[verhaal] gebroken

Hoi, dit is mijn eerste verhaal! Laat alsjeblieft een reactie achter met of je het leuk vindt of niet, want dan weet ik of ik verder moet schrijven. Tips/kritiek is ook altijd welkom! (:

Ik ben duizelig. Ik voel mijn hartslag in mijn hoofd bonzen. Ik lig en ik voel nattigheid om mij heen. Alles is zwart. Ben ik dood? Zwart maakt me bang. Er gaat een rilling door mijn lichaam. Ik wil om mij heen kijken maar mijn hoofd is te zwaar om op te tillen. Ik probeer mijn rechter hand naar mijn hoofd te bewegen maar er schiet een scheut van pijn door mijn arm. Ik kreun. Ik hoor mezelf ademen en blijf liggen. Het is koud. Waar zijn mijn kleren? Ik probeer me af te vragen waar ik ben. Ik kan niet denken, ik weet niks, waarom lig ik hier? Wanhopig probeer ik om mij heen te kijken. Het is donker maar wazig zie ik de silhouetten van bomen boven mij. Ik kan mijn voeten bewegen. Voorzichtig probeer ik mijn benen op te tillen. Weer een scheut van pijn. Ik probeer te schreeuwen. Help me dan. Maar er komt niks uit. Mijn keel voelt droog aan en doet zeer. Hoe kom ik hier? Ik ben zo bang. Waarom ben ik hier alleen? Ik kan niet denken, want mijn hoofd doet zo’n pijn. Ik wil opstaan en wegrennen. Ik moet niet opgeven. Ik moet hier weg, weg van deze enge plek. Ik moet opstaan. Ik probeer één been op te trekken. Langzaam verschuif ik mijn andere been door de stroeve bladeren naar mij toe. De bladeren zijn nat. Mijn lichaam voelt nat. Ik trek me moeizaam met mijn linkerarm op. Mijn hoofd voelt zo licht aan. Langzaam begin ik te beseffen dat ik in het bos ben. Het regent volgens mij. Ik probeer help te schreeuwen maar er komt een schor geluid uit mijn keel. Mijn voeten zijn zo koud dat ik mijn tenen amper voel. Waar is mijn broek? Voor me ligt een gymp. En iets naar rechts de andere. Dat zijn mijn gympen! Mijn hemdje is vies van de aarde. Ik begin mij te beseffen dat ik hier niet zomaar in mijn onderbroek en hemdje lig. Ik word misselijk van het idee.

Vermoeid propte Nora de laatste korstjes van haar boterham met pindakaas naar binnen. Ze bewaarde de korstjes altijd voor het laatst, in tegenstelling tot haar broer, die een boterham in een paar schrokken naar binnen werkte. ‘Ben weg’ zei Thom en voordat haar moeder er nog iets van kon zeggen was de deur al met een klap dicht gesmeten. Nora zuchtte. Als er iets was waar ze een hekel aan had was het de maandag. Ze zat in 4 Havo, en over een paar maanden zou de zomervakantie beginnen. Ze was nog moe van het weekend en zat er dan ook helemaal tegenaan. En haar cijfers gingen ook steeds meer achteruit. Terwijl ze een appel en 2 boterhammen van de tafel griste drukte ze haar moeder een kus op de mond en pakte haar sleutels. ‘Doe je best hé lieverd’. Nora mompelde iets onverstaanbaars en stapte op de fiets.

Het was koud en ze voelde de ochtendnevel in haar gezicht. Als gewoonlijk fietste ze een stukje door het bos. Nora kende het bos op haar duimpje. Ze was er al van kinds af aan door heen gefietst. Er kwam een oude man met een grappig klein hondje voorbij lopen en toen ze wilde omkijken kon ze nog maar net een tegenliggende fietser ontwijken. ‘Hé kan je niet uitkijken!’ snauwde de man. ‘Sorry…’ en Nora fietste door. Eindelijk was ze bij de vaste plek. Haar benen waren nu al moe. Hannah was zoals altijd weer te laat. En kwam pas na 5 minuten aan fietsen. ‘Hee lief! Hoe is ie?’ zei een volgens Nora iets te vrolijke Hannah. ‘Hee daar ben je. We moeten opschieten want de les begint over 10 minuten.’
Ze fietsten richting school. Hannah zag er weer geweldig uit. Ze droeg een strakke spijkerbroek met een zwart leren jackje wat haar echt geweldig stond. Ze vertelde zoals gewoonlijk over haar geweldige weekend en hoe jammer ze het wel niet vond dat Noor niet was mee uitgegaan. Nora kon de helft niet volgen en Hannah stopte eindelijk toen ze de fietsenstalling in fietsten. Nora wist haar fiets nog ergens tussen te zetten en liep met Hannah de school in.

Je schrijft echt heel fijn :’) Ook het eerste stukje is erg mooi geschreven, dus verder :’)

ja verder!

Jaaa verder!!

