Engels grammar

Hallo mensen,
Ik heb vrijdag een toets over grammar van engels maar ik snap iets niet.
Er staat in mijn boek;;

Bij bijna alle andere werkwoorden gebruik je do/don’t of does/doesn’t inde aangeplakte vraag.

Voorbeeld zinnen;
They never buy toys, do they?
She likes fashion shows, doesn’t she?

&&

Let op: Als er in de zin een vorm van de past simple staat, gebruik je didn’t in de aangeplakte vraag.

Voorbeeld zinnen;
Your mother made it herself, didn’t she?
Her jeans looked terrible, didn’t they?

Ik hoop dat jullie me kunnen helpen, alvast bedanktt (:

wat snap je nou niet?

En wat snap je dan niet?
En pas op, je praat nu tegen een engels freak :stuck_out_tongue:

Uh, what’s the prob?

als je weet wat een past simple is, snap je toch ook dat je dan did/didn’t moet gaan gebruiken toch.
anders gebruik je gewoon do of doesn’t .

Nouu het gaat over aangeplakte vragen en je hebt bijvoorbeeld ook; It is cheap, isn’t it?
Dat snap ik wel omdat het allebei met is begint zeg maar… maar daar van die bovenstaande snap ik niet hoe je weet wanneer je do of did moet gebruike :flushed:

wat ik altijd in mijn hoofd doe is er een woord tussen plakken, dus bij:
They never buy toys = They never do buy toys (of they do not buy toys)
Het woordje dat je er dus tussenplakt moet je daarna dus herhalen maar dan wordt positief negatief en andersom.

Dus:
Your mother made it herself = Your mother did make it herself
did in het negatief = didn’t

dus: your mother made it herself, didn’t she?

hoop dat je het snapt haha beetje onduidelijk!

tags zijn best makkelijk.

Als het eerste deel in vt staat, komt het tweede deel ook in vt.

en zo dus ook met de tt.

en de tags (didn’t they, do they, enz…) zijn idd altijd het tegenovergestelde van het eerste deel van de zin.

do is bij tegenwoordige tijd
did is bij verleden tijd

Ik snap dat als je iets positief zegt dat je dan in het negatief zegmaar moet vragen maar wanneer gebruik je did en do want bij de vorm van to be weet je het meteen als het can is is het can’t en is is dan isn’t
Srry beetje onduidelijk :’)

nou als het werkwoord in tegenwordige tijd staat, zoals they buy, dan gebruik je do. als het in de verleden tijd staat, zoals she made, dan gebruik je did.

Oow volgensmij snap ik het (:
Egt heeeel erg bedankt :slightly_smiling_face:

het is gewoon hetzelfde principe

Tegenwoordige tijd: your mum has booked the tickets, hasn’t she? (je moeder heeft de kaartjes besteld)
verleden tijd: your mum had booked the tickets, hadn’t she? (je moeder had de kaartjes besteld)

do → tegenwoordig
didn’t —> verleden

het gaat hier niet over has/hadn’t