[verhaal] Abolicio Malum

Ik heb besloten aan een nieuw verhaal te beginnen! Ik heb wel een idee hoe het ongeveer zal verlopen, maar waarschijnlijk krijgt het uiteindelijk een andere wending die ik door een ingeving schrijf. Ik hoop dat jullie het wat vinden! Hier is in ieder geval al een proloogje. Tips en ideeën zijn altijd welkom!

Prologue (Hoofdstuk 1.1)

[b]Mijn hart bonkt in mijn keel als ik het kleine pad volg dat naar de ingang van het vliegveld leidt. Mijn handen rusten op mijn dikke buik, ik ben hoogzwanger, als ik om me heen kijk of ik hem al ergens zie. Niet mogelijk, want zijn privévliegtuig is waarschijnlijk nog niet eens aangekomen. Mijn korte beentjes lopen snel en maken kleine stapjes. Het zal er vast belachelijk uit zien, vooral met die grote buik, maar het boeit me niets. Ik zal hem eindelijk weer zien, na 7 maanden vol hormonen. Bij de ontvangst hal aangekomen blijf ik wachten en kijk naar buiten. Zijn kleine vliegtuigje is nog niet aangekomen, zoals ik al had verwacht. Minuten gaan voorbij, en dan een uur. Na drie uur wordt het me te veel. Heb ik me dan vergist in de datum? Nee onmogelijk, dat doe ik nooit. Vermoeid en met tranen in mijn ogen loop ik naar mijn auto en rijd naar huis.

Na mijn thuiskomst heb ik meteen mijn moeder gebeld, en daarna het vliegveld voor meer informatie. Ze konden me nog geen informatie verschaffen over de vlucht, en zouden me een dag later terug bellen. Natuurlijk las ik voor die tijd al op internet dat een privévliegtuig vanuit een militaire basis was gekaapt en neergestort voordat het in Eindhoven zou landen.
[/b]

Klinkt heel cliché, maar ik denk dat jij zelf het best weet waar jou verhaal over gaat. Die tip heb ik zelf ook gekregen, ik wist natuurlijk ook geen titel. En je titel hoeft natuurlijk ook niet definitief te zijn, je kunt het altijd aanpassen terwijl je bezig bent.

Je proloog klinkt trouwens wel leuk, ik zal proberen te volgen :slightly_smiling_face:

Het klinkt inderdaad behoorlijk cliché

Maar je schrijft wel fijn!

Hoofdstuk 1.2

[b]Wat doe je op zo’n moment? Sommige nachten lig je wakker en besef je je dat de kleine in je buik op zal moeten groeien zonder vaderfiguur. Andere nachten huil je alleen maar, zonder je ook maar even te verroeren. Geen beweging, maar in je hoofd maken je gedachten je gek. Een week lang heb ik niets kunnen doen, zo verlamd was ik. Mijn moeder besloot bij me te komen wonen en moest me verzorgen en zorgen dat ik tenminste at, wat al een hele prestatie was. “Doe het dan tenminste voor de baby.” Zei ze dan, als ik koppig nee schudde. Ik wilde niet meer leven, kon niet denken aan leven op deze manier, dus waarom zou ik dan eten of drinken of überhaupt maar iets doen? Want ik wist al vijf minuten nadat ik het bericht las, dat ik dit nooit zou volhouden. Ik had mijn leven voorgesteld met hem en onze kinderen, ook al was zijn werk soms gevaarlijk, dat dit zou gebeuren had ik zelfs nooit willen bedénken. Toch wist ik me met steun van mijn moeder door de eerste zes dagen heen te slaan. Ik snap nog steeds niet hoe zij zo sterk was dat ze mij kon helpen, ondanks haar eigen verdriet om het verliezen van haar schoonzoon.

Op de zesde nacht na het ongeluk begon er in mijn hoofd een knop om te draaien. Ik stond in de badkamer om mijn tanden te poetsen toen ik besefte dat het een kaping was. Voor die tijd had ik daar nog niet eens aan kunnen denken. Het enige wat me toen bezig hield was het verdriet dat me in stukken scheurde. Nu pas besefte ik dat het een kaping was, dat het niet zomaar ongeluk was. Het was met opzet gedaan, dat was zeker, omdat er met een ongeluk altijd een alarmsignaal word verstuurd door de kapitein. Dat alarmsignaal is niet verzonden, en volgens radar en satelliet beelden werd het vliegtuig expres naar beneden gedreven, in zo’n richting dat het geen ongeluk had kunnen zijn. Besef wordt in me vervangen door woede. Iemand was hier schuldig aan, en heeft in zekere zin mijn hele leven veranderd met een stomme zet. Wat in hemelsnaam kon er zo belangrijk zijn om dit te moeten doen?
[/b]

Ik volg zeker weten !

hoofdstuk 1.3
Vroeger

[b]Het is herfst als ik ‘s avonds buiten loop om onze hond uit te laten. Achter ons huis heb je een klein bosje wat hier erg geschikt voor is. Er loopt een smal pad door heen wat omringt is door geurrijke bloemen. Ik word er rustig van om hier te zijn, even helemaal afgesloten van het stadsleven. Roger moet over een paar weken weer naar oorlogsfront om daar te helpen en we gaan straks uit eten. Hij heeft een duur restaurant uitgekozen, en ik verwacht dat hij me vanavond ten huwelijk zal gaan vragen. Daarom loop ik al vanaf het moment dat hij vertelde dat we uit eten gaan met een grote lach op mijn gezicht. Roger is de liefde van mijn leven, degene die ik nooit verwacht zou hebben te krijgen. We zijn samen afgestudeerd aan dezelfde school, waar we elkaar hebben leren kennen. Het was puur toeval dat we elkaar daar tegenkwamen, omdat ik bedrijfskunde studeerde, en hij een opleiding in defensie volgde. Hij maakte een klein praatje met me, vroeg me mee uit en zo gebeurde het dat we 9 jaar later, nu we beiden 27 zijn, samenwonen in hartje Tilburg. En vanavond ben ik verloofd, denk ik met een verwarmd gevoel in mijn buik. Ik loop tevreden verder over het kleine pad, met mijn laarsjes klossend in de modder.

Als onze hond Hielke klaar is met het legen van haar blaas loop ik terug naar huis. Net als ik bedenk wat ik aan zal doen vanavond, hoor ik nog geen meter achter me een kuch. Ik draai me verbaast om, en realiseer me dan dat ik een fout heb gemaakt. Achter me staat een man, en doordat het donker is kan ik zijn gezicht niet zien. Ik schrik en sta verstijfd zonder me te kunnen bewegen. Binnen een paar seconden gooit hij me op de grond en gaat op me zitten. Ik probeer me te verzetten, maar zijn greep is ijzersterk. Een van zijn handen drukt tegen mijn hoofd tegen de modderige grond aan, terwijl zijn andere hand de doek in mijn mond probeert te duwen om mijn geschreeuw te dempen en hard tegen mijn neus duwt. De doek is vochtig, en ik ben als de dood dat ik ga stikken. Maar binnen een paar seconden besef ik dat het doel niet is om mij te laten stikken, maar om me te verlammen. Even ruik ik een sterk, giftige en waarschijnlijk vergassende liquid, en dan wordt alles zwart. [/b]

Morgenavond zal ik weer een stuk posten! :slightly_smiling_face:

Spannend !

Hoofdstuk 1.4

Deze keer lees ik het artikel in de krant niet vol tranen in mijn ogen, maar met een vastberadenheid die mijn handen laat trillen. Ik heb het stuk maar een keer gelezen, verplicht door mijn moeder die dacht dat ik er anders later spijt van zou krijgen, en heb er later nooit meer aandacht aan besteed, in de gedachten dat het niets uit zou maken. Roger was weg, en zo nooit meer terug komen. Geen krantenbericht zou dat veranderen. Maar dit keer lees ik het anders, zoekend naar informatie gericht op de kaping zelf. Veel staat er niet in, besef ik na een paar keer lezen. Ongeduldig gris ik de stapel kranten die zich door de dagen heen heeft opgestapeld van de tafel, en zoek naar meer berichten over de kaping. Mijn adem versneld en ik ben bang dat ik ga hyperventileren, maar het enige waar ik nu iets om geef is meer informatie. Ik heb eindelijk weer een doel gevonden en ben van plan dat niet los te raken. Na een paar kranten wordt ik pas echt paniekerig, want ik kan helemaal niets vinden. Wat als dit alles is wat ik er over kan vinden, maar een klein stukje tekst met geen verklaring over hoe het precies is gebeurd? Ik begin tranen in mijn ogen te krijgen en begin in mezelf te praten, en als ik begin te schreeuwen komt mijn moeder binnenlopen en kijkt me geschrokken aan. Dan snelt ze naar me toe en probeert me te troosten met sussende woorden. Ik zak jammerend in elkaar en negeer de stekende pijn in mijn rug. Als ik gekalmeerd ben pakt mijn moeder de kranten en vraagt me of ik wil dat zij ze nog eens doorzoekt. Ik knik geluidloos ja, en binnen vijf minuten heeft ze meer informatie gevonden. Blijkbaar heeft extreme vastberadenheid een negatieve invloed op mijn zoekprestaties. In een van de meest recente kranten staat een stukje meer gericht op de kaping zelf, en ze begint voor te lezen. Toch is, kort samengevat, het enige waar we iets aan hebben, dat ze ongeveer weten hoe laat het vliegtuig is neergestort en waar. Niet veel meer dan we al wisten. Verder staat er dat doordat iedereen is omgekomen het onmogelijk na te bootsen is door wie het is gekaapt en waarom. Dat is teleurstellend, want ik streef er naar dat te mogen weten. Kortom; dit is alles waar ik mee zal moeten leven.