Bedankt voor jullie reacties!! (: Ik ga zo slapen dus morgen ochtend weer een stukje!

Bij het lokaal stonden Ilse en Jolijn al op hun te wachten. Twee populaire vriendinnen van hen. Nora had het gevoel dat ze alleen met haar omgingen vanwege Hannah. Nora vond Ilse nog het aardigst van de twee. Ze droeg haar blonde haar altijd in een strakke staart en was heel verzorgd. Ze liep ook altijd achter Hannah aan, alsof het een aanhangsel was, vond Noor, en was het overal met haar mee eens. Nora zat naast haar bij wiskunde. Ilse had altijd veel vragen, die Nora goed kon uitleggen. Ze was goed in wiskunde en ze vond het best. Jolijn was een keer blijven zitten, en dus al 17. Ze had veel kennissen en kon daardoor zorgen dat ze bij alle feestjes aanwezig konden zijn. Ze had een rijke vader waardoor ze altijd met de duurste kleding rondliep. Nora had de indruk dat ze haar niet zo mocht. Ze maakte vaak flauwe opmerkingen over haar. Gelukkig had ze Hannah. Hannah wist haar altijd te verdedigen. Ze kende Hannah al vanaf de basisschool, en sinds groep 3 waren ze al beste vriendinnen. Hannah was altijd al een populair meisje geweest. Dat was niet zo raar want het leek wel alsof alle jongens voor haar vielen zonder dat ze er iets voor hoefde te doen. Ze was heel spontaan en iedereen op school kende haar wel. Noor was anders, ze was heel verlegen en bescheiden. Zij werd ook altijd als populair beschouwd omdat ze de beste vriendin van Hannah was. Het voelde dan ook altijd alsof ze in haar schaduw liep. Hannah was mooier slanker en leuker dan zij. Zonder Hannah was ze niets, dan zou niemand op school haar kennen, en niemand met haar willen omgaan.

iemand kritiek/tips?

up up up

Ik moet opstaan. Ik probeer naar de dichtstbijzijnde boom te kruipen, maar mijn lichaam werkt niet mee. Ik kreun. Met mijn linkerhand probeer ik waar te nemen waar ik ben. Eindelijk, ik heb een boomstam gevonden. Behendig probeer ik mij via de boomstam op te trekken. Maar dan hoor ik voetstappen. Bladeren ritselen. Mijn lichaam verstijfd. Het is alsof angst mijn lichaam in bezit heeft. Ik klamp mijn kaken stijf op elkaar‘H-hallo’ breng ik schor uit. Het lijkt alsof mijn keel dichtzit ‘Hallo?’ probeer ik nog een keer. Geen antwoord. Ik probeer om me heen te kijken maar alles is donker. Tranen stromen over mijn wangen. Ik proef zout. Shit waarom is alles donker. Waarom ik? ‘Alstublieft doe me geen pijn’. Ik huil nu. De voetstappen komen op mij af. ‘Alstublieft’ snik ik. Ik hoor gehijg. En dan een stem ‘Shit, vieze trut, ben je nu al wakker.’
Ik herken die stem. Opeens wordt alles me weer duidelijk.

verder?

Ja verder nu!

‘Honeys!’ gilt Ilse zowat. Ze omhelst mij en Hannah. ‘Heee lieverds!’ zegt Hannah. ‘Hooi’. Ik probeer enthousiast te klinken. ‘Han!’ zegt Jolijn en ze omhelst Hannah. Ik word begroet met een afstandelijke blik. ‘Hoe was jullie weekend?’ zegt Hannah enthousiast. ‘Geweldig’ antwoordt Jolijn en een heel verhaal volgt. Ik wend me uit het gesprek. Ik zet mijn tas neer en hang tegen de muur aan. Dan is meneer Claassens er. Hij opent de deur en de klas loopt het lokaal in. Ik loop naar binnen en ga op mijn vaste plek zitten. Even later zit Hannah naast me.
De lessen vliegen voorbij. Eindelijk is het laatste uur voorbij. Samen met Hannah loop ik naar de kluisjesruimte. ‘Heeee baby’ ik hoor Jorian’s stem. Daar heb ik nu even echt geen zin in. Meteen draait Hannah zich om. Het is inderdaad Jorian. Hij grijnst. O god, wat heeft hij toch een mooie tanden. Jorian en Hannah beginnen te zoenen. Ik zucht. Jorian is het onwijs knappe vriendje van Hannah. Ze hebben wat sinds 3 weken, en van het begin af aan heb ik al iets voor hem gevoeld. Maar hij moet niets van mij hebben. Volgens mij weet hij mijn naam geen eens, ook al sta ik bijna altijd naast Hannah. Maar het is Hannah’s vriendje, ik moet niet aan hem denken. ‘Kom je mee liefje? Buiten peukje roken?’ vraagt hij aan Hannah. Hannah kijkt mij aan alsof ik haar toestemming moet geven, maar heeft intussen haar pakje sigaretten al tevoorschijn getovert. ‘Ga je mee?’ vraagt ze me. ‘Ik moet nog werken aan dat werkstuk van geschiedenis’ verzin ik. ‘Oh oke, nou dan spreek ik je morgen.’ Ik probeer te glimlachen. Ze drukt een kus op me wang en loopt weg met Jorian. Ik slik, en loop naar de kluisjesruimte.

