Ik schrijf een stukje. Jullie verzinnen verder :)

Een onmogelijke kans!
Heey, ik ben Madelief. Ik ben vijftien jaar en zit in de derde van de middelbare school. Mijn ogen zijn felblauw. Op school word ik als een domblondje beschouwt ook al ben ik één van de slimste van de klas. Niet elke blondine is dom. Nou ja, ik heb dus blond haar. Sommige meiden uit mijn klas zeuren maar dat ze een moeilijke jeugd hebben omdat hun ouders nooit thuis zijn. Dat lijkt me veel beter dan in een rolstoel zitten en waarschijnlijk niet eens meer kunnen lopen. Dat is nog niet eens het enige mijn vader ligt ook op sterven daardoor heeft mijn moeder geen oog voor me en zie ik maar wat ik doe. Daarom stort ik mezelf helemaal op school en ga ik vaak langs bij mijn oma die me dan helemaal vertroeteld. Als ik haar kwijtraak, dan raak ik mezelf ook kwijt. Het enige moment dat ik me normaal voel is als ik met gesloten ogen naar de muziek luister. Wat ik allemaal wel niet zou doen om een avond, ook al is het er maar eentje, te kunnen dansen. Maar volgens de dokter is die kans minimaal. Ik zou er echt alles voor over hebben. We wonen in een best wel afgelegen dorpje. Ik neem dan de bus naar naar school. Mijn oma vind dat ik met een speciaal busje moet gaan omdat dat beter is voor me maar dat wil ik niet. Gelukkig helpt de buschauffeur me altijd. We zijn goede vrienden geworden en hij heet Harry. Maar dit was even een kleine introductie van mijn verhaal anders was je helemaal de weg kwijt. Dus ik zal mijn verhaal beginnen toen ik hoorde dat mijn pa op sterven lag.

Ik rij de straat uit en draai me nog een keer om naar mijn oma. ‘Doei oma!’: roep ik en zwaai nog even. Mijn handen zet ik op de stalen stangen naast mijn banden en duw me vooruit. Ik kijk naar het Madeliefje op mijn schoot. Mijn oma zei dat ik erop lijk zo mooi en lief. Er verschijnt een lach op mijn gezicht. Op dat moment gaat mijn mobiel af. Ik pak hem uit mijn zak van mijn vest en zie op het schermpje dat oma belt. Ik neem op. ‘Hé oma, wat is er?’: vraag ik. Ik hoor haar een hap lucht nemen en ze begint te praten. ‘Je vader heeft een hartaanval gehad hij ligt nu nog in het ziekenhuis’: zegt ze met een snik in haar stem. Nadat we hebben opgehangen ben ik snikkend naar het parkje gereden. Samen met mijn rolstoel hobbel ik door het gras naar de waterkant.

Xxxx