[Verhaal] Emerald

De titel kan nog veranderen. :wink:
Ik ben benieuwd wat jullie er van vinden! Het is denk ik een ander verhaal dan de meeste verhalen hier, maar ik hoop dat jullie het toch leuk vinden :wink:. Tips/kritiek/reacties/whatever is altijd welkom natuurlijk!

Proloog

Traag bewoog hij zijn vinger over mijn huid. Van mijn schouder naar mijn zij, waar hij even stopte bij een van mijn vele sproetjes. Toen maakte hij een beweging opzij, naar mijn buik. Zijn vinger ging verder, naar een andere sproet. Van de een naar de ander, steeds verder. De baan van zijn vinger trok een lijn tussen mijn sproeten, verbond ze met elkaar in een figuur. ‘Net als de sterrenbeelden aan de hemel’, fluisterde hij dan. Ik keek naar het plafond, concentreerde me op zijn aanraking en ademde hard uit wanneer het kietelde.
“Wat teken je?” vroeg ik hem toen zachtjes, bang om hem te storen. Hij gaf geen antwoord maar ging door met tekenen. ‘Ik ben een kunstenaar en jij bent mijn doek’, zei hij wel eens. Ik grapte dan soms dat hij me moest ophangen in zijn atelier. Hij ging er nooit op in. En terecht want het was geen goede grap.
Ik keek opzij toen ik me er van bewust werd dat zijn vinger was verdwenen. Hij keek me ernstig aan. “Voelde je wat ik heb getekend?” vroeg hij me. Ik schudde mijn hoofd. Soms kon ik het raden maar meestal niet. Hij knikte langzaam en glimlachte toen. Met een vloeiende beweging kwam hij overeind en gaf me een kus op mijn voorhoofd.
“Wil je een kop thee?” vroeg hij terwijl hij naar de keuken liep. Hij wachtte niet eens op een antwoord op zijn overbodige vraag en kwam even later weer binnen met twee glazen thee. Hij gaf er een aan me en ik klemde het hoge glas tussen mijn handen in. Ik voelde de warmte op mijn gezicht en nam voorzichtig een slok. Mijn mond werd gevuld met de scherpe smaak van munt. Ik keek opzij en zag dat hij naar me keek. Plukjes van zijn zwarte haar plakten aan zijn voorhoofd en een zweetdruppeltje liep over zijn slaap naar beneden. Het was warm hier binnen. Ik voelde zelf ook een druppel over mijn rug naar beneden lopen en rilde even want ik vond het een onaangenaam gevoel. Toen wendde ik mijn blik af en bestudeerde zijn handen. Hij volgde mijn blik. Dunne witte lijntjes liepen van zijn vingertoppen tot zijn elleboog. Dwars over zijn handpalmen zat een wirwar van meer witte lijntjes. Ik kon zijn rug nu niet zien maar ik wist dat die witte lijnen daar ook zaten. Er waren er daar minder maar ze waren wel dikker. Over de binnenkant van zijn rechterbeen liep er ook één.
Ik had sproetjes, hij had littekens.
Eén keer had ik hem er naar gevraagd, maar hij had gezwegen en sindsdien was ik er niet meer over begonnen. Dat was zijn verhaal en hij had het recht om dat voor zich te houden.
Terwijl ik in gedachten verzonk gleden mijn vingers bijna achteloos over mijn eigen littekens. Ze vielen in het niet bij die van hem. Drie dunne lijntjes op mijn onderarm. Ze waren bijna niet meer te zien, vervaagd door de zon en de tijd. De herinnering was nog vers. Ik sloot mijn ogen en dwong mezelf ergens anders aan te denken. Dat is het verleden, dit is nu, hield ik mezelf voor. Ik haalde diep adem en opende mijn ogen weer. Hij keek me bezorgd aan met grote groene ogen. Ik hield van zijn ogen. Ik kon er uren naar kijken. Er ging zoveel achter schuil, zoveel gevoelens en zoveel verhalen. Soms ving ik daar een glimp van op, maar meestal waren die ogen een gesloten boek voor me. Niet zoals mijn ogen. Mijn verhaal en gevoelens lagen open en bloot voor iedereen die maar lang genoeg naar mijn ogen keek. Maar mijn verhaal was niet interessant en mijn gevoelens waren voorspelbaar. Ik was geen mysterie, geen raadsel. Ik was anders dan hem, ik was doorsnee. Soms voelde ik me beschamend gewoontjes bij hem. Maar dan legde hij zijn vinger onder mijn kin en dwong me hem aan te kijken. ´Lieve Emerald’ zei hij dan zachtjes. En dan voelde ik me zo bijzonder. Die twee woordjes, dat kleine gebaar… Het was belachelijk hoeveel effect dat op me had.
En nu hij deed het weer. Ik voelde zijn vinger onder mijn kin die me zachtjes omhoog duwde. Ik zag hoe hij zijn wenkbrauwen optrok, een heel klein beetje maar, bijna niet zichtbaar tenzij je er op lette. Ik zag hoe hij zijn mond opende, klaar om die twee magische woordjes te zeggen. Maar ik was hem voor.
“Ik hou van je.”
Het was eruit voor ik er erg in had. Ik had het nog niet willen zeggen, niet nu, niet op dit moment. Het was totaal verkeerd. Nerveus streken mijn vingers weer over die drie dunne lijntjes op mijn arm. Ik durfde hem niet aan te kijken en sloeg mijn ogen neer. Ik voelde hoe de vinger onder mijn kin langzaam weggleed. Het bleef stil. Diep van binnen begon ik steeds meer in paniek te raken. Waarom had ik het gezegd? Waarom nu al? Wat had me bezield? Op al die vragen wist ik het antwoord al. Omdat het waar was. Ik hield van hem en ik had van hem gehouden sinds het moment dat ik hem ontmoette. Voor het eerst had ik echte liefde gevoeld en sindsdien hadden die vier woordjes langzaam een weg naar buiten gezocht. Ik had gevoeld hoe ze in me opborrelde, wachtend op dat ene onwaakzame moment. En nu had ik het gezegd. Eindelijk durfde ik hem aan te kijken. Nog steeds zat hij stilzwijgend tegenover me. Bedachtzaam nam hij me in zich op en ik kalmeerde een beetje. En toen zei ik het nog eens.
“Ik hou van je…” Want dat was de waarheid en ik wilde niet meer liegen.

