[V] Voor eeuwig en langer

Ik ga het opnieuw proberen met een ander verhaal.
Het is een fanfiction over de twilight saga’s, dus heb je daar geen zin in klik dan maar op het kruisje rechts boven in je beeld.
Commentaar &tips zijn altijd welkom!

Abbygale is voor de zoveelste keer in haar leven verhuisd. Omdat haar moeder overal op de wereld werkt verhuizen ze telkens. Dit keer is het saaie stadje Forks aan de beurt. Tenminste het leek er saai, maar als Abbygale word opgemerkt lijken er dingen anders te gaan.
Er veranderen dingen, en niet altijd op een goede manier.

Over je stuk hieronder: je moet goed letten op schrijffouten, bv in de eerste zin: hielt moet hielD zijn. En zo zie ik er nog een paar…
het is nog niet zo dat ik nu kan zeggen van, dit is leuk ofzo, daarvoor moet je al wat meer hebben geschreven :slightly_smiling_face:

1. Goed nieuws

Ik zat op de vensterbank en hield een van de vele kussen die er op lagen tegen mijn buik aan gedrukt. Ik had buikpijn, nervositeit. Ik was altijd nerveus als ik wéér naar een nieuwe school moest. Je zou denken dat je er aan zou wennen, maar niet was minder waar. Ik gaapte ongegeneerd. Ik had vannacht niet veel geslapen, weer die nervositeit. Ik staarde naar buiten, de sneeuw reflecteerde het licht. Vanmiddag had het hard gesneeuwd in Forks, iets te veel als je het mij vraagt. Ik hield niet zo van sneeuw, sneeuw betekende dat het te koud was om te regenen. Ik wierp een blik op de kalander die aan de binnenkant van mijn deur hing. Ja, het was toch echt twaalf maart. Maar waarom sneeuwde het dan nog steeds? Mijn moeder gaf ons de schuld, de mensen. Het was onze schuld dat het klimaat veranderde, strenge winters en warme zomers. Ik hoopte maar dat het laatste gedeelte ook klopte, hoewel ik er niet zeker van was of het ook voor hier gold. Afgelopen week had ik research gedaan naar deze plaats en hij kwam er niet al te best van af. De zon bleek hier maar af en toe te schijnen, een deprimerende gedachten dus.
“Abby, kom je nog even naar beneden?” hoorde ik mijn moeder roepen vanaf onder aan de trap. Tenminste ik nam aan de het mijn moeder was, mijn vader had hopelijk niet zo’n verwijfde stem. Maar ze riepen mij, Abby. Mijn officiële naam was Abbygale Marlena Hookers, maar iedereen noemde me Abby. Zelf ben ik ook een voorstander van Abby, Abbygale duurde veel te lang. Ik stond vermoeid op, de klok gaf aan de het bijna half elf was. Als ik slim was kon ik maar beter naar bed gaan, morgen was mijn eerste schooldag. En eerste schooldagen verliepen nooit soepel. Ik liep de ouderwetse houten trap af naar beneden en zag mijn beide ouders in de woonkamer wachten. Ze zaten samen op de enige bank, dus ik ging op een van de twee stoelen zitten.
“Ik ben er,” zei ik droog en keek afwachtend naar mijn ouders.
“Ben je nerveus?” vroeg mijn moeder. Ik zuchtte, ze kende me veel te goed.
“Nee hoor.” loog ik en probeerde haar niet aan te staren. Ik hoorde een “Hmmm” van mijn moeder afkomen en ik keek onschuldig. “Waarom moest ik komen?” vroeg ik nieuwsgierig. Mijn vader en moeder wisselde even een blik met elkaar en toen keek mijn moeder me met pretoogjes aan.
“We hebben goed nieuws.” zei ze blij. Ik voelde me misselijk worden.
“Je bent toch niet zwanger!” stootte ik uit. Mijn moeder schudde haar hoofd.
“Nee toch!” zei ze snel. “Iets beters.” Ik kon eigenlijk niks bedenken, dus haalde ik mijn schouders op.
“Vertel het haar gewoon.” bromde mijn vader, hij was duidelijk niet zo’n fan van alle drama.
“Oké,” zei mijn moeder met tegenzin. Ik keek haar afwachtend aan.
“Vertel nou!” spoorde ik haar aan.
“We blijven minimaal tot aan je examen in Forks wonen, dus we verhuizen niet meer!” zei ze toen snel. Een klein gilletje ontsnapte uit mijn mond. Dit was geweldig nieuws voor mij. Al zo vaak was ik verhuist, had nieuwe vrienden gemaakt. Telkens weer hetzelfde opnieuw, dat was niks voor mij.
“Wat vind je er van?” vroeg mijn moeder, wachtend op antwoord.
“Geweldig!” liet ik haar weten en ik stond op om hun te omhelzen. Ik nestelde me tussen mijn vader en moeder in en keek ze beide gelukkig aan. Morgen zou nu minder erg worden.
Het was fijn om te weten dat morgen langer zou duren als een paar maanden.

