[Short story]

Ik vroeg me af wat jullie ervan vonden. Kritiek, commentaar etc allemaal welkom;] En een titel eigenlijk ook;p

Dit is het:

Als een sneltrein flitsten de gedachtes door mijn hoofd, zonder begin en zonder eind. Zwarte gedachten, dingen waaraan ik liever niet herinnerd wilde worden. Maar daar zou straks een eind aan komen. Woorden dwarrelden door elkaar heen, niet wetend waar ze moesten staan, en wat ze bedoelden. Flitsen van herinneringen en foto’s, liet mijn hoofd aan mij zien, zonder dat ik het eigenlijk wilde. Herinneringen waar ik eigenlijk niet aan herinnerd wilde worden schoven één voor één voor mijn netvlies.
Mijn laatste verjaardag, ik was net 17 geworden, er stond een taart op de tafel. Maar mijn ouders waren nergens te bekennen. Stil zwijgend had ik voor me uitgestaard in het niets. Totdat de deur kraakte. Mijn ouders waren binnen gekomen, schreeuwend. Mij dingen verwijtend. Het was de drank had ik geweten. Maar door de drank kon ik er niet meer tegen. Steeds maar drinken, steeds meer en meer. En ik werd er uiteindelijk het dupe van. En ik was uiteindelijk ook de oorzaak ervan. Ik kon het niet meer. Mijn leven, een groot zwart gat, een gat met alleen maar mijn dronken ouders en ik. Ruziënd, schreeuwend. Maar vooral liefdeloos. Het enige wat ze lief hadden was hun drank. Altijd maar hun drank. Na vannacht zou het allemaal verleden tijd zijn. Dat wist ik. Want dat was, wat er ging gebeuren.
Een tweede herinnering flitste voorbij. Een afgelegen spoor. Donker. Een zwarte kraai zat heel luguber te pikken in een dood wezen. Maar verrassend genoeg, paste dit in het geheel. En paste dit bij mijn gevoel. Na vannacht zou mijn gevoel anders zijn.
Ik werd weer mee genomen door de trein van herinneringen. Steeds sneller, steeds meer. Duizeligheid, misselijk. Mijn maag begon op te spelen. Ik strompelde heen en weer. Over straat. Donker. Nacht. Het zwakke schijnsel van lantaarns, waarvan de laatste zich al zo’n 400 meter achter me bevond. Ik begon het zwakke aftreksel van de brug te zien. Je zag niet veel, maar het was genoeg. De brug. De brug waar alles begonnen was. Hun relatie, mijn verwekking, hun drankprobleem. En ironisch genoeg was daar ook alles geëindigd. Hun drankprobleem, tenzij ze het daarboven ook nog zouden hebben, hun relatie, hun leven, ikzelf, mijn leven.
Met mijn hand stevig om de hals van de fles heen zwabberde ik door het donkere steegje. Vanuit hier kon niemand mij zien. Niet dat mensen me ooit wel hadden zien staan. Zelfs niet als ik voor hun neus stond. Nooit, nooit was er iemand geweest. Ik was altijd alleen. Niemand zou me missen. Niemand zou het merken. Misschien later, als alles anders zou zijn.
Ik strompelde verder. Er was inmiddels helemaal geen lantaarnpaal meer te zien. Het was donker, pikkedonker in het verder verlaten steegje. Ik vervolgde mijn weg naar de brug, het steegje uit, het kruispunt over.
Nachtblind klom ik op het randje van de rail. Ik zwabberde naar het midden van de brug, balancerend op de dunne rail en keek in het diepe. Een zwart, duister gat. Net zoals ikzelf was. Net zoals mijn ouders waren geweest. Net zoals alles in mijn leven was geweest.
Ik zuchtte, het zou kloppen. Het zou kloppen om er zo een einde aan te maken. Er gleed langzaam een traan vanuit mijn ooghoek naar beneden. Eerst langs mijn neus, om vervolgens verder af te dwalen via mijn hals, verder naar beneden. Naar waar alles zou eindigen. Ik pakte voor de laatste keer de fles, de fles waarmee ik zo vertrouwd was. Eigenlijk al van kinds af aan. Langzaam zette ik hem aan mijn mond. Ik opende mijn lippen een stukje en liet de drank langzaam naar binnen glijden. Dit zou ik misschien wel het meeste missen van alles. De drank. Mijn greep op de fles verslapte even. Eigenlijk was het nog niet mijn bedoeling geweest. Het leek wel in slow motion te gaan. Langzaam glipte de hals van de fles uit mijn greep. Hij viel naar beneden. Steeds verder, totdat hij langzaam het water aanraakte. Een luide plons gevolgd door een serie waterdruppels rees op uit de rivier.
Langzaam draaide ik me om. Onzeker, maar met, voor het eerst in mijn leven, een doel. Een echt doel. Vandaag was de laatste dag geweest. En morgen zou het de eerste dag zijn van mijn nieuwe bestaan. Ik liep de brug af een andere straat in. Voor mij rees een enorm gebouw op. Er stonden reusachtige letters op, die nu het donker was, verlicht waren. Drank- kliniek stond erop. Onzeker duwde ik de deur open, op naar mijn nieuwe leven.

ìk vind ht een goed stuk haha !(:
ik dacht echt totde laatste 5 regels dat ze zelfmoord ging plegen ;$
goeeed. =]

Hé, dit was je verhaal voor een schrijfwedstrijd!
Tja, eigenlijk heb ik hetzelfde commentaar als Nailartaddicted x]

@ shoppertje; haha ja, maar ik vroeg me af wat andere er van vonden, daarom heb ik hem ook zo gezet;p

Haha, ik probeerde het eerst te lezen met accidentally in love op de achtergrond XD

Ik vind het een leuk verhaal, ik heb niet veel verstand van verhalen ofzo, maar ik vroeg me tot aan de laatste regel wel af wat er precies aan de hand was. Volgens mij hoort een verhaal zo te zijn dat het de aandacht van de lezers trekt en de lezers als het ware dwingt om het uit te lezen, mijn aandacht had je iig!

Leuk verhaal. (:
Ik dacht ook eerst dat ze zelfmoord zou plegen. ;p

Bedankt voor de reacties! Weet iemand misschien een titel(a)? Upje^^

upje