Mooi verhaal! Ik ben benieuwd hoe het verder gaat…

Thanks!
Ik plaats denk ik vanavond nog wel een nieuw stukje.

De zon scheen fel in mijn ogen, en geïrriteerd hief ik mijn hand op om het zonlicht een beetje af te weren uit mijn gezicht. Mijn donkere haar viel zwaar en warm in mijn nek. Normaal had ik het in een staart, maar mijn elastiekje was geknapt en ik had geen nieuwe kunnen vinden. Haastig trapte ik door, ik had me vanochtend verslapen en was nu bijna te laat op school. Zweet druppelde van mijn voorhoofd. Het was warm voor de tijd van het jaar. Ik hield wel van warmte, maar niet als ik me moest inspannen. En al helemaal niet als ik moest fietsen. Ik had een hekel aan fietsen. In de winter kreeg je een rode loopneus en bevroren oren, in de zomer kwam je aan met zweetplekken en een kletsnat voorhoofd. Maar zolang ik geen rijbewijs had, had ik weinig keuze.
Nog een klein stukje. In de verte hoorde ik al het geroezemoes van pratende leerlingen en niet veel later doemde het grote grijze gebouw voor me op. Het was een onvriendelijk gebouw. De ramen waren klein en de gangen nauw. De muren waren zakelijk grijs en wit, op de vloer lag goedkoop blauw zeil. Soms voelde het aan als een gevangenis, zo benauwend. Ik had me er nooit op mijn gemak gevoeld. Ook met de leerlingen kon ik het niet zo goed vinden. Ze waren me te speels, te kinderachtig. Mijn moeder zei altijd al dat ik te serieus was voor mijn leeftijd. ‘Een jonge meid van zestien hoort niet zo ernstig te zijn,’ zei ze tegen me. ‘Geniet van je jeugd.’ Dat vond ik zo’n domme opmerking dat ik me afvroeg of ze zelf wel eens jong was geweest. Als ik dat tegen haar zei begon ze te lachen en aaide ze over mijn haren.
Mijn moeder was een vrolijke vrouw. Dat was op zich een wonder want ze had veel meegemaakt. Haar man, mijn vader, was overleden toen ik nog heel jong was. Ik heb hem nooit bewust meegemaakt. Af en toe vang ik flarden van vage herinneringen op in mijn gedachten, maar ik kan er nooit grip op krijgen. Mijn moeder zegt dat het een lieve man was en een geweldige vader. Niet lang na de dood van haar man kreeg mijn moeder te horen dat ze ziek was. Ernstig ziek. Ze had kanker. Het is een lange, moeilijke en pijnlijke strijd geweest, maar ze is genezen. Een wonder. Ik was toen net zeven. Toen kreeg ze een nieuwe vriend, Robert. Het was een nare man en ik weet niet wat mijn moeder in hem zag. Hij heeft haar erg veel pijn gedaan. Ik was elf toen ze hem eindelijk verliet en ik was net twaalf toen mijn moeder een miskraam kreeg. Dat was erg dubbel voor haar, heeft ze wel eens verteld. Aan de ene kant was ze vreselijk verdrietig dat haar kindje was overleden, aan de andere kant had ze nooit zoveel van hem of haar kunnen houden omdat de baby haar altijd aan Robert zou doen denken. Het was ook dubbel voor mij. Een zusje verliezen dat ik nooit had gekend was verwarrend. Maar mijn moeder was een vrolijke vrouw ondanks al het verdriet.