Hoofdstuk 1.5
vroeger

[b]Ik word met een bonzend hoofd en stroeve ademhaling wakker en besef vol afschuw dat ik halfnaakt ben. Oh nee, denk ik, nee dit meen je niet. Dit kan mijn niet zijn overkomen, alsjeblieft zeg dat dit niet waar is. Dan begin ik te huilen en na een paar minuten komt Hielke aankwispelen die niet begrijpt wat er allemaal is gebeurd. Vol tranen kijk ik haar aan en haal dan een beetje troost uit het omhelzen en aaien van haar dikke vacht. Ik begraaf mijn gezicht achter haar kop en huil zachtjes totdat ik weer een beetje rustig ben. Dan begin ik mezelf te onderzoeken. Je ziet niets aan me, ik zit ben niet heel erg afgeranseld of geslagen dus ik zal niet eens blauwe plekken krijgen, gelukkig. Maar ik voel wel pijn, en niet alleen fysiek. Het brand heel erg, en als ik opsta durf ik bijna niet te lopen. Ik haal diep adem om niet weer te gaan huilen. Na een paar passen voel ik het sperma naar beneden druipen, en dan geef ik over. Hielke kijkt me aan en voelt nu aan dat er iets mis is. Ze komt naar me toe en duwt haar kop tussen mijn benen. Even aai ik haar en bedenk me dat dit mijn hele leven achterna zal blijven komen. Zal ik überhaupt nog wel ooit normaal seks kunnen hebben? Ik zal de dader nooit herkennen op straat door het donker, en ik zal nooit weten wie dit mij heeft aangedaan. Ik krijg weer tranen in mijn ogen en loop een paar keer op en neer om weer tot rust te komen. Dan verman ik mezelf en terwijl ik naar huis loop houd ik mezelf voor dit aan niemand te vertellen. Het is makkelijker iets gewoon te negeren dan je er zelf mee confronteren, laat staan anderen er mee te belasten.

Diezelfde avond word ik inderdaad zoals verwacht ten huwelijk gevraagd, en even kan ik gelukkig zijn, totdat ik weer word herinnerd aan de gebeurtenissen eerder die avond. Roger vroeg me telkens wat er was, maar ik hield stug vol dat ik verdriet had om het feit dat hij over een paar weken weer moest vertrekken, wat natuurlijk ook waar was. Later die avond hadden we een paar keer seks, zodat ons eerste kind later dat jaar hopelijk zou kunnen worden geboren, net nadat hij weer terug zou komen van het oorlogsfront. Ik heb nooit de kans gekregen om hem te vertellen dat het kind misschien niet van hem zou zijn. [/b]

Wel cliché, maar ik ben ontzettend benieuwd waar het naar toe gaat…ik volg :slightly_smiling_face:

