Franse spreekbeurt

heey, ik heb morgen een frans spreekbeurt, ik heb de nederlandse zinnen, wil iemand helpen ze te vertalen?

  1. Ik ga iets vertellen over snoepen.
  2. Deze lekkernij bestaat meestal vooral uit suiker.
  3. De eerste mensen aten al zoetigheid, vooral honing.
  4. Het snoep dat wij kennen ontstond in de 16e eeuw.
  5. Het snoep werd toen van rietsuiker gemaakt.
  6. Het werd toen suikerwerk genoemd.
  7. In het begin aten alleen de rijke mensen snoep.
  8. Pas later werd ontdekt dat suiker ook goedkope bieten kon worden gehaald, toen gingen alle mensen steeds meer snoepgoed eten.
  9. De lekkernijen waren in de 16e eeuw alleen te koop bij de apotheek.
  10. Later kon men snoepgoed gewoon in de supermarkt kopen.
  11. Smaak en kleurstoffen zijn vaak toegevoegd aan snoep.
  12. Dit is vooral om de producten beter te laten smaken, of om het snoep een bepaalde kleur te geven.
  13. Er bestaat ook snoep zonder suiker, dit snoepgoed is bedoeld voor mensen met de suikerziekte.
  14. Er zijn ook mensen met een snoepverslaving.
  15. Deze verslaving staat op nummer drie van lichamelijke verslavingen, naast roken en drinken.
  16. Mensen met een echte verslaving trillen als ze een gebrek aan suiker hebben.
  17. Snoepen doen mensen meestal in situaties waarin ze zich minder prettig voelen.
  18. De meeste mensen worden er erg dik van.
  19. Maar al het snoepgoed tast ook het gebit aan.
  20. In Nederland is drop het meest gegeten snoepgoed.
  21. Er zijn nog veel meer soorten snoep, zoals: winegums, lolly’s, pepermunt, chocolade en kauwgom.

aub. helphelphelp

  1. Je vais parler de Kreta.
  2. J’etais au Kreta de mai 2008.
  3. Nous etions dans un hôtel.
  4. Nous sommes allée a l’avion.
  5. Nous avons eu bonne (ik weet niet wat 'weer’is )
  6. ?
  7. Kreta a un bonne invironment.
  8. C’est au vert et (bergachtig)
  9. L’hôtel etait à la mer, et la piscine etait grande.
  10. ?
  11. Le mangé c’est trés bien.
  12. Le (openbaar vervoer) est magefique, et nous avons louyé un voiture pour quatre jours.
  13. Il était dernier vancances avec mon frère.
  14. ?

Dit is zover ik kom, uit mijn hoofd. Ik hoop dat het je wat helpt.

Kijk in je werkboek/hoofdboek. Zo moeilijk is het niet. En als je het wél moeilijk vind leer je er van zodat je je proefwerk niet verkloot want daar kunnen wij je ook niet bij helpen.

UPJE!

ben je te lui om zelf na te denken ofzo?

Eh, geen zin in.

Ik kan geen woord frans :grinning_face_with_smiling_eyes:

Geen titel in hoofdletters en wat doet dit bij onzin. verplaatst naar school.

Ik snap geen hol van frans XD, ik haal nooit hoger dan een 4

Zou hier niet een slotje op moeten?
Want dit is geplaatst in November vorig jaar,
en er staat, ik heb morgen een spreekbeurt.
Dus ik ga er van uit dat dit topic wel weg kan :wink: