Funny little world - Alexander Rybak Fanfic

Dit verhaal is ook een beetje op eigen herinneringen opgesteld. Ik ben bv. in Gorodiste geboren en mijn oma had zo’n Bed & Breakfrest (ofzoiets).

Samenvatting:
Summers droom om naar New York te gaan word verpest door haar beste vriendin. In de plaats moet ze naar Gorodiste, een klein boerendorp in Wit-Rusland, een goede vriendin van haar moeder heeft hulp nodig op haar boerderij. Summer trekt haar high heels uit en doet roze botten aan om het toch een beetje dragelijk te maken, want volgens haar word het een hel. Tot ze verliefd word op de jongen die op het boerderij logeert. Voor het eerst in haar leven weet ze niet hoe ze tegen een jongen moet reageren en al snel komt het einde van de vakantie in zicht… Een verhaal over verloren vriendschap, vervelende ouders en jongens waar je geen raad mee kunt. Het is een funny, little world.

Op het einde van het hoofdstuk plaats ik een zin dat dus uit ‘funny little world’ (het liedje) afkomstig is. Veel leesplezier.

‘Ga je echt niet mee?’, vroeg Apple terwijl ze aan haar glas nipte, gevuld met rode wijn die ze gestolen had uit de drankverzameling van haar vader. Ze moest Summer eerst plechtig beloven dat hij niks zou merken – ze hadden namelijk al vaker flessen zonder toestemming leeggedronken – voordat ze zelf ook een glas voor zichzelf inschenkte.

‘Echt niet!’, antwoordde ze en dronk haar eigen glas in één teug leeg. ‘Ik wil best met jou naar Kreta, maar met jou ouders die ons voortdurend in de gaten zullen houden? Nee, pass.’ Apples ouders waren erg streng en katholiek, en wouden de meiden meenemen naar Kreta om hun wat manier te leren, al zouden ze het zelf niet toegeven. Summer werd dan nog liever opgesloten in kostschool waar ze om zes uur zou moeten opstaan, maar kattenkwaad kon uithalen en de schuld op iemand anders steken.

‘Je hebt gelijk. Als ik me nu als een voorbeeldig meisje gedraag op Kreta, blijf ik waarschijnlijk, anders moet ik naar de kostschool’, zei ze dramatisch. Daar was Apple goed in, van een mug een olifant maken, al zou Summer het ook erg vinden als haar beste vriendin en zij elkaar moesten verlaten.

‘En als ik meega, zouden we enkel maar kattenkwaad uithalen’, voegde Summer er nog aan toe en hief haar glas op om een toost uit te brengen.

‘Op de twee verrukkelijkste schepsel op de aarde, die de jongens van zich af moeten slaan’, zei ze een beetje tipsy, sloeg haar glas achterover en schonk het weer vol. Apple stond op en wankelde gevaarlijk terwijl ze naar de huistelefoon van Summer liep.

‘Ik ga enkele mensen uitnodigen, kunnen we een feestje bouwen’, zei Apple terwijl ze het eerste nummer in toetste. Summer knikte alleen maar, haar ouders zouden pas morgenavond thuiskomen dus tijd om op te ruimen had ze. En trouwens, zoveel mensen moesten er toch niet worden uitgenodigd?

‘Als je Antoon uitnodigd, zorg dan ook dat Simon meekomt. Ik heb nog geen lief voor de vakantie’, zei Summer. Antoon was Apples lief en zelf was ze helemaal verliefd op z’n beste vriend, al zei iedereen die over haar gevoelens wist - enkel Apple, Nicole en Sky, haar vriendenkliekje – dat hij een gevaarlijke jongen was, een player die elk meisje misbruikte die op z’n pad kwam. Summer wuifde die beschuldigingen altijd weg en zei dat ze hem wel kort zou houden.

Niet veel later was iedereen – met wat dosis drank – gearriveerd. Al snel werden de wodka-, wijn– en martiniflessen geopend en liep iedereen in een ontspannen bui en een glas in de hand, met elkaar te praten. Nicole was aan het flirten geslagen met een jongen die Antoon had meegenomen terwijl Sky zonder succes de aandacht probeerde te trekken van Arne, de hunk nummer 3 op de meiden hun lijstje. Apple en Antoon stonden in een hoekje te zoenen en Summer was naar Simon aan het luisteren terwijl hij over zijn vakantie vertelde.

‘En waar ga jij naartoe?’, vroeg Simon aan Summer wanneer er niks meer te vertellen was over het surfkamp dat hij ging volgen in de zomer. Summer haalde haar schouders op en nipte nog eens van haar glas.

‘New York’, zei ze, alsof het doodnormaal was dat je naar New York mocht op zo’n jonge leeftijd. Simon keek haar aan alsof ze gek was.

‘Alleen?’, vroeg hij terwijl Summer knikte. Ze hield haar stopwoordje ‘Like Duuh’ in, omdat ze via via gehoord had dat Simon ergerde aan het woordje duuh.

‘Ik ga logeren bij een meisje waarmee ik al pen sinds ik 9 ben.’ Simon keek haar aan met zijn typische grijnsje.