Was ik al van plan =)

Heel leuk om te lezen. Ga gauw verder :grinning_face_with_smiling_eyes:

2. Forks High School

Het was meteen zitbaar dat weinig zon je niet veel goeds deed. Iedereen om me heen leek vermoeid en chagrijnig. De leerlingen stapten uit hun auto’s die geparkeerd stonden aan de voorkant van de school. Het waren niet zulke mooie auto’s, een paar auto’s sprongen er voor mij wel uit maar ik kon niet zeggen wel merk het was. Nou moet ik er wel bij vertellen dat ik zelf redelijk verwend was, ik had voor mijn zestiende verjaardag een Mercedes gekregen. Ik was er ontzettend zuinig mee en ik had, nu ander half jaar later, nog steeds geen krasje. Ik parkeerde mijn auto net zoals de rest en stapte een beetje onwennig uit. Er stonden niet heel veel auto’s, maar de school lag best afgelegen. Zouden er gewoon zo weinig mensen op deze school zitten? Mijn vraag werd beantwoord toen ik door de gangen liep. De gangen waren eigenlijk te groot voor de school, er liepen te weinig leerlingen. Ik was ergens wel blij met de ruimte hier, op mijn vorige school kon ik amper van les naar les lopen. Daar was het gewoon veel te druk voor. En als je in de rij stond voor de lunch dan was de pauze voorbij als je net wat eten had bemachtigd. Ja, het deed me goed dat ik hier gewoon lekker breed kon lopen. Ik liep door de gangen, ik wou het niet toegeven maar eigenlijk was ik verdwaald. Ik had een nummer en een sleutel gekregen, nu moest ik alleen nog op zoek naar mijn kluisje. Mijn tas voelde zwaar aan mijn schouder, het zat vol met al mijn boeken van deze dag. Ik moest echt mijn kluisje vinden, ik kon niet zo de heel dag rondlopen. Eindelijk zag ik het, nummer 316. Mijn kluisje dus. Ik stopte de sleutel er in en vol goede hoop draaide ik hem om. Het zou echt iets voor mij zijn dat de sleutel nu niet paste of zo. Tot mijn geluk paste de sleutel met gemak en snel dumpte ik mijn boeken in het kluisje. Ik voelde me een beetje een nerd toen ik mijn rooster uit mijn agenda haalde om te zien welke vakken ik de eerste uren zou hebben. Toch wou ik het risico niet lopen om meteen een slechte indruk te maken om mijn leeraren. Ik zag dat ik Grieks en wiskunde had, dat werd niet bepaald makkelijk. Het waren namelijk een van mijn slechtste vakken. Een zachte bel ging en snel checkte ik nog een keer of ik alles had. De zenuwen werden steeds erger toen ik dichter bij het lokaal kwam. De lokalen waren erg makkelijk te vinden, overal hingen bordjes en stonden nummers. Ik was ruim op tijd bij het lokaal en de leraar merkte me meteen op.
“Daar zul je der hebben.” zei hij opgewekt, doelend op mij. Ik glimlachte naar hem en bloosde een beetje. Er was duidelijk over me gesproken, iedereen zou weten wie ik was. Maar wie zou er dan ook in hemelsnaam naar Forks willen verhuizen? Als je hier was geboren dan kon je er niks aan doen, maar de mensen hier vonden ons waarschijnlijk gek. Het verbaasde me ook dat mijn moeder speciaal hier heen moest voor werk. Wat was er nou zo speciaal hier? Mijn moeder was een goede advocate, er was een speciale klant hier in Forks die haar hulp nodig had. Er bleken namelijk de afgelopen tijd een paar vreemde dingen gebeurd te zijn en mijn moeder moest die personen verdedigen. Ik vond mijn moeders werk maar raar, ze verdedigde eigenlijk de slechte mensen in mijn ogen. Zelf vond ik het niet erg, die vreemde dingen bedoel ik. Een beetje actie was precies wat dit stadje nodig had. Of was het een dorp? Eerlijk gezegd, het interesseerde me niet eens. De leraar stelde zich voor als meneer Tomphsen. Ik knikte beleefd naar hem en beantwoorde zijn vragen. Hij zette me neer op een lege plaats in het midden, er zat al een klein meisje. Ze stelde zich meteen voor als Jessica en bood aan om mee te lopen naar mijn volgende les. Ik bedankte haar, maar eigenlijk kon ik het wel prima alleen af. Ik wist waar ik zo wiskunde had, het was hier vlak bij net om de hoek. Jessica praatte enthousiast door meneer Tomphsen heen en ze werd een paar keer gewaarschuwd, toch werd ze er tot mijn verbazing niet uitgestuurd. De leraren hier waren veel te soft. Waarschijnlijk omdat ze de ouders van de kinderen kenden, of misschien wel zelsf familie waren.
“Abbygale, weet jij het goede antwoord?” werd er opeens aan me gevraagd.
“Abby,” verbeterde ik hem. “Abbygale is zo lang.” zei ik blozend. Meneer Thomphsen knikte en stelde vraag opnieuw.
“Abby, weet jij het goede antwoord?” Ik lachte naar hem en gaf hem zijn antwoord, hij knikte goedkeurend.

