gelukkig? (verhaal)

Als ik mijn ogen open doe zie ik een heldere blauwe lucht. Ik voel dat mijn handen in het zand zijn begraven. Raar… ik kan me helemaal niet meer herinneren dat ik op het zand lag. Als ik opsta en om me heen kijk merk ik inderdaad op een strand lig.
Hoe kom ik hier?
Ik kijk om me heen en zie dat er verder niemand is. Ik sta op en loop een rondje om het eiland waar ik op zit. Echt niemand.
Ik begin in paniek te raken. Waar zijn mijn ouders!!! Waar is mijn huis!! WAAR BÉN IK!
Als ik wat verder het eiland in ren zie ik dat er allemaal foto’s in het zand liggen.
Uit nieuwsgierigheid pak ik er een op en zie ik dat het foto’s van mij zijn. Foto’s van mijn gezin, en van mijn familie. Raar… ik kan me die foto’s helemaal niet herinneren. Wat doen die hier? Eigenlijk wil ik weer wegrennen, maar mijn nieuwsgierigheid overwint mijn angst.
Ik ben nog buiten adem van het rennen… dus ga ik maar op de grond zitten.
Op de foto’s zie ik er zo gelukkig uit. Terwijl ik me van binnen heel anders voel. Van binnen voel ik mij eenzaam, verdrietig… Schuldig.
Op de foto dat ik in mijn hand heb sta ik er met mijn ouders op. Lachend. Toen was het nog allemaal zo anders. Geen scheiding, stiefvader, nieuw broertje en zusje. Ik begin te huilen. Waarom is niets meer hetzelfde!?
De tweede foto dat ik oppak is een foto van mijn overleden oma.
Sinds haar dood is de helft van de familie uit elkaar gevallen. Ik mis haar zo. Ik ben bang voor de dood van mijn opa. Dan is er geen familie meer over.
Terwijl ik een traan van mijn wang af veeg pak ik nog een foto erbij. Dat is een foto van mij, m’n moeder, stiefvader, stiefbroertje en halfzusje. Als ik naar mijn stiefvader kijk voel ik me raar. Soms Hij is een schat van een man, maar soms kan ik hem wel neerschieten. Hij speelt altijd de baas over. Hij is niet eens mijn echte vader! Maar vanuit hem is ook mijn zusje ontstaan.
Als ik vervolgens naar mijn zusje kijk, wordt ik blij. Een prachtkind van 2 jaar. Wij hebben zo’n haat/liefde relatie. We kunnen niet met, maar ook niet zonder elkaar. Dan kijk ik naar mijn moeder. Mama is zo erg verandert sinds de baby en al ’t gebeuren rondom haar moeder’s dood. Veel meer stress… moet de aandacht nu tussen 3 kinderen verdelen… Dan m’n broertje. Ook al is hij nog maar 6, hij heeft veel meegemaakt. Ontvoerd door zijn eigen moeder, weer mee terug gebracht door zijn vader naar Nederland, en ziet zijn moeder niet meer. Hij is echt dodelijk irritant, maar daar kan hij ook niks aan doen.
Verder zie ik foto’s van andere kinderen. Ze hebben allemaal blauwe plekken en littekens. Ze zien er ook niet gelukkig uit. Zo… heftig zeg… ik mag wel van geluk spreken.

Opeens wordt ik overspoeld met emoties. Het begint me te duizelen. Ik val op de grond en ik merk dat mijn hele lichaam verschrikkelijk veel pijn doet. Niet normaal meer.

Ik begin om me heen te slaan en ik hoor een gil. Ik doe mijn ogen weer open en zie dat ik weer in mijn eigen kamer ben. In mijn eigen bed. Ik zie dat mijn broertje op mijn bed ligt met een bloedneus. En dat mijn kleine zusje mijn broertje probeert te troosten.
Mijn stiefvader en moeder komen mijn kamer binnen om te kijken wat er aan de hand is.
Ze troosten mijn broertje en mijn zusje in ondertussen in mijn make-up tasje aan het rommelen.
Wat heb ik toch een fijn gezin. Ondanks het bloed op mijn bed.

Dit is… Raar. Maar ik ben wel benieuwd hoe het verder gaat. Verder dus. :wink:

dat was het eigg:P