‘Zorg dat je niet word ontvoerd.’ Summer schudde haar hoofd en dronk de rest van haar glas leeg. Voor haar ogen verschenen er zwarte vlekjes, en voor ze het wist, lag ze in de armen van Simon.

‘Gaat het?’, vroeg hij wanneer ze weer probeerde om op haar wankelende benen te staan. Voorzichtig knikte ze, bang om weer een beroerte te krijgen.

‘Gaat wel, beetje teveel gedronken’, zei ze met een dikke tong. Uit haar ooghoeken zag ze hoe Apple iets in Antoons oor fluisterde, waardoor hij begon te grijnzen. Hij gaf haar een teder kusje op haar neus en samen – hand in hand uiteraard – liepen ze naar boven. Summer wou nog roepen dat ze het rustig aan moesten doen en niks mochten breken, maar er kwam enkel een schor gepiep uit haar droge mond. Simon nam haar vast als een bruid en legde haar voorzichtig op de bank neer.

‘Gaat het echt wel?’, vroeg hij en Summer schudde haar hoofd, ze had al een plannetje bedacht dat ongetwijfeld moest werken.

‘Maar als ik een kusje krijg gaat het misschien over.’ Simon keek haar grijnzend aan en boog voorzichtig naar haar toe. Ze luisterden naar niks meer om zich heen, ze keken enkel in elkaars ogen. Omdat ze zo verdiept waren, hoorden ze niet hoe de deur openging en hoe Summers moeder riep dat ze thuis waren. Dat ondervonden ze pas wanneer haar woeste vader Simon van haar aftrok en haar bruut bij haar polsen nam.

‘Auw!’, gilde ze. ‘Je doet me pijn!’ Haar woeste vader keek diep in haar ogen en toen gebeurde iets wat niemand in de hele kamer verwacht had. De klap echode in Summers hoofd wanneer ze haastig naar haar wang greep. Het brandde verschrikkelijk, en ze was er zeker van dat morgen haar hele wang blauw zou staan. Summers moeder – Lydia genaamd – bekeek het hele tafereel vanaf de zijlijn. Zij had het niet zo op kinderen slaan, maar ze durfde niet tegen haar man in te gaan, ze wist dat hij soms agressief kon zijn.

‘Jou reis word geannuleerd jongedame. Schrijf New York op je buik.’ Iedereen keek geschokt, terwijl Summer geluidloos begon te huilen. Al die jaren had ze zich er zo op verheugd, om eindelijk naar New York te gaan, en dan verprutst haar vader het voor haar. De vader van Summer, Wouter, liet haar los en keek naar het plafond wanneer hij gekreun en gepiep hoorde.

‘Wie zit daar?’, vroeg Wouter aan Summer.

‘Apple en Antoon’, piepte die, bang voor de reactie van haar vader. Eerst keek hij haar met een doodse blik aan, net alsof hij haar elk moment wou wurgen. Toen – geheel onverwachts – liet hij haar los en rende op topsnelheid naar boven. Terwijl hij daar alles regelde keek Lydia haar dochter ontgoocheld aan.

‘Hoe kon je?’, zei ze fluisterend. ‘En jullie eruit!’ Ze wees beschuldigend naar de tieners die nog steeds geschokt keken, net alsof het allemaal hun schuld was dat haar dochter het slechte pad gekozen had. Iedereen pakte snel zijn vest, een fles drank – als hij nog niet leeg was – en vluchtte de deur uit. Apple en Antoon volgden al snel, ook al waren ze halfnaakt.

‘En nou wil ik jou eens spreken’, zei Wouter wanneer hij zelf ook beneden was. Summer was al op de bank gaan zitten en maakte zich klaar voor de donderwolk die elk moment kon losbarsten.

‘Hoe kon je?’, was de openingszin van Wouter. Hij moest zich inhouden om niet de hele buurt bij elkaar te schreeuwen.

‘Hoe wat?’, vroeg Summer doodserieus. Ze wou niet onderdoen voor haar vader, als hij dat maar niet dacht. Ze zou winnen met dit gebekvecht, ze zou hoe dan ook naar New York gaan en niet mee met Apples ouders naar Kreta.
‘Van waar kwam die drank?’ Summer haalde haar ouders op.

‘Van overal en nergens. Iedereen bracht wat mee toen we ze belden. Wees dus gerust, we hebben niks van jou drank gepikt, je kan het gaan controleren.’ Haar vader knikte.

‘Liefje’, zei hij tegen Lydia. ‘Ik zou eventjes boven kijken. Je make-up…’ Voor hij kon uitspreken was Lydia al naar boven gerend. Ze was gehecht aan haar make-up, ook al zag je nooit dat ze er op had. Lydia was een mooie vrouw, meestal dachten de mensen dat ze Summers oudere zus was, zo jong zag ze eruit. Lydia’s cosmetica waren vooral groen- en bruintinten, omdat dat er natuurlijker uitzag. Ze hield niet van felle kleuren, ze had het liever zo bescheiden mogelijk maar knap.

