Retribution [verhaal]

Wat vind je van dit verhaal?
  • Leuk!
  • Saai
  • Cliché
  • Spannend
  • Echt geweldig!
  • Vet stom, waarom volg ik dit?

0 stemmers

Dit is mijn eerste verhaal op GS dus ik ben waarschijnlijk niet bijster goed maar ik doe mijn best. (:


[b]Prologue[/b]

Daar stond hij, de debutant. Een jongeman wiens krullen wat rommelig en nonchalant op zijn hoofdhuid waren geplant. Hij keek haar aan en zij keek hem aan, recht in zijn groene ogen. Hij verwachtte waarschijnlijk dat zij hem aanbad door zijn uiterlijk, zo’n typetje was hij wel. Maar zij daarentegen streek door haar lange, donkere haar en knipperde met haar hazelnootkleurige ogen. Ze wist dat jongens daarvoor vielen. Hij schrok een beetje van haar flirtgedrag omdat er niet eens een spoor van aanbidding in haar hele doen en laten lag. Ze deed het zo koel, zo zonder enige interesse. Het klopte niet.
‘‘Dus jij bent de nieuweling, ene Noah Flint?’’ vroeg ze.
‘‘Ja. Dat ben ik.’’ antwoordde hij. Zijn stem was hees en zacht. Totaal overdonderd.
‘‘Ah oké, kom maar mee.’’ zei zij weer.
Met haar hand pakte ze de zijne vast, ten teken dat hij mee moest komen, naar zijn nieuwe kantoor. Maar ook dat had een flirterige ondertoon, het leek zo onschuldig, om hem op zijn gemak te stellen. Maar niets was minder waar. Wanneer je goed keek was die glimlach op haar gezicht niet onschuldig maar boosaardig. Klaar om wraak te nemen.

Ze wist hoe onweerstaanbaar ze was, en dat maakte haar wraak des te makkelijker, dacht ze.

Goed stukje! Ik volg je!

Goed stukje!

Thank you x :hugs:

I want more :slightly_smiling_face:

Hoofdstuk 2
Het snerpende, steeds terugkomende gepiep herken ik als geen ander. Het is de wekker. Chagrijnig door dat plotselinge, harde geluid druk ik het voorwerp wat ik zo intens haat uit. Het is meteen weer helemaal stil in mijn kamer. Nu is het nog halfdonker maar ik weet als geen ander hoe mijn slaapkamer eruit ziet. Het is rechthoekig. Mijn meubels en muren zijn donkergroen en wit, met wat bordeauxrode details hier en daar. Het zijn de kleuren van kerst, en kerst geeft me altijd zo’n knus gevoel. Mijn kast is van eikenhout en helaas; het is geen inloopkast, waar we allemaal van dromen, maar een kleine kast waar mijn kleding nog net allemaal in past. Ik heb een wit bureau met een witte bureaustoel en een witte laptop. En als contrast staat daar een bordeauxrood pennenbakje op. Op de grond ligt hele lichte linoleum en daarop een vloerkleedje, ook bordeauxrood, zo zacht dat je het zou blijven aaien.

Ik blijf nog wat dromerig in bed liggen. Het lijkt alsof ik nog maar een minuut wakker ben maar de wekker geeft iets heel anders aan, dat onding. Ik spring uit bed, wat zo soepel gaat dat ik eerst nog een glas water wat op mijn nachtkastje stond omgooi en de grond schoonmaak. Dank U Heer, dat u linoleum heeft geschapen, denk ik spottend. Dan trek ik mijn kleding aan die ik gelukkig al klaargelegd had, wel wat voorzichtiger dan net, om te voorkomen dat ik weer iets doms doe. Als ik ook daarmee klaar ben sprint ik in een recordtijd naar beneden en smeer een boterham. Met jam, om precies te zijn. Ik pak mijn tas en gooi daar alles in wat nodig is, je weet wel; meidengedoe, het feest van de maand, enzovoort.

Met mijn tas in de hand en mijn jas over mijn schouder kom ik aan op het busstation. Rennend. Hijgend. Zweet over mijn lichaam. Brr, ik voel me meteen weer vies. Vanochtend had ik ook geen tijd om te douchen dus dat wordt stinken en schamen op het werk. De bus is gelukkig nog niet vertrokken anders was mijn leven al helemaal een ramp geweest. De buschauffeur kent me wel dus weet dat ik vaak een minuut of twee te laat ben, goedig knikt hij en ik knik terug. Dat hij voor mij alleen altijd twee minuten wacht vind ik best bijzonder eigenlijk.

Ik plof in een stoel naast een, voor mij, onbekende jongen. Hij heeft dik, kort haar in de kleur van pure chocola en een crèmekleurige huid. Zijn ogen kan ik niet zien omdat zijn hoofd een kwart van mij afgedraaid is. Ik hijg wat na van het rennen en leun met mijn hoofd naar achteren, mijn ogen sluit ik. Ik adem diep in en uit zodat mijn ademhaling weer onder controle is. Nee, mijn conditie is niet opperbest, en dat is nog heel zacht uitgedrukt. Ikzelf zou het belabberd noemen, want dat is het ook. Ik doe mijn oordopjes in en genietend luister ik naar There’s a place for us, van Carrie Underwood. Want ja, ik ben nou eenmaal ontzettend fan van alles wat met Narnia te maken heeft.

Er waren nog zoveel plekken vrij in de bus, waarom moest ze nou uitgerekend naast hem gaan zitten?


Nieuw stukje, ik hoop dat mensen die dit volgen het leuk vinden. (:

Hele egoistische up :s

Ben benieuwd naar meerrr!

Mijn oordopjes doe ik uit omdat ik voel dat er iemand naast me naar me kijkt, het is vast die jongen waar ik naast ben gaan zitten. Ik draai mijn hoofd om en kijk in de meest blauwe ogen die ik ooit heb gezien. Mijn blik glijd snel en keurend over zijn lichaam, hij is knap, dat moet ik bekennen. Maar hij is niet zo mijn type qua uiterlijk. Dan begint hij tegen mij te praten. ‘Dus jij was degene waarop de buschauffeur vijf minuten heeft staan wachten?’
'Ja, ik ben heel vaak te laat. Meestal kan ik niet goed wakker worden ‘s ochtends. Nooit eigenlijk.’ leg ik uit. Zijn mond vormt zich tot een ‘O,’ waarna hij vervolgt met ‘En de buschauffeur mag je dus blijkbaar wel? Net zoals ik.’ Bescheiden kijk ik naar de grond, en ik bloos speels. Niet omdat ik het zo’n groot compliment vind maar omdat de meeste jongens vinden dat ik heel schattig en zelfs een tikje sexy ben als ik bloos. En ik kan het automatisch, ook een geschenk uit de hemel. ‘Mwah, I think so?’ antwoord ik dan maar.
‘Ik weet het wel zeker! Hoe heet je eigenlijk? Mijn naam is Jake Chamberlain, maar mooie meisjes als jij mogen me gewoon Jake noemen.’ zegt hij met een flirterige knipoog.
‘Ik heet Raven Wakefield.’
‘Raven? Mooie naam. Het past wel bij je uiterlijk. Het klinkt misschien gek, maar bij de naam Raven denk ik meteen aan iemand met jouw uiterlijk. Niet dat ik nog een Raven ken maar ik denk dan aan een meisje met donker, stijl haar tot ongeveer tot haar middel,bruine ogen, lippen die iets donkerder zijn dan de gebruikelijke lipkleur en een ietwat bleke huid die mooi afsteekt tegen al het donkere in haar gezicht. En het klinkt mysterieus, stijlvol en sexy. En dat ben jij ook allemaal.’ zegt hij weer, en bij het laatste wiebelt hij met zijn wenkbrauwen. Ik ben echt geen heilig boontje en snap heel goed dat hij met me aan het flirten is, en tja, anders heb ik ook niks te doen. Ik besluit dus maar een beetje terug te flirten. Kan geen kwaad, toch?
‘En Jake is echt zo’n naam waarbij je denkt aan een stoere jongen, net zoals jij dat bent.’ zeg ik.
‘En stoere jongens doen stoere dingen.’ zegt Jake, wiebelend met zijn wenkbrauwen.
‘Zoals?’
‘Flirten, skaten, spijbelen, zoenen, je weet wel. Gewoon stoere dingen.’
‘Ben je daar niet een beetje te oud voor?’
‘Nee, ik word nooit oud, Ik zal je een geheimpje vertellen,’ hierbij gaat hij met zijn mond naar mijn oor en hij vervolgt fluisterend: ‘Omdat ik Peter Pan ben, en jij bent mijn Wendy. Of Tinkerbell, wat je wilt?’
‘Uhmm,… Ik wil Wendy zijn, want Tink is zo jaloers!’ Ik slaak een zucht en vervolg dromerig: ‘Oh, was ik jou maar, je bent stoer en je lijkt me wel een populair typetje.’ zeg ik grappend. Het is gek want dit gesprek gaat helemaal nergens over maar toch geniet ik ervan.
‘Haha, jij bent leuk! Zullen we ruilen?’
‘Weet ik toch, altijd toch, je weet zelf,’ antwoord ik overdreven en puberaal. ‘En ja graag, als dat zou kunnen!’
‘Haha, we kunnen ons leven wel aan elkaar delen? Dan lijkt het toch een beetje alsof we elkaars leven delen!’ stelt Jake voor.
Ik neem zijn gezicht tussen duim en wijsvinger en zeg quasi streng:‘Kijk me eens aan, jij boefje! Is dit een ‘‘wat is je nummer’’-vraag op subtiele wijze? Ik heb je wel in de gaten.’ Mijn ogen knijp ik tot spleetjes en ik kijk hem achterdochtig aan.
‘Oh, ik wil die van mij best aan je geven hoor, geen probleem! Het is 06-2457988.’ antwoord hij rap.
‘Ik zet het meteen in mijn contacten., maar bij deze halte moet ik uitstappen, sorry!’
‘Maakt niet uit hoor, tot ooit.’ zegt hij en hij kijkt me na als ik de bus uit loop.

Op het werk aangekomen app ik hem meteen, zodat ik dat niet vergeet.
‘Hey, het was gezellig net in de bus met jou, ik heb me in tijden niet zo vermaakt! x’ typ ik.
Ik controleer nog snel even op domme spelfouten en daarna verzend ik het. Met een glimlach op mijn gezicht loop ik mijn kantoor binnen.

Ik wist niet wat ik me voor onheil op de hals had gehaald met dit simpele gesprek met deze jongen.