Inburgeringstest/examen (betoog)

[i]Een inburgeringscursus is een onderwijspakket, bedoeld voor immigranten. De lesstof bevat o.a. de taal en andere sociale, economische en juridische vaardigheden van het land waar men zich wil vestigen. Gemeenten zijn verplicht bepaalde groepen allochtonen een inburgeringscursus aan te bieden. De cursist betaalt een eigen bijdrage van ¤ 350. Andere inburgeringsplichtigen moeten er zelf voor zorgen dat zij voldoende kennis opdoen om het examen te behalen.

Sinds 1 januari 2007 bestaat de wettelijke plicht tot het afleggen van een inburgeringsexamen. In de toekomst is het behalen van het inburgeringsexamen een voorwaarde voor het verkrijgen van een wettelijke verblijfsstatus.[/i]

Ik hou hier dus mijn betoog over maar ik zoek nog goede voor & tegen argumenten. Dus, ben je voor of tegen de verplichting van de inburgeringsexamen en waarom?

Alvast bedankt voor het helpen =)

ik ben voor de verplichting…
ik vind het sowieso belangrijk dat je de taal beheerst van het land waarin je verblijft, en ook vooral de sociale vaardigheden vind ik belangrijk…
je moet je gewoon aan kunnen passen aan het land waarin je verblijft, zodat dat niet andersom het geval hoeft te zijn…

bedankt voor je reactie =)

meer reacties graag!

ik was eerst voor, maar ik dacht, laat ik eens die vragen opzoeken;

  1. De Troonrede wordt jaarlijks door de koningin voorgelezen, waarin de beleidsplannen van dat jaar. Wie stelt de beleidsplannen op?

  2. De koningin

  3. De ministers

  4. Het parlement

  5. Je verdient voor het eerst een salaris en hebt een bankrekening nodig. Hoe kom je aan een bankrekening?

  6. Je gaat naar de bank toe

  7. Je belt een bank op

  8. Je werkgever regelt dit

  9. Je hebt uit het land waar je vandaan komt je diploma’s meegenomen. Waar kun je als werkzoekende je diploma’s laten waarderen?

  10. De IND, de Immigratie- en Naturalisatiedienst

  11. Het gemeentehuis

  12. Het CWI, het Centrum voor Werk en Inkomen

  13. Mevrouw de Koning moet het na haar operatie rustig aan doen. Jaar man heeft het moelijk om werk, kinderen en huishouden te combineren. Wat kunnen zij het beste doen?

  14. De kraamzorg bellen

  15. In de krant een advertentie plaatsen voor een hulp

  16. De thuiszorg bellen

  17. Je bent vijf jaar in Nederland. Je wilt de Nederlandse nationaliteit verwerven. Waar kun je terecht voor informatie?

  18. Bureau Nieuwkomers

  19. Vreemdelingenpolitie

  20. Gemeentehuis

  21. Je bent bezig je nieuwe huis schoon te maken. Je stuit op hardnekkig vuil. Kun je schoonmaakmiddelen mengen?

  22. Soms

  23. Nooit

  24. Altijd

  25. Naast je parttime baan verdien je 300 euro bij. Wat moet je doen?

  26. Melden bij de Belastingdienst

  27. Melden bij je werkgever

  28. Niets

  29. Je bent pas verhuisd. Je buren vragen of je langskomt. Wat kun je het beste doen?

  30. Een kleinigheidje meenemen

  31. Een cadeau meenemen

  32. Niets meenemen

  33. De leerkracht van de basisschool van je kind heeft gezegd dat Havo voor haar de beste schoolkeuze is. Wie beslist naar welke school je kind mag?

  34. De ouders en het kind

  35. De school voor Voortgezet Onderwijs

  36. De Basisschool

  37. Een auto, een fiets en een voetganger gebruiken dezelfde weg. De auto wil rechtsaf, de voetganger en de fiets rechtdoor. Wie moet er voorrang geven?

  38. De auto geeft voorrang

  39. De fietser en voetganger geven voorrang

  40. De voetganger geeft voorrang

  41. Je hebt een uitkering. Je ijskast is stuk, de bril van je kind is stuk, en je hebt een nieuw bankstel nodig. Kom je in aanmerking voor Bijzondere Bijstand?

  42. Nee, niet voor alle kosten

  43. Voor een deel van de kosten

  44. Ja, voor alle kosten

  45. Je zit op een terrasje en gebruikt een consumptie. Waar betaal je mee?

  46. Bankpas en pincode

  47. Chippen of contant geld

  48. Overschrijvingskaart

  49. Je woont al tien jaar in Nederland, maar bent niet genaturaliseerd. Aan welke verkiezingen mag je meedoen?

  50. Geen enkele

  51. Alle

  52. Voor gemeente en stadsdeel

  53. Je staat in een telefoonautomaat en ontdekt dat je alleen kunt bellen met een telefoonkaart. Waar kun je een telefoonkaart kopen?