‘Nee!’, klonk er vanboven. Summer staarde naar het plafond, waar er iets in elkaar zakte – zo klonk het toch - wat hoogstwaarschijnlijk haar moeder.

‘Wat is er eigenlijk gebeurd met haar make-up?’, vroeg Summer nieuwsgierig. Ze dacht dat Apple en Antoon enkel de liefde hadden bedreven.

‘Alles kapot, alles vertrappeld en gebroken, ze gaat er kapot zijn’, zei hij kwaad. Zijn ogen voorspelden niks goeds.

‘Ik ga wel even naar haar kijken’, zei Summer en wou al aanstalten maken om te vertrekken, tot haar vader begon te schreeuwen.

‘Jij gaat helemaal nergens heen!’ Volgens Summer kon de politie elk moment aanbellen omdat de buren hadden gebeld wegens ‘schreeuwerige geluiden’, waarschijnlijk een gevecht of een ruzie, wat vaker voorkwam in dat huis.

‘Sorry’, mompelde ze snel en ging zitten terwijl haar vader naar boven ging. Gedempte geluiden gleden haar oren binnen. Enkele minuten later, die wel enkele seconden leken te duren omdat Summer niet echt uitkeek naar een boze vader, hoorde ze hoe voetstappen weerklonken op de trap. Al snel kwam haar vader binnen, gevolgd door een snikkende moeder.

‘Sorry’, mompelde Summer nog eens. Lydia keek haar dochter razend aan. Al haar oogschaduwen van Dior, alle blushes waren gebroken. Alle lippenstiften was op het witte tapijt plat gestamp en de parfumflesjes waren gebroken, daardoor er een onaangename walm in de slaapkamer hing.

‘Wie is er allemaal boven geweest?’, vroeg Lydia. Ze had zich hersteld en focuste haar ogen op Summer.

‘Enkel Apple en Antoon.’ Haar moeder knikte en keek even naar haar vader.

'Summer, je reis word geannuleerd, je gaat naar mijn vriendin in Wit-Rusland om haar te helpen op de boerderij.

‘Wat?’, gilde Summer. Het leek alsof de grond onder haar voeten werd weggeschoven. New York was no go, hello Wit-Rusland, dacht ze, terwijl ze haar lichaam op de bank liet neerploffen. Dit was niet eerlijk.

‘Ze deden wat?’ Summer sloeg razend haar kluisje dicht, terwijl Apple verontwaardigd begon te klagen over haar ouders. Vandaag was de laatste dag, ze moesten enkel hun kluisjes leegmaken e, afscheid nemen van alle leerkrachten. Gisteren – zondag – kon Summer Apple niet bellen om haar alles te vertellen over de uitspraak van zaterdag, omdat haar ouders ook alle gsm en telefoons hadden uitgeschakeld. Daarbij moest ook internet eraan geloven en werd de tv op Summers kamer verwijderd. Deze keer had ze het flink verpest.

‘Waarom heb je me gisteren niet gebeld? Of gemaild?’, vroeg Apple aan Summer - die met een donderwolk boven haar - haar kluisje aan het leeghalen was.

‘Geen internet, geen gsm, geen tv, NIKS!’ Het laatste deel van haar zin schreeuwde ze.

‘Wat heb jij eigenlijk gedaan in mama’s slaapkamer? Al haar cosmetica, ALLES IS KAPOT!’ Apple keek haar vriendin bang aan. Ze kon zich het niet meer herinner, ze was dronken geweest. Het laatste wat ze kon herinneren, was dat ze samen met Antoon in een hoekje zat te kussen, daarna was alles wazig, tot ze opeens in haar eigen bed lag, met een verschrikkelijke kater.

‘Ik weet het niet’, piepte ze. Summer duwde haar beste vriendin tegen een rij kluisje.

‘Ik wil je NOOIT meer zien! Eerst word mijn reis geannuleerd en nu moet ik naar een boerendorp en dat is allemaal jou schuld! Als jij niet zondig iedereen moest… AAAAAH! Laat ook maar!’ Summer stampte boos weg en liet Apple huilend achter. Ze was waarschijnlijk haar beste vriendin kwijt, door haar stomme schuld.

‘Summer!’, riep ze haar vriendin achterna. ‘Wacht!’ Maar het was al te laat. Summer was het schoolplein opgerend en liep steeds verder weg, verder en verder. Ze wou enkel naar het park, de geheime plek waar ze altijd rustig kon worden. Ze liet haar tas van haar schouders glijden en klampte zich vast aan de boom. Voorzichtig – bang om te vallen – klom ze naar boven, helemaal naar de top. Vandaar uit had je een prachtig zicht, je kon het hele park zien. Je kon alles van je afschreeuwen, je kon nadenken. Je kon gewoon jezelf zijn.

Suddenly I’m famous

wow, superverhaal, alleen moeten er iets minder enters in, dar is wel fijn enzo, maar als je er iets minder in stopt, word het meer een geheel.
Zie dit maar als een up.

xoxo

Upje ^^
Er komt morgen waarschijnlijk een nieuw deel