Niemand reactie?

jawel, erg mooi verder

liefs.

mooi! vooral ook hoe je alles beschrijft =)

Dankjulliewel :grinning:.

Op het moment dat de bel ging zette ik mijn fiets op slot. Haastig liep ik naar binnen. Ik had de keuze, ik kon me nog even opfrissen en te laat de les in komen, of ik kon een sprintje trekken en net op tijd het klaslokaal binnen gaan. Ik koos voor het laatste, en rende de trap op. Net voor dat de leraar de deur wilde sluiten kwam ik hijgend aangerend. Ik moest er belachelijk uitzien, bedacht ik me, uitgeput, met een rood en bezweet hoofd en zweetplekken op mijn witte shirtje. Niet dat ik erg veel aandacht aan mijn uiterlijk schonk. Ik droeg geen make-up, zoals de meeste van mijn leeftijdsgenootjes. Ik gebruikte dagcrème die mijn moeder voor me kocht en meer niet. Kleding vond ik al interessanter, maar ook daar besteedde ik waarschijnlijk minder aandacht aan dan de doorsnee meisjes.
Ik liep snel naar de achterste bank, mijn vaste plek. Ik plofte neer naast Kyra, het enige meisje waar ik het wel mee kon vinden. We waren geen vriendinnen, maar we mochten elkaar en dat was genoeg. Ik had geen behoefte aan veel vriendinnen, ik was altijd al op mezelf geweest. ‘Een echte binnenvetter,’ zoals mijn moeder zei. Ik haalde mijn boeken uit mijn tas en viste een flesje water uit het voorvakje. Ik nam een grote slok, en verslikte me bijna. Met de rug van mijn hand veegde ik mijn voorhoofd af, en met mijn andere hand wuifde ik mezelf wat koelte toe. Het hielp niet veel.
“Het is warm, hé,” zei Kyra. Ik vond het een beetje een stomme opmerking, natuurlijk was het warm, maar ik knikte. Daarna zeiden we allebei niets meer tot het einde van de les. Ik stond op om mijn boeken weer in mijn tas te doen toen Kyra een papiertje voor mijn neus hield. Het duurde even voor ik goed kon lezen wat er stond. Mijn ogen hadden altijd even tijd nodig om zich te focussen. Het was een uitnodiging voor een feestje van iemand die ik niet kende.
“Ga je mee?” vroeg Kyra. Ik keek haar een beetje verbaasd aan. Zulke dingen vroeg Kyra normaal nooit.
Ik schudde mijn hoofd. “Nee, ik ken hem niet,” verklaarde ik.
“Dat geeft niet. Er komen heel veel mensen dus hij zal je waarschijnlijk geeneens opmerken.” Ze gebaarde vaag naar de rest van de klas, die langzaam het lokaal uitliep voor de volgende les. “Bijna de hele klas is er,” zei ze.
Ik dacht even na en schudde toen weer mijn hoofd. “Nee, ik heb andere plannen.”
Dat was niet waar en wist Kyra ook, maar ze haalde haar schouders op en stopte de uitnodiging weer in haar tas. De rest van de dag zei ze er niets meer over.

leuk leuk leuk, verder

Ik verveeeeeel me (A). :wink:

Toen ik thuiskwam zat mijn moeder klaar met een kop thee. Dat was een traditie van ons geworden, thee drinken als ik uit school kwam. Tegenwoordig moest mijn moeder overdag vaak werken, maar als ze thuis was zat ze altijd klaar me de thee. Ik zette mijn tas in de gang neer, en ging tegenover haar op de bank zitten. Ik pakte de thee vast met beide handen, zoals ik altijd deed. Ik blies over de kop thee heen en wolkjes stoom kringelde omhoog. De geur van kamille drong door in mijn neus. Ik hield meer van muntthee, maar kamille was ook lekker.
“Hoe was je dag, lieverd” vroeg mijn moeder.
“Kyra nodigde me uit voor een feestje,” zei ik. Het was niet echt een antwoord, maar er viel verder toch weinig te vertellen.
“Oh wat leuk!” zei mijn moeder enthousiast.
“Ik ga niet.” De glimlach op mijn moeders gezicht verdween.
“Waarom niet? Je bent altijd maar thuis, ga toch eens gezellig naar dat feestje met je vrienden!” Even moest ik glimlachen. Meestal hadden ouders liever niet dat hun dochter naar een feestje van een wildvreemde jongen gingen en haar moeder moedigde haar juist aan.
Ik schudde weer mijn hoofd. “Nee, ik ga niet,” herhaalde ik.
Mijn moeder keek me een beetje teleurgesteld aan, maar hield haar mond er verder over. Ze was het wel gewend.

De volgende dag zat ik tussen de middag alleen in de kantine. Dat gebeurde wel vaker en ik vond het niet erg. Zo kon ik rustig nadenken. Ik kauwde op mijn boterham met kaas terwijl ik rond keek. Naast me zat een groep meisjes te giechelen. Een jongen kwam langslopen, stopte en boog zich over de schouder van een blond meisje en fluisterde wat in haar oor. Het meisje werd rood en begon toen hardop te lachen. Ze knikte, en de jongen liep tevreden weg. Ik vroeg me af wat hij gezegd had. Ik dacht dat ik het wel kon raden.
Tegenover me zaten twee jongens verhit te discussiëren. Ik kende ze een beetje, en vermoedde dat hun gesprek over computers ging. Dat was meestal het geval. Naast ze zat een meisje en een jongen stilzwijgend naast elkaar. Zijn hand lag op de rand van zijn stoel, alsof hij moed verzamelde om hem op haar knie te leggen.
Aan de andere kant van de kantine zat een groep jongens die ik alleen van gezicht kende. Het waren er zes, zes gewone doorsnee jongens. Op die ene na dan. Een lange jongen met donker haar en felblauwe ogen. Zijn haar was lang, en viel soms voor zijn ogen. Dan veegde hij het geïrriteerd weg, maar even later viel het weer gewoon voor zijn ogen. Hij zei weinig, glimlachte alleen wanneer één van zijn vrienden een grap maakte. Gefascineerd keek ik naar de jongen. Ik dacht dat hij een klas hoger dan mij zat, maar dat wist ik niet zeker. Hij had een blikje cola dat hij langzaam en afwezig tussen zijn handen ronddraaide. Ik moest glimlachen toen ik zag dat hij zijn blikje met twee handen vasthield. Net zoals ik mijn thee vasthield. Plotseling keek de jongen op, alsof hij me had voelen kijken. Ik had nog steeds die glimlach op mijn gezicht. Snel trok ik mijn gezicht in de plooi toen ik me besefte dat hij vast dacht dat ik naar hem glimlachte. Beschaamd keek ik de andere kant op en zag dat Kyra daar net kwam aanlopen. Ze keek me met een grijns aan, en ik snapte dat ze me had zien kijken. Mijn wangen werden een beetje rood toen ze naast me kwam zitten.
“Hij komt ook,” zei ze toen, nog steeds met die grijns op haar gezicht.
“Waar komt hij ook?” vroeg ik niet-begrijpend aan haar.
“Op het feestje!” Oh ja, natuurlijk. Het feestje. Ik haalde mijn schouders op.
“Wat wil je daarmee zeggen?” vroeg ik haar nonchalant. Het was vast overtuigender geweest als ik niet nog roder was geworden. Ik snapte mezelf niet, waarom voelde ik me zo beschaamd? Voorzichtig keek ik vanuit mijn ooghoeken in de richting van de jongen, maar die had zijn aandacht alweer op het blikje gericht. Een vreemd gevoel bekroop me. Een soort teleurstelling. Alsof ik wilde dat hij weer naar me keek. Maar dat deed hij niet meer, en aan het eind van de pauze liep hij de andere kant op.

