[Fanfiction] There's always a clue - Luke Hemmings [5SOS]

Victoria Rachelle Clifford
‘Lieverd, ik ga,’ mompelde ik zacht in de oor van mijn vriend, Luke. Het was pas kwart voor zeven, maar mijn shift op werk zou over een kwartier beginnen. Ik drukte een kus op Luke’s wang, nadat hij zachtjes wat mompelde. Voor een paar seconden keek ik nog even naar zijn gezicht, maar toen was het ook wel echt tijd voor mij om de auto in te stappen. Ik liep de slaapkamer uit en mijn zoon’s kamer in. De vier-jarige Flynn lag daar diep in dromenland. Ik drukte mijn lippen kort tegen zijn voorhoofd en liep daarna zijn kamer ook weer uit. Eenmaal op het lab, deed ik mijn jas uit in het kantoor, dat ik deelde met drie collega’s, en ging naar de kantine. Hier zaten al verschillende collega’s te wachten tot onze opzichter de aandacht op zou eisen om de taken van vandaag te verdelen. Ik had geen idee aan welke zaak ik was gekoppeld, maar ik zou het snel horen.
‘Victoria, ik gok dat jij deze zaak in je eentje kan oplossen. Een half uur geleden is er een 24-jarige vrouw naar het ziekenhuis vervoerd, ze was bewusteloos in een steegje gevonden. Op dit moment wordt er onderzocht of er sprake is van verkrachting of aanranding. Onderzoek het als een verkrachting’ Ik knikte, als teken dat ik mijn baas begreep. Ik nam de map met informatie van hem over. Normaal zou ik blijven zitten om te luisteren naar de rest van de zaken, maar het slachtoffer leefde nog en ik wilde haar zo snel mogelijk vertellen dat ik de dader had opgepakt.
Ik ging naar mijn kantoor en plofte op mijn bureau-stoel. Ik las het verslag, snel maar zorgvuldig. Toen ik klaar was, pakte ik mijn jas en liep zo snel mogelijk naar de uitgang. Ik stapte mijn werkauto in en reed naar het ziekenhuis, waar het slachtoffer lag. Ze heette Caitlin Brenson en was receptioniste van een vakantiepark, net buiten Sydney. Ik had totaal geen idee of Caitlin alweer bij bewustzijn was en of ze al klaar waren met het onderzoek naar mogelijke verkrachting. Maar het was het eerste wat ik kon doen om dichterbij de dader kan komen. Misschien had hij (of zij, maar dat leek me onwaarschijnlijk) iets achtergelaten op Caitlin’s kleding, dus het was belangrijk dat ik die zo snel mogelijk kon onderzoeken. Daarna zou ik naar de plaats delict gaan om daar te zoeken naar bewijsstukken.
Ongeveer tien minuten later kwam ik aan bij het desbetreffende ziekenhuis. Ik liep naar de balie en vroeg waar Caitlin Brenson lag. Ik hield mijn politiebadge op, voordat de receptioniste kon vragen of ik familie was.
‘Verdieping drie, kamer 204,’ zei ze snel. Ik bedankte haar en liep naar de trap, toen ik zag dat er veel mensen stonden te wachten voor de lift. Toen ik bij de kamer aankwam, was een dokter aan het praten met een vrouw. Ik gokte dat het Caitlin’s moeder was. Ik klopte kort op de deur, als teken dat ik was aangekomen.
‘Goedemiddag, Victoria Clifford, NSW Police Force, ik onderzoek Caitlin’s zaak,’ stelde ik me voor aan de arts en de vrouw, die zich voorstelde als Caitlin’s moeder.
‘Dr. McLaughlin, zou ik u even onder vier ogen mogen spreken? Ik kom zo bij u mevrouw Brenson,’ zei ik beleefd. De vrouw knikte, ging zitten en pakte haar dochter’s hand vast. De arts leidde me de kamer uit.
‘Heeft u mogelijk al een idee over wat er gebeurd is? Is het enkel mishandeling of is er sprake van verkrachting?’
‘Mijn collega heeft het onderzoek gedaan en röntgen-foto’s gemaakt. Ze heeft geen sperma gevonden, maar voor de rest lijkt alles wel op verkrachting. Ik gok met een voorwerp,’ vertelde hij. Ik schudde mijn hoofd, terwijl ik keek naar Caitlin’s lichaam, die een paar meter verderop in een bed lag. Haar gezicht zat vol met verwondingen en ze zat aan de beademing.