3. Eerste Indruk

De les ging snel voorbij en met goede hoop liep ik naar wiskunde, dit alles was zo slecht nog niet bedacht ik me. Daar bij wiskunde zag ik ze voor het eerst, een wit meisje en een nog wittere jongen. De jongen had blauwe cirkels onder zijn ogen en zag er vermoeid uit. Het meisje wierp om de seconde een blik op de jongen, alsof ze bang was dat hij een illusie was en elk moment kon verdwijnen. Tijdens de wiskunde les zat ik voor in de klas, en zij achter in. Maar toch wierp ik af en toe onopvallend een blik naar de twee. De jongen keek één keer terug, een beetje met een bezitterige blik in zijn ogen. Het meisje zag dat de jongen ergens naar staarde en ze volgde zijn blik, die bij mij uitkwam. Toen ze me zag begon ze tegen de jongen te fluisteren. Snel draaide ik mijn hoofd weg en richtte me weer op meneer Vanner die ons een wiskunde som probeerde uitteleggen. Toen de bel ging stond ik haastig op en liep me de massa mee naar de kantine. Al meteen zag ik Jessica staan, omringd door nog een paar andere meisje. Ze hadden allemaal al een lunchblad in hun handen, ze stonden duidelijk op mij te wachten.
“Dit zijn Angela, Lizzy en Becks.” stelde Jessica de meisjes voor. Ik wist nu nog niet wie wie was, maar daar kwam ik vast wel snel genoeg achter. Terwijl we in de rij stonden zag ik de jongen en het meisje van net aan een grote tafel gaan zitten, er zaten al twee meisje en twee jongens. Met zijn zessen zaten ze aan de tafel, elk dienblad was rijkelijk gevuld maar geen een van alle leken ze het echt op te eten. Het meisje van net viel erg uit de toon bij de rest, ze waren allemaal zo knap en wit. Het meisje paste er gewoon niet tussen. Waarschijnlijk paste niemand tussen de rest van de groep, ze leken wel familie.
“Wie is zij?” vroeg ik nieuwsgierig aan Jessica terwijl ik nog steeds naar het meisje staarde. Jessica keek niet eens op om mijn vraag te beantwoorden.
“Dat zijn de Cullens, ze zijn allemaal geadopteerd. En dat andere meisje is Bella.” zei ze minachtend, blijkbaar mocht ze hun niet zo.
“Hebben ze iets samen? Ik bedoel die linker jongen en Bella?” vroeg ik. Jessica keek me aan en leek de juiste woorden te zoeken.
“Wil je iets met hem of zo!” zei een van de andere meisjes, ze had een schelle stem en bijna heel de kantine leek haar ook te horen. Inclusief de Cullens. Ik schudde wild met mijn hoofd.
“Nee! Alleen ze lijken samen zo anders dan alle andere stellen. Ze lijkt zo bang, net als of hij een loverboy is of zo.” zei ik terwijl ik naar Bella’s gezicht keek. De groep lachte.