Verder! Wow ik lees echt snel xd

ben bezig (:

ben bezig (:

Ik stap op de fiets en begin hard te trappen. Ik weet niet waarom. Ik ben bijna op de helft. Maar dan opeens hoor ik een jongensstem. ‘Heb je haast ofzo?’ klinkt het achter me. Een jongen die aan mij iets vraagt? Ik probeer om te kijken maar hij is al naast me komen fietsen. Als ik opzij kijk schrik ik. Het is Jorian! ‘Eh ik denk het…’ stotter ik. Wat doet Jorian nou hier, hij was toch met Hannah? Praat hij nu werkelijk tegen mij? ‘Je vriendin moest al weer weg’ zegt hij en kijkt me aan. ‘Oh…’ zeg ik naïef. Ik ontwijk zijn blik. ‘Durf je me niet aan te kijken?’ Ik kijk hem even aan. Zijn ogen lijken helder blauw in het licht. Snel wend ik mijn hoofd. ‘Ik weet eigenlijk helemaal niet hoe je heet, best grappig toch…’ Jorian grijnst. Hij is 2 jaar ouder dan Hannah en ik. Ik lach schaapachtig. ‘Ik heet Nora. En jij?’ God, wat een stomme vraag. Alsof ik niet weet hoe hij heet. Hannah heeft mij al weken lang over hem verteld en ik zou niet moeten weten hoe hij heet? Hij lacht ‘Ik heet Jorian, dacht dat je dat wel wist.’ Ik bloos. Waarom bloos ik? Dit is toch Hannah’s vriendje, ik moet niet blozen. ‘Ik moet afslaan’ zegt hij ‘Spreek je nog wel eens’.
Ik weet niet wat ik moet terugzeggen of hij is al afgeslagen. Shit denk ik. Shit shit shit.

ga nu slapen x

komt er vandaag nog stukje? (:

Jep, ben bezig (:

Eindelijk ben ik thuis. Ik draai de sleutel in het slot en open de voordeur. Mijn tas smijt ik neer in een hoekje. ‘Hi mam’ roep ik terwijl ik de trap op loop. Mijn moeder komt de keuken uitlopen ‘Oh hee lieverd, wat ben je vroeg thuis?’. ‘Eco viel uit.’ Mijn moeder zegt nog iets maar ik heb mijn kamerdeur al dicht gedaan. Ik plof neer op mijn bed. Ik moet denken aan Jorian, aan daarnet. Ik heb mezelf echt voorschut gezet. Waarom durf ik nooit iets te zeggen als ik met jongens ben? Ik zucht. Wat is hij toch knap. En och, die lach van hem. Stiekem ben ik best jaloers op Hannah. Zij heeft al tig vriendjes gehad. En ze hoeft er geen eens moeite voor te doen. Ik heb sinds groep acht al geen vriendje meer gehad. Hij heette Bob, en ik weet nog dat we voor het eerst kusten. Ik weet nog dat we er niks aanvonden en dat we toen maar snoep waren gaan eten. Ik grinnik als ik aan vroeger denk.

De volgende ochtend gaat mijn de wekker op mijn mobiel om half zeven. Zoals gewoonlijk druk ik op snooze tot het kwart voor zeven is. Toch weet ik mezelf met de grootste moeite uit bed te slepen.
Ik pak mijn mascara. Zorgvuldig ga ik over mijn wimpers, tot allen van een mooi zwart laagje zijn voorzien. Ik schiet in een spijkerbroek. En pak een willekeurig vest uit mijn kast.
Ik verbaas me als Hannah er al staat als ik aan kom fietsen. Ze glimlacht. ‘Goed he, ik kan wel optijd komen!’ We lachen.
Tijdens het eerste lesuur praten we over alles en nog wat. Ons gesprek wordt onderbroken wanneer meneer Kok voor ons staat met een dreigend rood hoofd. ‘Zo dames, is jullie gesprek soms zo interessant dat jullie het met de klas zouden delen?’ Ik verschrik en houd mijn kaken stijf op elkaar. Maar Hannah’s gezicht betrekt. ‘Nee meneer, maar het was tenminste interessanter dan uw verhaal over geschiedenis’ zegt ze op bijdehante toon. De klas moet lachen. ‘Oh’ zegt meneer Kok, ‘misschien vinden jullie het dan ook intressant om paragraaf 1 en 2 van hoofdstuk 8 voor morgen over te schrijven’. Hannah staat op het punt haar mond weer open te trekken maar ik geef haar een por in haar zij. ‘Wat een lul’ fluistert ze.