Bijles geven

Hoi,

Ik zit nu in 3 gym en ga bijles geven aan een meisje uit 1 havo.
Het gaat om de talen engels, frans en nederlands, en dan voornamelijk de grammatica.
Het is elke week 30 min.

Maar ik heb nog nooit bijles gegeven, dus ik wilde vragen of iemand tips heeft? Hoe ik de bijlessen in kan vullen en er dus voor zorg dat haar cijfers beter worden?

Je wil dus de 3 talen in 30 minuten doen? Ik kan je zeggen dat gaat niet lukken, het is makkelijker als je haar helpt met gewoon 1 taal, want de grammatica van alle 3 is compleet verschillend.
Verder heb ik niet zo veel tips behalve ben geduldig, het kan zijn dat je het 10 x uit moet leggen en dan nog snapt ze het niet. Verder ook let niet op de minuut precies, het kan zijn dat je met 1 opgave nog 10 minuten langer bezig bent, dat moet dan maar.

Ik heb toen ik in de derde klas zat ook bijles wiskunde gegeven aan mensen uit de eerste en tweede klas voor mijn Maatschappelijke stage. Vond het in het begin ook spannend en ik wist nog niet helemaal wat er precies van me verwacht werd. Wat mij opviel was dat de leerlingen de uitleg in het boek gewoon helemaal niet lazen, maar gewoon direct de opdrachten gingen maken om er maar van af te zijn. Neem de uitleg goed met ze door (lees het bijvoorbeeld voor, of nog beter laat het haar zelf voorlezen), verzin je eigen voorbeelden en oefenopdrachten ter plekke en probeer haar zo een beetje enthousiast te maken.

Bedankt voor de tips.

Het is zeg maar de bedoeling dat ik elke week kijk met welke taal ze hulp nodig heeft en dan de les aan die taal besteed. dus de ene keer frans en de volgende keer engels.
Ik krijg er 5 euro voor ongeveer een half uurtje, dus dat verdient dan wel lekker.

Ik zelf geef bijles in Engels, enkel de grammatica nu. Wat ik doe is eerst een duidelijk uitleg geven van bijvoorbeeld alle tenses (niet in een keer: de ene week een deel etc.) en dan VEEL oefeningen laten maken. Als sommige regels onduidelijk zijn, maak ik bijvoorbeeld een duidelijke schema om te laten zien waarom je de ene keer regel A gebruikt en de andere keer regel B. Ik geef hem soms extra opdrachten mee of ik “overhoor” alles even.