‘Zou ik een kopie kunnen krijgen van de resultaten en de foto’s?’ vroeg ik hoopvol. Dr. McLaughlin knikte en vertelde dat hij deze gelijk ging maken, zodat ik met mevrouw Brenson rustig kon praten. ‘Oh, de kleding die Caitlin droeg, die zou ik ook graag willen hebben voor onderzoek’ De arts knikte weer en wandelde weg.
Ik liep de kamer weer binnen en ging naast de vrouw zitten.
‘Waarom mijn Caitlin?’ vroeg ze wanhopig.
‘Ik weet het niet, mevrouw. Ik ga er alles aan doen om de dader te vinden,’ probeerde ik haar gerust te stellen. ‘Weet u of Caitlin mogelijk een vriendje heeft of dat ze veel contact had met een bepaalde jongen?’ De vrouw schudde haar hoofd.
‘We hadden het daar nooit over. Wanneer ik probeerde om wat informatie te krijgen over haar liefdesleven of wat dan ook, werd ze geïrriteerd en vertelde ze me dat ik me er niet mee moest bemoeien. Het enige onderwerp wat we aansneden aan de eettafel was school en die gesprekken liepen niet eens soepel. Denkt u dat Caitlin mogelijk een vriendje heeft en dat hij dit gedaan heeft?’ Ik haalde mijn schouders op.
‘Op dit moment weet ik nog niet veel en al zou ik het weten, ik kan dat helaas nog niet met u delen’
Nadat ik nog een kort gesprek had met de arts, verliet ik het ziekenhuis met Caitlin’s kleding, de röntgen-foto’s en de resultaten van het onderzoek. Ik hoorde mijn mobiel afgaan en pakte deze snel uit mijn jaszak. Het was Kodey, één van de detectives waarmee ik veel werkte.
‘Kodey, what’s up?’
‘Ik heb net de man ondervraagd die Cailtin Brenson heeft gevonden. Niet veel belangrijke informatie, je zal er waarschijnlijk niets mee opschieten, maar ik heb het verslag naar je gemaild. Maar ik heb wel misschien een doorbraak in je zaak, als je die nodig had. Er is zojuist een auto gevonden langs de snelweg. Er lag een handtas op de passagiersstoel. Portomonnee met ID-kaart van Caitlin Brenson zat erin en een sleutelbos lag op de dashboard, waaraan een sleutelhanger hangt met de naam Caitlin erop,’ vertelde Kodey.
‘Oké, dat is goed om te horen, waarschijnlijk heeft de dader die auto gebruikt om weg te komen. Enig idee van wie de auto is?’
‘Nee, het kentekenplaat is eraf gehaald, maar we zijn druk bezig met zoeken’
Ik had nog een kort praatje met Kodey, voordat ik de parkeerplaats van het ziekenhuis afreed, richting het lab om Caitlin’s kleding naar het Trace-lab te brengen. Daarna zou ik naar de plaats delict gaan, wat hopelijk was afgezet met ‘crime scene’ lint en was bewaakt door een agent of twee.
‘David, onderzoek deze kleren voor me, wil je?’ viel ik met de deur in huis, toen ik het Sporenlab was ingelopen.
‘Dat wil ik voor je doen, het is mijn werk, Vic. Maar zit er echt haast achter? Je bent namelijk niet de enige die iets onderzocht wilt hebben op deze ochtend,’ grapte David. Ik rolde mijn ogen.
‘Dat snap ik ook nog wel. Natuurlijk zit er wel haast achter, maar het is niet het enige bewijs dat ik heb. Sowieso ben ik er niet voor aankomend uur, ik ben op de crime scene voor onderzoek. Dus als er iets is, bel me’ David knikte, waarna ik weer het Sporenlab verliet, terug naar de parkeerplaats liep en naar de plaats delict reed.

-
Ik zal minimaal 1 keer per week een nieuw stuk plaatsen. Ik hoop dat jullie het wat vinden, advies of wat dan ook is altijd welkom! xxx

[font=inherit]Victoria Rachelle Clifford
‘Goedemorgen agent,’ begroette ik de man, die bij de plaats delict waak stond te houden. Hij begroette me terug. Ik keek om de hoek, de steeg in en merkte gelijk op waar Caitlin was gevonden. Bloed lag op de grond en op de muur een groot aantal bloedspetters. Ik liep er naar toe en opende mijn koffertje. Ik pakte een wattenstaafje en nam een paar monsters. Ik deed de verschillende wattenstaafjes in aparte doosjes en deed deze weer in bewijszakjes. Flora van het DNA-lab kon deze onderzoeken en door het systeem halen. Hopelijk had de dader wat bloed verloren tijdens het plegen van de misdaad.
