan,’ zegt een politieagent, ze lopen samen naar buiten, en stappen in een auto. Onderweg komt Milou bij, maar ze krimpt gelijk in elkaar. ‘Rustig maar, we zijn bijna in het ziekenhuis,’ zegt hij. Ze pakt Ricks hand, en knijpt er heel hard in. Hij kijk op haar rug, en er zit een behoorlijke vlek op haar shirt. ‘We zijn er bijna,’ zegt de agent.
Als ze er zijn, rent Rick naar binnen. ‘Kan er snel iemand komen, mijn vriendin is neergestoken in haar rug!’ zegt hij tegen de vrouw achter de balie. Binnen 5 minuten komen er mannen aan gerend met een brancard, ze gaan naar buiten en leggen Milou op de brancard. Ze gaan naar binnen en brengen haar naar een kamer. ‘Blijf jij maar even hier, we gaan het onderzoeken, en gelijk behandelen, ga maar naar kamer 786, daar komt ze te liggen,’ zegt een man, en hij loopt de kamer in. Rick zucht, maar toch loopt hij naar kamer 786. Hij is er al snel, en ziet dat er een wachtkamer vlak tegenover is, dus hij gaat daar zitten.

Na een half uur wachten wordt Rick wel een beetje bezorgd. Er is verder niemand in de wachtkamer, maar uiteindelijk komt er een oude vrouw met een andere vrouw binnen lopen. ‘Het is echt verschrikkelijk, het was op zich nog niet zo heel erg, maar die dokters hebben het verpest, en nu ligt ze in coma!’ zegt de oude vrouw. ‘Dat meisje was nog zo jong!’ zegt de andere vrouw. ‘Toch leven we in een vreselijke wereld, ze was gewoon met haar vriendje aan het rondlopen, maar toen is ze in haar rug gestoken.’ Zegt de vrouw. Nu schrikt Rick heel erg. Hij rent snel naar kamer 786. Hij ziet haar liggen, en er staat een dokter bij. ‘Waarom hebben jullie niks gezegd!’ schreeuwt hij tegen de dokter. De andere mensen in de kamer, het is namelijk een kamer met meerdere mensen, kijken hem aan, maar dat boeit hem niet. ‘Het is helemaal mis gegaan, we probeerde haar te helpen, maar het was te laat, en nu….’ De man stopt met praten. ‘En nu ligt ze in coma,’ voegt hij toe, en de man loopt weg. Hij gaat op haar bed zitten en pakt haar hand. ‘Waarom?’ vraagt hij. ‘Alles was zo perfect, en nu kan dat allemaal voorbij zijn!’ zegt hij. Hij kijkt in haar dossier. “12-09-2012: Overgeplaatst naar ziekenhuis de genezing” staat er. “Coma sinds 08-09-2012” leest hij. Hij is blij dat ze overgeplaatst wordt naar het ziekenhuis dichterbij. Hij gaat weer op haar bed zitten. ‘Ik vertel alles aan je ouders, en zorg dat ze binnenkort komen, je wordt overgeplaatst naar een ziekenhuis dichterbij. Ik hou van je,’ fluistert hij, en hij loopt weg.

‘Hallo mevrouw, u spreekt met Rick,’ zegt Rick. Hij belt de ouders van Milou, om ze alles te vertellen. ‘Hallo Rick, Anna hier, is er wat aan de hand, je klinkt nogal in shock?’ vraagt ze. ‘Nou, er is iets met Milou gebeurd, heeft de politie het verhaal over…’ zegt Rick, maar Milous moeder onderbreekt hem. ‘De politie heeft alles verteld, en ze hebben ook gebeld na de vrijlating van jullie, maar dan is alles toch goed?’ zegt ze. ‘Nou, daar wou ik het net over hebben,’ zegt Rick, en hij vertelt het hele verhaal.

‘Waar ligt ze?’ vraag Anna als ze naar Rick toe komt rennen. Ze ligt boven, gelukkig wordt ze binnenkort naar ziekenhuis de genezing, dat is tenminste wat dichterbij,’ zegt hij. Ze lopen naar boven, naar kamer 786. ‘Waar is ze dan?’ vraagt Anna, als ze er zijn. ‘Geen idee, gisteren lag ze nog hier,’ zegt hij verbaasd. Er komt een dokter de kamer binnenlopen. ‘Kan ik u ergens mee helpen?’ vaagt ze. ‘Ja, waar ligt Milou van Dijk, gisteren lag ze nog hier.’ Zegt Rick. ‘Ze is overgeplaatst naar kamer 361, daar is het wat rustiger en komt ze misschien eerder bij.’ Zegt ze. ‘Oké, dank u wel.’ Zeggen ze

Ja, ik heb het gevoel dat ik hier een beetje voor niks aan het schrijven ben, dus ik ga ermee stoppen, ik ga beginnen aan een nieuw verhaal en ik hoop dat jullie die wel leuk vinden…Ik heb ook niet echt inspiratie meer voor dit verhaal, dus dan weten jullie dat. Ik begin nu gelijk aan het nieuwe verhaal, dus die kunnen jullie straks in de lijst vinden

Oh oke
jammer

ik maak het misschien nog een keer af als ik nog wat inspiratie heb/andere verhaal af heb…