Verder!

Nog een stukje… :slightly_smiling_face:

De volgende dag was hij er weer. Hij zat op dezelfde plaats als gisteren en ik ook. Zijn vrienden zaten weer om hem heen, ik zat alleen. Ik bestudeerde de jongen. Ik snapte niet zo goed waarom, maar ik voelde een enorme aantrekkingskracht tot hem. Verliefdheid zou ik het toen niet genoemd hebben, maar later besefte ik dat het dat wel was geweest. Ik was voor het eerst verliefd, en ik had het zelf niet door.
Geboeid keek ik hoe de jongen zijn mond opende en iets zei. Zijn vriend knikte en lachte een beetje. Ik keek hoe de jongen zijn tas opende en er een schrift uitpakte. Zijn vingers waren lang en elegant, viel me op. Hij had een zwart shirt aan met lange mouwen, dat strak om zijn borstkas spande. Hij was niet erg gespierd, maar hij zag er sterk uit. Krachtig. Ik keek weer naar zijn ogen, die felblauwe ogen. Ze stonden een beetje verdrietig en afwezig. Om zijn mond speelde nu een halve glimlach, en ik vroeg me af waar hij om lachte. Pas toen besefte ik dat hij mij nu ook aankeek. Ik voelde me betrapt, en sloeg mijn ogen neer. Ik voelde mijn wangen weer rood worden, net als gisteren. Haastig pakte ik mijn tas en stond op. Terwijl ik uit de kantine liep voelde ik zijn ogen in mijn rug branden.

Het was de laatste les van de dag, en iedereen was moe. Het was een lange dag geweest. Ik zat weer naast Kyra, die me af en toe vanuit haar ooghoeken aankeek en dan glimlachte. Ik negeerde haar, want ik wist waarom ze glimlachte. Het was die jongen. Mijn onderbuik deed een beetje pijn als ik aan hem dacht. Schaamte, dacht ik. Van vlinders in je buik had ik wel gehoord, maar dat voelde toch heel anders? Nee, ik was niet verliefd.
De leraar schreef iets op het bord, maar het drong niet echt tot me door. Gedachteloos schreef ik de woorden over in mijn schrift, maar ik wist niet precies waar het over ging. Dat zou ik thuis wel nalezen. Naast me liep Kyra te zuchten en wiebelde verveeld met haar pen heen en weer. De zon scheen recht door het smalle raampje op haar rode haren, die nu nog feller leken. Ik pakte een pluk van mijn eigen haar en bekeek het. Het was donkerbruin, niets bijzonders, niet zo speciaal als Kyra’s rode krullen. Toen keek ik naar mijn handen. Ze waren bedekt met sproetjes, net als de rest van mijn lichaam. Nu het bijna zomer was werden ze nog zichtbaarder. Voorin kuchte iemand, en ik richtte mijn aandacht weer op de leraar. Hij was nog steeds bezig met schrijven, kriebelige lettertjes die samen lange woorden vormden.
Ik was blij toen de bel ging. Ik had geen hekel aan school, maar na zo’n lange dag vond ik het fijn om weer naar huis te gaan. Toen ik mijn tas had ingepakt wilde ik het lokaal uitlopen, maar Kyra hield me tegen. “Ga toch mee,” zei ze. Ik snapte meteen dat ze het over het feestje had.
“Waarom?” vroeg ik haar. Ze zou me eerst een goede reden moeten geven.
“Waarom jij moet gaan?” vroeg ze me. Ze beet even op de binnenkant van haar wang. “Dat weet je best.”
Ik schudde mijn hoofd.
“Timon komt,” zei Kyra toen. Ik keek haar afwezig aan, ik had geen idee wie dat was.
“Die jongen met dat donkere haar. Waar jij een oogje op hebt,” legde Kyra ongeduldig uit. Weer die doffe pijn in mijn onderbuik.
“Ik heb geen oogje op hem.”
“Ik heb je zien kijken Emme.” Ik haatte het als mensen me Emme noemden.
“Dat zegt niets,” zei ik geïrriteerd.
Wanhopig rolde Kyra met haar ogen, wat me alleen nog maar meer irriteerde. “Ga toch gewoon mee, het wordt gezellig,” zei ze toen. Ik dacht na.
“Als ik meega…” begon ik langzaam, “beloof je dan niet meer over die jongen te beginnen?”
“Timon? Oke, beloofd. Als jij meegaat houd ik erover op.”
Ik knikte. “Goed dan. Ik ga mee.”
Kyra keek me triomfantelijk aan. “Prima! Nou, dan zie ik je morgen wel weer. Gezellig dat je meegaat Emme.” En weg was ze.
Meteen kreeg ik spijt. Nu kon ik er niet meer onderuit.

Leeuk! :slightly_smiling_face: Gaa Dooor

echt een leuk verhaal

Thanks! :slightly_smiling_face:

De twee dagen erop zag ik de jongen niet meer. Kyra hield haar belofte en begon niet meer over hem, hoewel ze me nog steeds af en toe met die grijns aankeek. Ergens voelde ik een vaag gevoel van teleurstelling, maar ik schonk er geen aandacht aan. Waarom zou ik teleurgesteld zijn? Ik kende de jongen geeneens.
Het werd vrijdag, en na het laatste uur kwam Kyra naar me toe. “Het feestje is morgen en het begint om tien uur,” zei ze.
Ik zuchtte en zocht wanhopig naar een excuus om toch niet te hoeven gaan. Kyra had door waar ik aan dacht, en hield haar hoofd schuin. “Je hebt het beloofd, Emme,” zei ze toen.
Ik wist dat ze gelijk had. Ik had het beloofd en belofte maakt schuld. Had ik maar nooit toegezegd.
“Goed,” zei ik uiteindelijk. De verslagenheid klonk door in mijn stem, maar Kyra lachte alleen maar.
“Mooi zo! Zal ik je ophalen om half elf? Dan zijn we net modieus te laat,” glimlachte ze.
Ik knikte. “Half elf is goed.”
We liepen samen naar de fietsenrekken, terwijl Kyra voluit praatte over haar kleding, haar make-up, wie er zouden komen en wie niet, en nog veel meer onbelangrijke zaken. Ik zag er nu al tegen op.

Alle meisjes die naar het feest zouden komen, waren nu natuurlijk al lang klaar met het uitzoeken van hun outfit. Waarschijnlijk hadden ze er uren aan besteed, zodat ze er op en top uit zouden zien die avond. Ook hun make-up zou al op zijn plaats zitten en hun haren zouden perfect gestyled zijn. Ik was niet één van die meisjes.
Om kwart over tien besloot ik dat ik me maar eens aan moest kleden. Kyra kon er elk moment zijn. Mijn moeder had de hele dag enthousiast en overdreven vrolijk om me heen gehangen, en aangeboden mijn haren in te vlechten. Ik had het aanbod afgeslagen. Ik zag het feestje als een plicht, tegenover Kyra, ergens ook tegenover mijn moeder, maar ik had geen zin om er veel moeite voor te doen. Voor de jongen die het feest gaf had ik geld in een envelop gedaan. Ik wist niet wat gebruikelijk was om te geven, maar geld leek me altijd goed.
Ik had net mijn lange haar in een staart gedaan toen er werd aangebeld. Dat moest Kyra zijn. Ik pakte mijn tas en liep de trap af, waar mijn moeder al opgewonden stond te wachten. ‘Het lijkt wel alsof zij naar een feestje gaat in plaats van mij,’ dacht ik bij mezelf. Het viel me nog mee dat ze geen fotocamera in haar handen, om foto’s te maken zoals de meeste moeders dat deden wanneer hun kind naar het eindgala van hun school gingen.
“Veel plezier lieverd!” zei ze enthousiast en gaf me een knuffel.
“Dank je wel mama,” antwoordde ik, en worstelde me los uit de omhelzing. “Ik weet niet hoe laat ik thuis ben. Het zal niet al te laat zijn,” zei ik tegen haar. Mijn moeder wuifde met haar hand.
“Dat geeft niet schat, ik zie je vanzelf wel.”
Ik glimlachte weer, mijn moeder was zo anders dan de meeste moeders. Maar ik was dan ook anders dan de meeste dochters.
“Dag mama.” Ik deed de deur open en zag Kyra alweer op haar fiets zitten. Ik pakte ook mijn eigen fiets en knikte naar haar als teken dat we konden gaan. Vanachter het gordijn zag ik mijn moeder opgetogen naar me gluren. Ik zwaaide naar haar en haalde diep adem.
Daar ging ik dan.