Mijn mobiel maakte kort geluid, als teken dat ik een smsje had. Ik schreef nog snel waar de vijf bewijszakken naar toe moesten, voordat ik mijn mobiel pakte om het bericht te lezen.
Auto staat voor je klaar in de garage. Nog geen geluk gehad met het vinden van het originele kentekenplaat. I’ll keep you updated! Kodey
Ik glimlachte en ging verder met het zoeken naar eventuele voorwerpen, die te maken hadden met de mishandeling en verkrachting van Caitlin. Misschien lag hier iets, waarmee de dader Caitlin had verkracht. Al betwijfelde ik het. Als dokter McLaughlin gelijk heeft, had de dader het voorwerp meegenomen. Zoiets laat je niet zo maar liggen.
Toen ik eenmaal klaar was, reed ik weer terug naar het lab. Er waren nog veel bewijsstukken die moesten worden onderzocht om deze zaak op te lossen. Hopelijk was David al begonnen aan het onderzoeken van Caitlin’s kleding. Dan kon ik me focussen op de auto. Er was geen twijfel mogelijk dat deze auto bij de misdaad betrokken was. Kodey en zijn collega’s vonden tenslotte Caitlin’s tas in die auto.
Bij het DNA-lab gaf ik de vijf bewijszakken, met daarin de wattenstaafjes, aan Flora, waarna ik verder liep naar de garage. Ik deed mijn labjas aan en uit de grote doos, die op de tafel stond, haalde ik een paar latexhandschoenen, om ook deze aan te doen. Ik pakte de kleine zaklamp uit mijn jaszak en knipte het lampje aan, zodra ik de autodeur had geopend. Ik begon op de vloer en werkte zo mijn weg omhoog. Ik vond een paar kassabonnen en een zak van de Burger King, waar nog -inmiddels beschimmeld- eten in zat. Ook vond ik nog een vezel op de bestuurdersstoel. De kassabonnen deed ik in een plastic bewijszak, terwijl ik de Burger King-zak in een papieren bewijszak deed. Ook de vezel borg ik goed op. Eén uur later deed ik de kofferbak open en begon ik deze te onderzoeken. Al snel vond ik een stuk katoen dat vast zat tussen de twee passagiersstoelen. Het had dezelfde kleur als het stuk vezel dat ik net vond, maar dat moest ik bevestigen door er met de microscoop naar te kijken. Ik probeerde het eerst met een pincet, maar kreeg het niet los. Ik keek om me heen, maar concludeerde dat ik alleen was in de garage. Ik deed mijn handschoenen uit en gooide ze meteen weg. Ik pakte mijn mobiel en belde Calum. Hij was naast mijn collega, ook een hele goede vriend. Hij kwam regelmatig over de vloer bij Luke en mij, om een hapje mee te eten. Calum meldde dat hij even iets zou afmaken en daarna me zou komen helpen. Ondertussen ging ik verder. Ik vond weer een vezel, mogelijk van dat stuk katoen. Ook dit deed ik in een bewijszak en legde het bij de andere bewijsstukken.
‘Clifford, what can I do for you?’ hoorde ik door de garage galmen.
‘Hood, zin om een auto uit elkaar te halen?’ grijnsde ik. Ik wist allang zijn antwoord. Calum kon nooit ‘nee’ zeggen tegen zo’n aanbod. Hij was de expert van auto’s in dit lab en voor de meeste vragen over auto’s werd hij ingeschakeld. Alleen wanneer hij echt geen tijd had, sloeg hij deze vragen af.
