Verhaal, geen titel.. :'(

Hey!
Ik had een idee voor een verhaal, alleen vroeg ik me af wat jullie ervan vonden.

Het gaat over een meisje: Nomi. Ze is met een vriendin voor drie weken op vakantie in New York. Op een morgen wordt ze wakker naast een wildvreemde man! Ze blijkt, op onverklaarbare wijze, naar 2015 geflitst te zijn. Ze is getrouwd en heeft zich gevestigd in New York. Haar man is een ontzettende kwal en dat terwijl ze de eerste weken van haar vakantie nog stapelverliefd op hem was. Nomi probeert contact met Stevie, haar vriendin, te vinden. Maar of dat lukt…?

Hmm, ik weet het niet! Moet ik beginnen of niet?

13 going on 30…?
ik zeg NEE

Haha, ja daar zat ik ook al aan te denken toen ik het typte. Ik kan het proberen toch? :slightly_smiling_face:

Ja, probeer maar gewoon.

Ik zeg Nee.
maar ik vind het altijd vervelend als mensen eerst zeggen waar het over gaat. Soms zijn onderwerpen nog zo vervelend maar schrijft die persoon echt heel leuk. en soms zijn de onderwerpen echt geweldig en wordt het verpest door de schrijfster

Word met DT.

Misschien kan men beter oordelen als je alvast wat schrijft.

Het is een kort stukje omdat ik pas ben begonnen maar hier komt het.

Met mijn koffer nog in m’n hand kijk ik vol ontzetting langs de hoge gebouwen die zich gevestigt hebben in New York. Wauw, ik ben er echt. Ik ben in New York! Ik geniet als de wind door mijn haren waait en neem me, alweer, voor om er een extra leuke vakantie van te maken. Ik kijk opzij, naar mijn beste vriendin Stevie. ‘We zijn er echt!’ herhaal ik mijn gedachten. Stevie grinnikt. ‘Laten we ons eerste kopje koffie in New York gaan nuttigen,’ zegt ze, en ze trekt me de Starbucks in.

je kan echt goed schrijven!

Bedankt!

Up!

Hmm, omdat ik me verveel nog maar een klein stukje.

Na ons tweede kopje koffie vertrokken we vrijwel direct naar het hotel. We hadden ons voorgenomen de stad een beetje te verkennen, maar eerst brachten we de bagage naar onze hotelkamer. Onze voorlopige hotelkamer. Toen gingen we op pad. Daarna kamen we achter twee dingen. Eén: ga nooit New York in met hakken. Twéé: en verken het vooral niet als je net uit het vliegtuig stapt. De jetlag leek ons als een boze droom te grijpen om onze voorlopige ‘eerste-dag-in-New-York’ te bederven. Uitgeput kwamen we aan in het hotel. ‘Ik val al bijna in slaap als ik alleen al aan slapen dénk,’ gaapt Stevie terwijl ze de deur van onze hotelkamer opende. Ik liep meteen naar de slaapkamer, plofte neer op het tweepersoonsbed en begon mijn voeten te masseren. ‘Gelukkig heb ik mijn all-stars mee,’ mompel ik. ‘Trouwens,’ roep ik, helemaal niet meer aan mijn pijnlijke voeten denkend, ‘zag je die jongen, bij de kapper?’ ‘Nee.’ Ik zucht. Wat kan Stevie soms toch heerlijk kortaf zijn. ‘Ik wel, en hij is knap!’ Nu hoor ik Stevie, op haar beurt, zuchten. ‘Alsjeblieft, Nomi, bespaar me je zwijmel-verhalen en laat me slapen. Morgen mag je uitgebreid verslag doen van de ‘knappe jongen bij de kapper’’. Stevie laat zich vallen tussen de kussens en trekt de deken over zich heen. ‘Je kan toch wel even luisteren?’ ‘Ik ben moe, ik wil slapen en heb totaal geen zin om naar jou verhaal te luisteren.’ Fijn, een paar uur in New York en nu al ruzie. Hoe overleef ik de komende vier weken met Stevie?

Niemand een reactie?