dringend vraagje of KANSREKENING (wis A vwo 5)

Wanneer gebruik je precies

[b]1. het vaasmodel (ik dacht bij combinaties zonder terugleggen?
2. de som regel en wanneer zet je daar dan 5 ncr 1 bijvoorbeeld voor?
3. de binomiale verdeling
en daarbij:

wanneer gebruik je bij de binomiale verdeling deze formule:
p(X=k) = (n ncr k) * p^k * (1-p)^n-k

en wanneer gebruik je:
binompdf (n,p,k) [/b]

ZO verwarrend allemaal!

zou ik misschien eerst mogen vragen welke methode je gebruikt? :stuck_out_tongue:

  1. Het vaasmodel kun je in principe bijna bij elke kansberekeningsom toepassen ik vind dat igg ontzettend handig!
  2. Je gebruikt het knopje ‘ncr’ wanneer er ook mogelijkheden zijn in andere volgorde. Bijvoorbeeld:
    je laat een schijf 5x draaien en je hebt 2appels 1peer 3banaan. Je wilt 2x peer en 3appel.
    De kans op peer = 1/6 en de kans op appel = 2/6
    Het maakt niet uit in welke volgorde je die 2peren en 3appels draait DUS je gebruikt bij het uitwerken

(5 ‘ncr’ 3)*(2/6)^3*(1/6)^2

  1. Nog nooit van gehoord ;o

Hopelijk is het nu beetje duidelijk!

Binomiale verdeling gebruik je als het met terugleggen is. Weet je wel hoe je hem moet gebruiken of niet ?

oh en binompdf gebruik je als het met terugleggen is en je bijv precies 5 successen moet hebben.