  54. Postkantoor

  55. Sigarenwinkel

  56. Gemeentehuis

  57. Je kind plast in bed en heeft moeilijkheden op school. Waar kun je het beste naar toe?

  58. Naar de huisarts

  59. Naar het ziekenhuis

  60. Naar het Riagg

  61. Je krijgt van de Vreemdelingenpolitie te horen dat je het land uitmoet. Wie kan je helpen?

  62. De Vreemdelingenpolitie

  63. Een advocaat of een bureau voor rechtshulp

  64. Maatschappelijk werk

  65. Je gaat naar het gemeentehuis om een papier te halen. Je ziet dat er een bord met een nummer is, maar je ziet niemand achter de loketten. Wat doe je?

  66. Gaan zitten

  67. Een nummertje trekken

  68. Naar de balie gaan

  69. Je kunt nergens meer het papier van je verblijfsvergunning vinden. Waar meld je het verlies van je document?

  70. De IND, De Immigratie- en Naturalisatiedienst

  71. Vluchtelingenwerk

  72. Bureau Nieuwkomers

  73. Het CWI biedt je een baan aan, maar het is werk dat je onaantrekkelijk vindt. Kun je het aanbod weigeren?

  74. Je mag het aanbod altijd weigeren

  75. Je mag weigeren, omdat je ouder bent dan 45

  76. Je moet op het aanbod ingaan

  77. Je moet iets betalen dat 1,85 euro kost. Met welke munt kun je dat betalen?

  78. 1 euro

  79. 2 euro

  80. 10 eurocent

  81. Je hebt werk en wilt opvang voor je kind. Waar ga je heen?

  82. Peuterspeelzaal

  83. Kinderdagverblijf

  84. Daar is geen instantie voor, dat regel je zelf

  85. Je bent met je rijbewijs uit Turkije gekomen. Hoe lang mag je hier op een buitenlands rijbewijs rijden?

  86. Maximaal tien jaar

  87. Een half jaar

  88. Dat mag niet

  89. Wat gebeurt er als de gemeente je een huis toewijst, en je wilt daar niet wonen. Wat gebeurt er als je weigert?

  90. Dan kom je onderaan de wachtlijst

  91. Dan heb je geen recht meer op een woning

  92. Dan zoekt de gemeente meestal naar een andere woning

  93. Wanneer moet je in Nederland je identiteitsbewijs kunnen laten zien?

  94. Als je boodschappen doet

  95. Op je werk

  96. Als je met het openbaar vervoer reist

  97. Je komt binnen voor een sollicitatie. Er zitten twee mensen achter een tafel. Wat doe je?

  98. Je gaat zitten

  99. Je stelt je voor en gaat zitten

  100. Je zegt ‘hallo’ en gaat zitten

  101. Je zoontje heeft een paar kiezen laten vullen en zelf heb je een nieuwe kroon. De tandartsrekening valt erg tegen. Wie moet de kosten betalen?

  102. Iedereen moet zulke kosten zelf betalen

  103. De ziektekostenverzekering betaalt deze kosten

  104. De aanvullende verzekering betaalt deze kosten

  105. Een functionaris van het IND heeft je goed geholpen. Hoe bedank je deze functionaris?

  106. Met een cadeau

  107. Met geld

  108. Met woorden

  109. Je bent aan het koken en je kruiden zijn op. Het is al zes uur. Heeft het nog zin om de straat op te gaan, zijn er na zes uur nog winkels open?

  110. Nee, de winkels sluiten na zes uur ’s avonds

  111. Ja, de winkels sluiten om negen uur ’s avonds

  112. Ja, sommige winkels, waaronder supermarkten, zijn langer open.

  113. Je gaat naar de dokter, maar kunt je niet verstaanbaar maken. Wat kun je het beste doen?

  114. Je zoekt een beroepstolk in de Gouden Gids

  115. Je vraagt de arts een tolkencentrum te bellen

  116. Je neemt je dochter mee die goed Nederlands spreekt

  117. Mag je zomaar een schotelantenne plaatsen?

  118. Nee, dat is verboden

  119. Ja, dat mag altijd

  120. Soms heb je toestemming van de gemeente nodig

als ik deze test zou moeten maken was ik meteen het land uitgezet. (en ja, ik ben autochtoon)

hahaha ja ik weet het xD Bij sommige vragen denk je echt van HUH?! wat is het nut hiervan?

maargoed,
ik heb argumenten nodig! please help me haha 0=)

ehh.

je maakt een betoog, ben je zelf voor of tegen? en moet je één of meer tegenwerpingen? want als je voor & tegenargumenten nodig hebt, dan lijkt het me meer op een beschouwing. Een betoog is volgens mij als volgt:

Inleiding
Voor of tegen
Voor of tegen
Voor of tegen
Tegenwerping
Slot

Argument voor:

  • Je leeft in een ander land, je zal je dus aan moeten passen. Onder andere door de Nederlandse normen en waarden te begrijpen en te respecteren.

Argument tegen:

  • De vragen die in de inburgeringstest worden gevraagd zijn te moeilijk. Zelfs de gemiddelde Nederlander haalt een onvoldoende of maar net een voldoende.

Succes verder!

ja dat doe ik dus ook
argumenten voor mijn stelling eerst en daarna de argumenten die tegen mijn stelling zijn en die weerleg ik weer :wink:
maar ik zoek dus gewoon argumenten van mensen
dus ben je voor of tegen en waarom?
& bedankt voor je reactie =)