Samen met Calum haalde ik de achterbank van de auto eruit. We zetten het gigantische stuk op een zeil, om mogelijke bewijsstukken niet kwijt te raken. Ik liep weer terug naar de auto en merkte op dat er een ‘geheim’ opbergvak zat in de vloer. Het was niet te missen. Calum maakte een aantal foto’s ervan. Met een scalpel haalde ik de vloerbedekking los, wat eigenlijk heel gemakkelijk ging. In het vak lag het verlengde van het stuk katoen, verfrommeld weliswaar. Hierdoor wist ik gelijk dat het doek was verwikkeld om een bepaald voorwerp. Calum schoot weer een paar shots van het aanblik dat we hadden. Langzaam pakte ik het doek met beide handen vast en voorzichtig opende ik het, zodat het voorwerp zichtbaar was. Een petfles van Coca Cola. Op zich niet heel raar omdat te vinden in een auto, maar doordat het was verstopt en was gewikkeld in een doek, was het erg verdacht. Weer klonk de flits van Calum’s camera, waarna ik de doek en het flesje kon oppakken om het in bewijszakken op te bergen. Ik besloot dat ik klaar was met het onderzoeken van de auto en dat het nu tijd was om de bewijsstukken grondig te onderzoeken in het lab. Ik vond dat mijn prioriteit lag bij het Coca Cola-flesje en ik gokte dat ik het beste een bezoekje kon brengen aan het Trace-lab. Dan kon ik ook gelijk vragen David hoe het zat met de vezel die ik gisteren had gevonden.
‘Kom je vanavond weer eten?’ begon ik, toen Calum en ik de garage uitliepen.
‘You know it, Vic. Ik heb zo’n idee dat ik moet overwerken voor deze zaak, dus ik meld het je aan het einde van de dag’ Ik legde mijn hand kort op zijn schouder, als teken dat ik hem begreep. We zeiden elkaar gedag, waarna ik binnen een paar seconden tijd in het Sporenlab was bij David.
‘Ah, Clifford, ik vroeg me al af waar je was’
‘Well, here I am. What’s up?’
‘Op het shirt van je slachtoffer zaten een aantal bloedvlekken, maar eentje was opvallend, door de vorm en de afstand die het had van de andere vlekken. Ik heb er een monster van genomen en naar Flora gebracht,’ vertelde David me.
‘Oké, dat is dan waarschijnlijk van de dader. Ik had op de plaats delict wat monsters genomen van de bloedspetters daar. Ik hoop dat daar nog een andere donor bij zit dan alleen Caitlin. Dan kunnen we jouw monster vergelijken met die van mij en hopen op een match in het systeem,’ dacht ik hardop na.
‘Ik heb nog wat voor je, een vezel en een stuk katoen. Het zou fijn zijn als je het stuk katoen nu gelijk onderzoekt, voor iets. Misschien een vingerafdruk. En ja, ik weet het, dat is Staci’s werk, maar die heeft het nu druk genoeg met de zaak van Jeffrey en Gary,’ vervolgde ik.
‘En wat ga jij doen?’
‘Ik ga dit Coca Cola-flesje onderzoeken’ David knikte verward.
‘Waarom denk je dat dat flesje belangrijk is voor de zaak?’
Ik glimlachte. David had me vorige week verteld, dat hij ook graag op het veld wilde werken. Buiten het Trace-lab dus. Ik had hem het advies gegeven om zoveel mogelijk vragen te stellen aan de CSI’s om zo meer te leren over het vak en hoe alles in de praktijk gaat. Natuurlijk moest hij nog wel een opleiding volgen, maar hij kon onderhand in de praktijk bezig zijn en leren.
‘Dit flesje was verstopt, in een ‘geheim’ vak in een auto. Ook was het verwikkeld in dat doek. Wat natuurlijk erg verdacht is. Dus ik ga naar DNA-lab. De dokter had het idee dat het slachtoffer is verkracht met een voorwerp en ik heb zo’n vermoeden dat dít het voorwerp is. Om deze vermoedens te bevestigen, moet ik het flesje testen op lichamelijk vloeistoffen en hopelijk kan ik er vingerafdrukken op vinden, maar dat betwijfel ik,’ legde ik David uit en wenste hem succes met zijn werk. Onderweg naar het DNA-lab, ging mijn mobiel kort af, wat betekende dat ik een sms had ontvangen. Eenmaal in het DNA-lab legde ik de doos van deze zaak op de grote tafel en pakte mijn mobiel uit mijn broekzak. Het bleek een sms te zijn van mijn broer Michael.
‘Heey zusje, kan je volgende week donderdag vrij krijgen voor je verjaardag? Dikke knuffel van je broer’
Mijn verjaardag. Dat was het laatste waar ik zin in had.[/font]
-
sorry dat het even duurde, maar het ging niet zo goed met mijn vriend…