[V] Will we remember

Het geknapper van het sneeuw klinkt protesterend onder mijn schoenen. De witte vlokjes die uit de lucht vallen belanden boven op mij. Ik trek mijn jas nog iets verder dicht, wikkel mijn sjaal nog iets beter om. Nu ik toch bezig ben, voel ik direct nog eventjes of mijn muts wel goed zit. Een windvlaag beweegt de blonde haarsprietjes die onder de grijze muts vandaan komen. Ik schud eventjes met mijn hoofd, een klein tikje van mij wanneer het koud is. Eventjes stop ik bij een kruispunt, controleren of er geen auto aan komt en dan vervolg ik mijn route weer. Direct na het kruispunt links, na een paar meter weer rechts. Hier moet je altijd wachten voor de stoplichten. Dit is een punt waar dag en nacht auto’s langsrijden. Geen moment van rust, daarom lijkt het me niks om aan deze straat te wonen. Ik kijk naar de mensen die net als mij op het stoplicht zitten te wachten, maar dan in de auto. Zelfs daarbinnen hebben mensen een sjaal om. Wanneer ik tegenover mij de auto’s weg zie rijden, besef ik dat ik ook door mag lopen. Ik zet weer voort en loop in een rustig tempo langs alle auto’s. Deze keer negeer ik de mensen en kijk ik naar beneden. Altijd voel ik me schuldig wanneer ik in mijn eentje over moet steken. Dan moeten mensen op mij wachten. Ook al weet ik dat het eigenlijk niet zo gaat. Mijn voeten stappen naast een ander spoor, hier heeft al eerder iemand gelopen. Het zal ook niet. Waar ik links ga, gaan de sporen rechtdoor. In gedachte zeg ik de sporen gedag en volg ze nog even vluchtjes. Ergens verderop zie ik iemand lopen, zouden die sporen van die persoon zijn? Ik besluit er geen moeite meer voor te doen en open het tuinhekje. Zodra ik erdoor heen ben gestapt sluit ik het hekje achter mij en loop door naar de voordeur. Nadat ik drie treeën heb overwonnen klop ik aan op de deur, wetend dat de bel het niet doet. Na nog geen minuut wachten word de deur open getrokken en kijk ik in de ogen van Claire. Ik glimlach en zet een stap naar binnen. Ik draai me om, tik het sneeuw van me schoenen af door tegen de drempel aan te tikken. Als mijn schoenen sneeuwvrij zijn stap ik verder naar binnen en trek ze uit.
‘Hé’ begroet ik iedereen die in de kamer zit. De hele familie zit bij elkaar. Papa Smith, mama Smith, broer Rense, en zusje Sterre. Allemaal kijk ik ze stuk voor stuk eventjes vluchtjes in de ogen aan. Van allemaal krijg ik een begroeting terug. Sterre komt op me af gelopen.
‘Hoi Sam! Kijk eens wat ik gemaakt heb?’ ik volg Sterre naar het tafeltje waar ze net zo driftig aan zat te tekenen. Terwijl ze zich aan mij vasthoud, wijst ze vrolijk naar haar tekening. Het is een paard met iemand erop zit. Een beetje een sprookjestekening. De tekening ziet er mooi uit en dat zeg ik ook tegen haar. Stralend geeft ze mij de tekening. ‘Hier, mag je hebben.’ Ik glimlach en neem de tekening over.
‘Sam, moet je nog wat drinken?’ hoor ik Claire vanuit de keuken roepen. Ik sta op om richting de keuken te lopen.
‘Ik laat hem nog eventjes hier liggen goed? Straks word hij nog nat van de sneeuw,’ zeg ik tegen Sterre voordat ik me omdraai. Eenmaal in de keuken staat er al een glas voor me klaar, gevuld met cola.
‘Cola light, zoals je altijd hebt’ grinnikt Claire. Ik glimlach vluchtjes naar haar voordat ik een slok neem.
‘Hoe laat gaan we die kant op?’ Ik kijk haar vragend aan. Claire en ik hebben afgesproken naar het bos te gaan met een paar vrienden. Genieten van de sneeuw, gewoon ronddwalen en we zien wel wat we doen. Doen we vaker, altijd word het gezellig.
‘Wat mij betreft kunnen we zo wel gaan, zal zo wel eventjes de rest vragen of die er al zijn.’ Ze heeft het nog niet gezegd of ze zit alweer driftig op haar telefoon te tikken. Elke keer sta ik er nog van versteld hoe snel ze haar vingers over de telefoon kan bewegen en er een foutloos sms’je uitkomt. Ze heeft het sms’je nog niet verstuurd of haar telefoon gaat al over. ‘Ontvangstbevestiging’ lacht ze. Ze stopt haar telefoon weer terug in de broekzak en loopt richting de woonkamer. Nog voordat ik aanmaak om ook richting de woonkamer te gaan neem ik nog even een slokje. Een kleine ‘aah’ verlaat mijn mond.
Eenmaal aangekomen in de woonkamer laat ik me voorzichtig op de bank vallen. Rense, die druk bezig is op de playstation, kijkt even snel op. Een klein glimlachje word zichtbaar en dan verdiept hij zich weer in het spel. Wat het met deze familie is weet ik niet, maar ze zijn stuk voor stuk perfect. Van vaders oudste tot zusjes jongste. Het hele gezicht is volmaakt en stiekem kan ik daar best jaloers op worden. Foto’s die van de familie Smith genomen worden zijn altijd mooi. Maar bij mij moet de foto eerst tien keer over, voordat ik er eens redelijk op sta. Soms ben ik er wel trots op hoor, dat Claire mijn vriendin is. Afgezien van het feit dat we altijd plezier hebben met elkaar, voel ik me vereerd dat ze met mij omgaat. Ik zie mezelf toch echt tot een van de middelmatige meiden als het om uiterlijk gaat. Ik word verstoord uit mijn gedachten door het sms geluid van Claire.
‘Ze zijn al bijna bij de rand. Zullen wij zo ook gaan?’ Ik knik, neem een paar grote slokken van mijn cola en zet het glas weer terug op tafel. Nog eventjes kijk ik naar het spel van Rense aan het spelen is. Een schietspel, nooit echt een fan van geweest. Rense heeft door dat ik mee kijk.
‘We kunnen wel een keertje tegen elkaar spelen?’ grijnst hij, zijn ogen worden samengeknepen. Zijn mooie groene ogen, die perfect uitkomen onder zijn blonde, wilde haren.
‘Andere keer, beloofd? We gaan zo het bos in.’ Voorzichtig zet ik een lach op. Altijd onzeker geweest over mijn lach.
‘Beloofd’ knipoogt Rense, en wend zich weer naar het spel.

Leuk, maar jemoet wel even letten op kleine foutjes, want dat leest vervelend. Het is bijvoorbeeld de sneeuw, enniet het sneeuw. Ik hoop dat je dr wat aan hebt.
X

Ik vind het mooi en gedetailleerd geschreven. Soms begin je de zin wel iets te veel met ‘ik’ dat kun je misschien nog veranderen?
Maar het is zeker niet slecht, dus ik zou zeker verder gaan als ik jou was.^^

-btw, misschien in het eerste stukje iets meer alinea’s plaatsen? Anders is het zo’n vierkante blok en dat leest minder uitnodigend, wat heel zonde zou zijn. :]

Leuk verhaal, wil snel meer lezen. ;p Je beschrijft tenminste en je ‘en toen en toen en toen’-gehalte staat gelukkig ook op een laag pitje. ;d