Morgen zal ik proberen weer een stukje te plaatsen!x

Hoofdstuk 1.6

[b]Na het lezen van de kranten heb ik het internet afgespoord naar informatie, maar omdat het om een privévliegtuig ging, was het de media er niet veel verder op in gegaan. Er stond op internet niet veel meer dan er in de krant al was beschreven. Een andere optie voor informatie was natuurlijk het vliegveld. Ze hadden wel de beschikking tot informatie over wie er in het vliegtuig aanwezig waren, maar mochten deze informatie niet met mij delen. Nadat ik een half uur heb uitgelegd, op een zeer onprettige manier voor mijn gesprekspartner, dat ik er alles voor zou doen om deze informatie te krijgen, kwam mijn moeder aansnellen om haar excuses aan te bieden en het gesprek te beëindigen. Daarna heb ik contact opgenomen met de militaire dienst, en gevraagd of zij misschien meer konden vertellen. Ik zou later die week langs kunnen komen voor een gesprek. Ik moet je zeggen dat ik geluk had dat een hechte collega van Roger mij hielp, want ik weet niet of ik anders een lijst met namen van aanwezigen in het vliegtuig mee had gekregen. Volgens mij is het bij de militaire dienst ook niet toegestaan om dat soort documenten mee te geven, maar toch kreeg ik ze. Wat ik met deze lijst ga doen weet ik nog niet precies. Misschien neem ik hem een keer door en besef dan dat ik er niets mee kan. Misschien kan ik er wel iets mee, er besluit ik een soort onderzoek te doen naar iedere aanwezige om er zo achter te komen wie het minst spoorde, en wie de meest waarschijnlijke dader was.

Ik bedankte de collega Nick hartig, en hij vroeg me of we op een later tijdstip samen konden praten over het incident. Naast mijn moeder heb ik er alleen nog maar met mijn beste vriendinnen over gehad, en het zou fijn zijn om er ook even met iemand over te hebben die net zo close was met Roger als ikzelf. Met iemand die ook werkelijk veel verdriet deelde, ook al had hij vast al veel onprettige dingen meegemaakt tijdens zijn carrière. Dus spraken we om negen uur af bij mijn lievelingsrestaurant in Tilburg.[/b]

Leuk!

Wanneer schrijf je verder?

Sorry voor het niets laten weten! Ik was twee weken op vakantie. Ik zal morgen weer een stukje voor jullie posten! x

Kan niet wachten!

Ik volg :slightly_smiling_face:

Hoofdstuk 1.7

Ik was al om half 9 bij het restaurant, met spanning gierend door mijn lijf. Waar die spanning vandaan kwam was me niet helemaal duidelijk, maar ik ging er van uit dat het kwam door de zwangerschap. Ik legde mijn handen op mijn buik en liep moeizaam naar de ingang die omringt werd door bloembakken met kleurrijke planten. Na een aantal minuten besloot ik toch maar alvast naar binnen te gaan om een drankje te halen. Even overwoog ik om gewoon een wijntje te drinken, maar besloot dat dit echt niet kon en bestelde een cola. De man achter de man lachte vriendelijk naar me toen hij het glas voor me op de bar zette. “Hoe lang moet je nog?” vroeg hij, en hij wees naar mijn buik. Ik nam niet de moeite om zijn glimlach te beantwoorden. “Nog 7 weken.” Zei ik kortaf. Blijkbaar zag de man in dat ik niet in was op een praatje, en draaide zich om en begon wat glazen af te wassen. Een zwangere vrouw met levende man vindt het geweldig als mensen vragen naar de leeftijd van haar kind, maar bij een weduwe zwangere vrouw moet je er niet een aan dénken het te vragen.
Ik had mijn tweede cola net besteld toen Nick binnen kwam lopen. Ik zag hem me zoeken, met zijn rechterhand om een paraplu geklemd. Zijn kleren waren vanaf zijn romp doorweekt, en zijn schoenen klotsten bij iedere stap. Ik bleef zitten en deed niets, deed alsof ik hem niet zag. Ik wilde niet de eerste zijn die de ander moest condoleren. In dit soort situaties is het heel moeilijk om in te schatten wat je moet doen, of wat je moet zeggen. Dus wachtte ik tot hij mij eindelijk op mijn schouder tikte en zijn hand uitstak om me van mijn stoel te helpen, ook al had ik dat zelf ook gekund. Even was het stil, want beiden wisten we dat het telefoongesprek veel minder ongemakkelijk was geweest dan elkaar in het echt zien. Ik keek hem aan en deed iets wat ik nooit verwacht had te doen. Ik sloeg mijn armen om zijn borstkas, zo ver als het mogelijk was door mijn buik, en knuffelde hem. Zo stonden we even om elkaar te troosten, en toen liep ik naar de bar om mijn tweede cola op te halen.

Weer een leuk stukje! :slightly_smiling_face:

Dit doet me ook erg aan MH17 denken…:confused: