Monohybridekruisingen

Heey, ik moet een aantal opdrachten maken over hybridekruisingen maar ik snap er helemaal niets van. Ik weet niet hoe ik moet beginnen. Ze hebben het over F1 en F2 (eerste en tweede generatie nakomelingen) maar dan stellen ze vragen als:

Bij leeuwenbekjes komen genen voor rode bloemkleur (Ar) en genen voor witte bloemkleur (Aw) voor. Leeuwenbekjes die heterzygoot zijn voor de bloemkleur zijn roze. Bij een leeuwenbekje met roze bloemen vindt zelfbestuiving plaats. Er worden 56 zaden gevormd.

Vraag 1: maak een kruisingsschema
vraag 2: In de nakomelingschap is de verhouding van de genotypen:
ArAr:ArAw:AwAw = …:…:…

Ouders: ArAw x ArAw
Geslachtscellen is dan: Ar / Aw / Ar / Aw (dus Ar:Aw is 1:1)

F1 (kinderen is dan zo’n kruisschema met de geslachtscellen:
-------Ar Aw
Ar
Aw

Daar komt dan uit ArAr / ArAw / ArAw / AwAw
ArAr : ArAw : AwAw is dan dus 1 : 2 : 1

-----
Dit DENK ik, maar het is lang geleden :’)

Toevallig, ik ben nu dat aan het maken. haha
Ik ben nu bij de vraag met de cavia’s. pffft

woow volgens mij komt dit al aardig in de buurt… maar ik heb een heel stuk van de uitleg op school gemist. Hoe zit dat met verhoudingen enzo en hoe werkt zo’n kruisschema precies?

Ik zal even een plaatje uploaden…

okee thanx!

http://i56.tinypic.com/2lw0fly.png

De geslachtscellen gaan zeg maar samensmelten, en daarbij heb je dan kans op de vier uitkomsten in het midden van de tabel.

Hahaha, dat heb ik nu ook!

Het zit zo:

Bij leeuwenbekjes komen genen voor rode bloemkleur (Ar) en genen voor witte bloemkleur (Aw) voor. Leeuwenbekjes die heterzygoot zijn voor de bloemkleur zijn roze. Bij een leeuwenbekje met roze bloemen vindt zelfbestuiving plaats. Er worden 56 zaden gevormd.

Vraag 1: maak een kruisingsschema
vraag 2: In de nakomelingschap is de verhouding van de genotypen:
ArAr:ArAw:AwAw = …:…:…

Het leeuwenbekje bevat dus Ar en Aw, omdat hij heterzygoot is, en de allelen zijn beiden even ‘dominant’ → ze ‘vechten’ met elkaar of de bloem nou wit of rood wordt, dus wordt ie roze.

Er vindt zelfbestuiving plaats, dus de geslachtschromosomen zijn:

Parents: Ar Aw x Ar Aw
Ar, Aw, Ar, Aw.

Dat levert op Ar x Ar, Aw x Aw, Ar x Aw en nogmaals Ar keer Aw.

Genotype (de letters)
ArAr: ArAw: AwAw:
1 : 2 : 1

—> ArAr komt dus een keer voor, ArAw komt dus twee keer voor en AwAw komt dus ook een keer voor.

Voor het fenotype (uiterlijk) geldt dan:
Rood : Roze : Wit
1 (1/4) : 2 (1/2) : 1 (1/4)

Er zijn 56 zaadjes. Dan doe je

56 x 1/2 = 28
28 x 1/4 = 7
28 x 1/4 = 7

Er zijn dus 28 roze kinderen, 7 witte kinderen en 7 rode kinderen.

Als het goed is klopt het zo, althans, zo heb ik het geleerd!

wauw dit is net chinees voor mij.
Ben ik even blij dat ik geen natuur profiel heb x]

Snap je het? Het is heel makkelijk, je moet het even doorhebben, maar dan is het echt een eitje.

thanx iedereen! ik ga het nu even analyseren voor mezelf… (:

Ik ben daar nu ook, maar 28 + 7 + 7 is toch niet 56?

haha woow je het is mij nu wel wat meer duidelijk maar ik was hier zelf nooit op gekomen… Maar al je een kruissingsschema maakt (want dat moeten wij…) komen de geslachtscellen of eicellen dan boven of aan de zijkant. Okee beetje vaag dit xd

Het rijtje klopt ook niet helemaal, waarschijnlijk gewoon verkeerd getypt :wink:
Het moet zijn:

56 x 1/2 = 28
56 x 1/4 = 14
56 x 1/4 = 14

okee mensen ik ben hier al best wel lang mee bezig maar ik kom er nog steeds niet uit… ik ga er later weer mee aan de slag…:pensive:

Ooh sorry haha ja, tuurlijk, ik had 28 door 4 gedaan ipv 56.

Het mannetje doe je aan de bovenkant, het vrouwtje aan de ‘zijkant.’

Maar hier was sprake van zelfbestuiving (plat gezegd; dat ding ketst met zichzelf), waardoor er dus niet echt een verschil is…

oh dit is wel makkelijk!