“Edward, een loverboy? Nee!” zei een andere meisje. Ik staarde nog altijd naar de Cullens terwijl ik vooral Bella in de gaten hield, ze leek echt heel bang. Plots keek het zwartharige meisje naast haar me aan, daarna veranderende haar uitdrukking en staarde ze voor zich uit met een doodse blik. De jongen naast haar met blond haar schudde aan haar arm en probeerde haar te kalmeren. Maar waar was ze van geschrokken? De jongen naast Bella, Edward, bemoeide zich er nu ook mee en staarde het zwartharige meisje in de ogen. Edward knikte en keek toen mijn kant op, net als de rest van zijn familie. Ze keken me allemaal vijandig aan maar ik bleef arrogant naar ze kijken. Bella leek in paniek, ik zag hard mond bewegen en ze leek iets als: “Wat is er?” te zeggen. Edward boog zich naar haar toe, hij leek wel te fluisteren maar ik zag zijn mond amper te bewegen. Ook het zwartharige meisje keek naar Bella. De ander drie, keken nog steeds naar mij. De jongen die aan de rechterkant van de tafel zat was enorm gespierd, naast hem zat een bloedmooie blonde vrouw. Ja, ze leek meer op een vrouw dan op een meisje. Naast haar zat de blonde jongen die zijn armen om het zwartharige meisje had geslagen. Ze waren allemaal zo ongelofelijk knap, alsof ze zomaar uit een film waren gestapt. Plots riep Belle verschikt: “Volturi!” De hele kantine richtte zich tot haar en Edward legde zijn vinger op haar mond, als gebaar dat ze stil moest zijn. De blonde vrouw keek me nog even aan en haar mond krulde, snel keek ik van haar weg. Jessica en de rest leken dit alles doodnormaal te vinden.
“Zijn ze altijd zo…?” vroeg ik terwijl ik naar het juiste woord zocht om de Cullens te beschrijven.
"Zo bloedmooi en vaag?” hielp Jessica me. “Ja dat zijn ze altijd.” Door haar toon had ik de neiging door te vragen, maar ik deed het niet. Het was wel duidelijk dat Jessica de Cullen en Bella niet mocht.
“Ze komen zeker niet van hier?” rade ik.
“Ze zijn pas hier komen wonen. Ze woonde eerst in Alaska.” zei Jessica, nog altijd minachtend.
“Echt bemoei je er niet mee, het brengt je alleen maar last.” zei het kleinere meisje, ik herinnerde me dat ze Angela heette.
“Doe ik.” verzekerde ik haar. Blijkbaar waren de Cullens niet zo welkom ontvangen als ik nu. Ik was blij dat de meisjes een beetje normaal tegen mij deden.
“Ga je mee?” vroeg Jessica en ze begeleide me naar hun tafel.

Je zegt nu fanfiction op de Twilight saga’s, maar wánneer begint dit verhaal ergens?

Je schrijft vreemd

“Tenminste ik nam aan de het mijn moeder was, mijn vader had hopelijk niet zo’n verwijfde stem.”

x]