Al het slechte '

Dit verhaal gaat over Cecilia. En de bijzondere gebeurtenissen die zij heeft meegemaakt in haar leven en hoe zij hier mee om gaat. Tips zijn altijd welkom! :hugs:


Fietsend tussen de weilanden laat ik mijn dromen los. Kijkend in de verte laat ik mijn gedachten gaan. Denkend aan de tijden dat ik nog vrolijk mijn bed uit kwam. Verlangend terug kijkend op de ochtenden dat ik zin had in de dag. Fietsend tussen de weilanden denk ik terug aan de tijd dat ik een onbezorgd leven had.
Op dit moment fiets ik weer tussen de weilanden, denkend aan de tijd dat ik vroeger in Spanje op straat touwtje sprong. Bij die gedachte moet ik glimlachen. Ik schrik op uit mijn gedachte als iemand mijn arm pakt. “Cecilia, word wakker. We zijn er bijna,” zegt mijn broer David. We zijn op weg naar zijn nieuwe vrienden in Treienhoek. Hij heeft ze pas ontmoet en had vandaag afgesproken. We zouden vandaag naar Zuchpen gaan en hij wilde me niet alleen daarheen laten fietsen. Vandaar dat ik nu met hem mee gaan naar zijn nieuwe vrienden. Veel zin heb ik er niet in, het zijn vast allemaal van die gangsterboys. Dat is echt David’s stijl sinds ‘al het slechte’. Vanochtend toen ik wakker werd zat hij opeens naast mijn bed, hij kwam met het plan en zei dat ik me moest aankleden. Toen ik er naar een kwartier nog niet uit was sprong hij boven op me en begon me te kietelen. David en ik zijn heel close. Onze ouders waren niet thuis dus we hebben feestelijk ontbeten. Nu zijn we dus op weg naar zijn nieuwe vrienden. Op deze weg fiets ik minimaal een keer per week en de bestemming is meestal niet echt fijn. Als we Treienhoek in fietsen slaat hij gelijk naar rechts. Ik weet dat die kant van dit kleine dorpje niet de beste kant is. “David, waar gaan we heen?” fluister ik zenuwachtig.

upje

joahhh? hier weer een stukje dan !

. “Rustig maar, ze zijn gewoon aardig hoor. En mijn kleine zusje doen ze niks.” Hij legt zijn hand op mijn arm en zo fietsen we door. Als we bij de afgesproken plek aankomen zie ik een stuk of vijf jongens staan. Ze beginnen te joelen als ze ons zien, ik denk om de hand van David op mijn arm. “David, ik wist niet dat je een meisje had jongen!” schreeuwt er een. David stapt lachend van zijn fiets en doet zijn jongens vorm van handje klap met de jongen. Ik moet er altijd hard om lachen. Deze keer niet, deze keer sta ik een beetje achter David. Niet wetende wat ik nu moet doen. “Nee man, dit is niet mijn meisje. Dit is mijn kleine zusje.” De groep moet lachen en ik word aan iedereen voorgesteld. Ik voel me wat meer op mijn gemak. We gaan op de twee bankjes zitten die op het pleintje staan. Het is bijna helemaal afgeschermd door bosjes en muren. Ondanks dat ik me wel op mijn gemak voel , ga ik toch naast David zitten. Hij legt geruststellend zijn hand op mijn knie. De jongens glimlachen als ze dat zien. “Jullie zijn wel close he?” vraagt de jongen links van David. Hij heeft zich voorgesteld als Thijs. David moet lachen. “Ze is mijn enige zussie, en ik ben er al meer dan een keer bijna kwijt geweest, dus ik moet een beetje zuinig zijn op haar. He, Cecilia?” Hij knijpt in mijn neus en ik moet lachen.

verderrrr (:
tip; misschien iets langere stukjes per keer posten. ik vind korte stukjes persoonlijk nogal vervelend. en je schrijft nu een leuk verhaal, dan is het zonde om maar van die kleine stukjes per keer te posten!

zal ik doen ^^
_____________-
“Hou op David, ik kan het zonder jou ook wel aan hoor,” zeg ik arrogant. Als ik zijn verbaasde gezicht zie moet ik lachen. “Haha, je moet je eigen gezicht eens zien. Kneus, natuurlijk kan ik het niet zonder jou.” Snel geef ik hem een knuffel. Dan komt er nog een jongen aangelopen. Hij heeft een bal meegenomen en stuitert hem in zijn linkerhand. Hij word door iedereen begroet. “Dat is de jongen die had gevraagd of ik hierheen kwam. En dat is de jongen die ik heb gevraagd of jij mee mocht,” fluister David in mijn oor. De jongen komt naar David toe. “Ewa David, hoe gaat het? Leuk dat je er bent man,” en ze doen weer hun handjeklap. David begroet hem net zo hartelijk. Dan valt zijn oog op mij. Ik bloos onder zijn blik. Hij heeft de mooiste blauwe ogen die ik ook heb gezien. Vragend kijkt hij David aan. “Is dit nou je kleine zusje? Ik had wat heel anders verwacht,” zegt hij lachend. Ik vind mezelf terug en reageer ad rem: “Wat had je verwacht dan?” De jongen lacht en stelt zich voor als Max. “Ik had een klein meisje van 8 verwacht zoals hij over je praatte.” Zuchtend kijk ik naar David. “Hoe doe je dat toch David, op de een of andere manier weet jij mij altijd jonger te praten. Dat ga ik onthouden als ik straks 80 ben en vol rimpels zit,” zeg ik tegen hem. De jongens moeten lachen. Ze kijken goedkeurend naar me, ik voel hun bewondering. Ook David kijkt trots, hij weet wel dat zijn kleine zusje zich staande kan houden. We gaan weer zitten en ze beginnen over jongenszaken te praten. Af en toe vang ik delen van het gesprek op. Het gaat zoals altijd over leuke chickies die ze hebben gezien. In mijn zak trilt mijn mobiel. Het is mama die belt. Ik loop een eindje weg en neem op.
“Hoi mama, hoe is het?”
“Hee Cecil, goed hoor. Waar zit je?”
“Ik ben met David in Treienhoek. Hij had afgesproken met zijn nieuwe vrienden en omdat we toch naar Zuchpen moesten. Hij wilde me niet alleen laten fietsen dus had hij voorgesteld dat ik even meeging.”
“Zijn het allemaal jongens daar?
“Ja mam, allemaal jongens.”
“Doe je voorzichtig? Wat heb je aan kindje?”
“Rustig mam, ik doe altijd voorzichtig. Gewoon een broeklegging, een wit hemdje en mijn lekkere rode vest. Hoezo?”
“Gewoon, ik dacht dat je je goeie kleren aan had. Je weet dat ik dat liever niet heb als je naar Zuchpen gaat.”
“Weet ik mam, maar ik ga ophangen. Wil je David nog even?”
“Ja, dat is goed. Ik zal zeggen dat hij goed op je moet passen.”