:grinning:

verder, het blijft leuk

Het was al druk toen we aankwamen, modieus laat zoals Kyra had gezegd. Het was warm en zweterig en de muziek stond te hard.
“Kom, laten we Kyle zoeken,” riep Kyra in mijn oor en trok me mee aan mijn hand. Kyle was de jongen die het feest gaf. Hij zat een klas hoger en had blonde krullen had Kyra me verteld. Ik had nog nooit van hem gehoord maar toen Kyra uiteindelijk stil stond voor twee jongens, waaronder een jongen met blonde krullen, herkende ik hem als een van Timon’s vrienden. “Hey Kyle!” riep Kyra enthousiast. Kyle glimlachte naar ons, ik mompelde zachtjes “Hallo,” en gaf hem de envelop. Hij keek er even verbaasd naar, glimlachte weer en bedankte me. Kyra bleef nog even om hem heen hangen, maar toen hij zijn aandacht weer volledig richtte op zijn vriend draaide ze zich om naar mij.
“Zullen we drinken halen?” stelde ze voor. Ik knikte. We zochten een weg door de mensenmassa, en kwamen uiteindelijk uit bij een tafel die vol stond met drinken, voornamelijk alcoholische dranken, en vieze glazen. Kyra vond ergens twee schone glazen, en duwde er één in mijn handen.
“Wat wil jij?” vroeg ze me. Ik haalde mijn schouders op, en keek naar de tafel. Ik dronk nooit alcohol, en was niet van plan vanavond te beginnen. Ik zag een fles cola, en schonk mijn glas vol. Ik hield de fles voor Kyra’s neus, maar die schudde nee. Haar ogen gingen over de tafel, en ze pakte een fles met een goudkleurige drank erin. Whisky. Vragend keek ik haar aan, maar ze lachte alleen maar en keek toen de kamer rond.
“Weinig bekenden,” zei ze tegen me. Ik knikte instemmend mijn hoofd, ik kende niemand in de kamer.
“De hele klas zou toch komen?” vroeg ik aan Kyra, en die haalde haar schouders op.
“Die zullen zo wel komen. Of ze zijn ergens anders.”
Daarna stonden we een tijd zwijgend naast elkaar, tot Kyra me aanstootte en ergens naar wees. Ik volgde haar vinger, en mijn adem stokte heel even in mijn keel. Ik greep naar mijn onderbuik, want die doffe pijn was er weer. Daar stond Timon. Ik schudde ongelovig mijn hoofd, alsof ik niet wilde toegeven dat die buikpijn werd veroorzaakt door hem.
“Ga met hem praten,” riep Kyra in mijn oor.
“Ik ken hem niet.”
“Dan leer je hem nu kennen!”
Ik wilde echt niet met hem praten, maar Kyra trok me al mee. Ik probeerde me nog los te worstelen, maar Kyra was verbazend sterk en de grip op mijn hand verslapte niet.
“Hoi!” zei ze vrolijk toen we eindelijk voor hem stonden. Timon draaide zich om naar ons, en de vriend waar hij mee had staan praten keek ons verwonderd aan.
“Ik ben Kyra en dit is Emerald,” vervolgde ze.
“Hey, ik ben Joey en dit is Timon,” zei de vriend van Timon.
“Aparte naam, Emerald,” glimlachte Timon. Hij had een diepe stem, zwaarder dan de meeste jongens van zijn leeftijd.
“Ja eh, creatieve ouders,” zei ik en ik keek hem niet aan. Ik voelde hoe die felblauwe ogen me van top tot teen bekeken en uiteindelijk op mijn gezicht bleven rusten. Het voelde onprettig en ik schuifelde wat met mijn voeten. Toen lachte hij.
“Dat kun je wel zeggen ja. Mijn ouders waren niet zo origineel.”
Ik durfde hem eindelijk aan te kijken, en zag een glimlach om zijn mond spelen. Kyra was inmiddels in gesprek met Joey, de donkerblonde vriend van Timon. Het liefst had ik haar vastgepakt en meegesleept, weg van het feest. Ik had me nog nooit zo ongemakkelijk gevoeld en ik voelde mijn wangen rood worden. Ik wilde hier weg.